Alle nieuwsberichten

Terug naar de homepage

Tip van de week: Diane Broeckhoven
25 juni 2014

Diane Broeckhoven, schrijfster en journaliste, koos voor Muren gaan niet dood van Leen Raats.

"Deze korte impressie rond het sterven van een moeder doet me denken aan het kookprogramma 'Dagelijkse Kost' en dat mag niet als een gebrek aan respect worden beschouwd. De associatie wordt me ingegeven omdat Leen Raats net als Jeroen Meus gebruik maakt van pure en doodgewone ingrediënten - woorden in dit geval - die ambachtelijk en met liefde tot iets verfijnds worden getransformeerd.  Geen gezwollen taal of pathos, maar dagelijkse kost om een tragedie te verwoorden.

In dit stukje proza, waarin kwetsbaarheid en machteloosheid doorklinken, herkent iedereen wel iets. Het raakt de lezer. Het veroorzaakt kippenvel.  
'Hoe de wind met lange vingers door de bomen graaide' is een zin die in mijn hoofd blijft nazinderen. Een zin die suist en beweegt, die vaart brengt in een klein verhaal dat tegelijkertijd beweeglijk en heel stil is."

Tip van de week: Bart Stouten
18 juni 2014

Bart Stouten is dichter en presentator bij Klara. Hij koos voor Na mijn dood, een gedicht van Ingrid.

"Iemand wordt een berg genoemd, een berg die in beweging komt, als een gletsjer. Tegenover de dynamische natuurkracht, die verplaatst wordt naar het beeld van een trekpaard, staat de ontwapenende kwetsbaarheid van een stel babywangen. Wat ik in dit gedicht mooi vind, is de wijze waarop de aangereikte elementen een spoor achterlaten, doordat de dichteres ze verderop weer oppikt: het water dat aan het begin de berg omringt, verschijnt halverwege het gedicht opnieuw; de zachte wangen worden de aaibaarheid van een stad. De markante oppositie tussen hard en zacht werkt sterk door en loopt aan het slot uit op het onverwachte beeld van een long die bewoond wordt, door een adem die kosmisch overblijft na de dood. Ik houd ook van het gevoel voor melodische fijnzinnigheid dat de dichteres betracht. De laatste vier verzen zijn het tegendeel van lettergrepen die stuiteren en haperen. Integendeel, de taal vloeit moeiteloos, als een soort lava, tussen de getekende elementen van het onvergetelijk beeld. Ook knap is de continuïteit van het leven, zoals gesuggereerd in een gedicht met de titel ‘Na mijn dood’: golven, schuim, en alles wat transformeert in de blijvende adem van paard, van baby, van stad."

Tip van de week: Inan Akbas
11 juni 2014

Inan Akbas is auteur van de romans De Nullen en Caleidoscoop en uitgever bij Beefcake Publishing. Hij koos voor Achter de muur van Mattijs Deraedt.

"Een good old story over Eros en Thanatos. Meer moet dat niet zijn. Meer mag dat niet zijn. In vier paragrafen schetst Deraedt het wezen van de mens. De openingszin prikkelt de nieuwsgierigheid van de lezer en schept verwachtingen. Wij worden al in de eerste alinea een voyeur, evenzeer als de ik-persoon. Er is niets anders te doen, stelt de schrijver. Op ons wacht enkel een oneindig zwart.

Er is een waarheid ontdekt. Maar het is moeilijk om daarmee om te gaan. Soms is dat onmogelijk. Om die duisternis te vergeten, te ontvluchten, te negeren, storten we ons op onze driften. De verbeelding mag ons meenemen, moet ons vervoeren. We gaan op avontuur met de vrouw van onze buurman. Gij zult niet begeren uws naasten vrouw. We verkrachten de Geboden. God en de Bijbel hebben geen macht meer over ons, dixit Deraedt. De ik-persoon, eenzaam, kiest voor de kleine dood. En kijkt al uit naar het origineel."

Tip van de week: Lies Van Gasse
4 juni 2014

Lies Van Gasse is dichter en kunstenaar. Ze koos voor een puntdicht over De Groote Oorlog van Leen Pil

"Een goed gedicht is een soort lichaam. Het beweegt, pulseert, heeft een leven in zich dat van buitenuit niet altijd even makkelijk te bevatten is. Ook is het soms een kwestie van maten en proporties. Er zijn geen wetten. Waarom is het ene gedicht te lang, het andere te kort? Waarom zijn we soms onder de indruk van een groots lichaam, en kan het bij een andere persoon net een plompe, weinig verfijnde indruk geven?

Net zoals er in het dagdagelijkse leven heftig commentaar gegeven wordt op wie uiterlijk afwijkt van de middelmaat, vergt het durf een gedicht te schrijven dat afwijkt van de norm. Leen Pil trof mij daarom in het bijzonder met een puntdicht, over De Groote Oorlog.  In twee korte regels wekt zij een spanningsveld op dat de lezer aantrekt, maar vertroebelt. Wie op Azertyfactor haar andere puntdichten gaat lezen, merkt dat de reeks  een betoverende serie raadsels is geworden, die van de sluier tipjes opheft."

Tip van de week: Geert Briers
28 mei 2014

Geert Briers is al jaren actief in het boekenvak en debuteerde in 2012 zelf als dichter. Hij is sinds kort ook 'Dichter van Braakland' voor het gelijknamige Radio 1-programma. Geert koos voor Z.T. van IT.

"Dit gedicht valt me lastig. Hier wordt een ongemakkelijke sfeer genadeloos scherp getekend. Geen ontkomen aan. De dichter beeldhouwt met taal. De zinnen ‘kloppen’ niet altijd en soms kantelt de betekenis halverwege de zin. Er lijken ook woorden te ontbreken. Toch leest dit gedicht nooit geforceerd en net wanneer de korte, haaks in elkaar gestoken, zinnen té nadrukkelijk worden, komt een lange zin die de achtergrond van het verhaal vertelt en die ademruimte geeft. Het is zo’n gedicht dat je graag leest en herleest.

Ook knap is de keuze voor simpele maar trefzekere woorden. Dat maakt dat een zwaar woord als ‘leugens’ ook daadwerkelijk doorweegt.Toch dit: als dichter mag je jezelf een cadeau doen met de titel van je gedicht. Je verleidt er de lezer mee om je gedicht te lezen én het is een sleutel tot de tekst. Daarom vind ik de titel Z.T. een gemiste kans. Het gedicht tekent zich duidelijk, maar abstract, de titel had er iets aan kunnen toevoegen. Nu was de afkorting bijna de reden waarom ik het niet zou lezen."

Tip van de week: Dimitri Verbelen
21 mei 2014

Dimitri Verbelen schrijft columns voor de Gentse stadskrant 'Dzjoef', recenseerde muziek en boeken voor 'Cutting Edge' en is de auteur van het theaterstuk 'Het Vertrek' en het boek 'Vrolijk Relativerende Liga ter bestrijding van Azijnpis en Verzuring' . Zijn gelijknamige Facebookblog telt meer dan 31.000 volgers. Dimitri koos voor Overstuur van Valérie Du Pré

"Van nature ben ik niet geneigd om mensen die witte chocolade boven zwarte verkiezen, leuk te vinden. Het hoofdpersonage in dit verhaal stel ik echter met veel plezier vrij van mijn neurotische dwalingen. Hoofdzakelijk omdat ik ergens, in een ver verleden, verbondenheid voel met de gedachten die over het asfalt rollen. Het dwangmatige zelfvertrouwen en de onzekerheid die er doorheen schemert zijn herkenbaar zonder te vervallen in clichés. Dit is een korte roadmovie met een klein verhaal. Dat betekent echter niet dat er geen grote ambitie in schuilt. Voor iemand die zelf heel vaak zijn alter ego (D!) onder teksten plakt, ben ik gek genoeg geprikkeld om te weten wie er achter dit stuk zeep verscholen zit."

Tip van de week: Hilde Keteleer
14 mei 2014

Hilde Keteleer is auteur en literair vertaalster. Ze schreef o.a. Puinvrouw in Berlijn en de bundel Deuren.  Hilde is docente aan SchrijversAcademie en de Academie van Ekeren en begeleidt literatuurgroepen. Ze koos voor een titelloos gedicht van Kris De Lameillieure.

"Een gedicht over moeders en mannen, je leest het wel vaker, maar nooit op deze manier: de beginregel is echt een superieure vondst, de zonen als dragers van de moeder. Het is een afscheidsgedicht, de mannen dragen hun moeder naar haar laatste rustplaats, maar tegelijk verwijst het gedicht naar het leven voor de geboorte, de zwangerschap toen de moeder hen droeg, een mooie cirkelbeweging. En ook het ritme draagt: je stapt als het ware mee, gebogen onder de last van de kist.

De vele k’s (koppig, kijken, wierook, klemmen) suggereren dan weer dat de tanden op elkaar moeten, er mag niet gehuild.

Treffend zijn ook de elkaar echoënde enjambementen van telkens de eerste regel van de eerste strofen: ‘we houden’ – ja, denk je, we houden van haar, maar dan komt dat verrassende ‘onze hoofden koppig’. En in de tweede strofe: Zo hard (verwijst weer naar dat koppige) hielden / we nooit – heel mooi dubbel, want de lezer mag zelf invullen: hielden we nooit van elkaar, hielden we onze tanden nooit op elkaar. En ook wat volgt is suggestief, ‘was ons iets meer’:  geliefd, verloren,... Het slepende binnenrijm ‘geslagen verdragen’  is het eind van het gebogen zijn, want in de derde strofe overwint de mooie herinnering aan de zachte hand van de moeder de rouwpijn en worden de ruggen gerecht. Een prachtig eerbetoon aan een moeder."

Tip van de week: Deus Ex Machina
7 mei 2014

Deus Ex Machina is een driemaandelijks tijdschrift voor actuele literatuur uit binnen- en buitenland, met bijzondere aandacht voor jonge en/of debuterende auteurs en vertalers. De redactie van het magazine koos voor Een warm bad is als een tweede moeder en Luchtbel (Cut-up Poetry), twee gedichten van Leen Pil.

Uit de recentste oogst heeft Deus ex Machina gekozen voor twee gedichten van Leen Pil. Zowel Een warm bad is als een tweede moeder als Luchtbel (Cut-up Poetry) maken indruk. Waar andere inzendingen dikwijls verstrikt geraken in ijdele formuleringsdrang of nog nood hebben aan een strengere redactie, staat de poëzie van Leen Pil als een huis (met vele kamers). De taal is precies en beheerst, en de trefzekere woorden zijn in hun onvermoede verbanden erg rijk aan betekenis. Onder het schijnbaar perfecte ritme en de  bijzondere poëtische klank huist een ontregelende inhoud. Kortom, gedichten die je niet noodzakelijk direct begrijpt, maar die al vanaf de eerste lezing uitdagen, verwarren én verleiden."

Tip van de week: Ingrid Verhelst
30 april 2014

Ingrid Verhelst is auteur, schrijfdocent en bezieler van Schrijfschool Gent. Van haar verscheen onder meer De verzamelde levens van Paula S. Zij koos voor Bloemkool en een flesje cola, een tekst van Delfien Vanden Heede.

"Ik laat me graag verrassen, verleiden, meeslepen.

Een eerste zin die prikkelde, een opstart die me goesting deed krijgen, daar zocht ik naar. 
Het werd: Nacht Nonkel heeft de radio aangezet. Die nachtnonkel deed het hem!
Het was even slikken toen hij een typografisch foutje bleek te zijn, maar intussen was mijn aandacht al getrokken door HETE POEZEN en nylonkousen. Van meeslepen gesproken …

Is Bloemkool en een flesje cola een perfecte tekst? Verre van!
Sommige zinsconstructies lopen mank, er mag worden geschrapt en er ontbreekt helderheid. Delfien Vanden Heede legt niet altijd de juiste accenten. Er wordt bijvoorbeeld te veel aandacht besteed aan die autoalarmen, terwijl de dood van de tante in mist blijft gehuld. Ik voelde me ook wat misleid. Zo was de vertellende ‘ik’ voor mij vrouwelijk. Een pubermeisje. (‘De Heer heeft andere plannen, kind.’) Een kind kan zowel mannelijk als vrouwelijk zijn – klopt – maar in de spreektaal duidt de aanspreking meestal op een meisje.Bovendien wordt de suggestie pubermeisje nog versterkt omdat de ‘ik’ het vrij vaak heeft over ‘de mannen’, en omdat ze tijdens hun actie achterblijft in het vrouwenkamp.
Wanneer de volgende morgen ‘het kind’ opeens een flink stuk ouder blijkt, én transseksueel, voel ik me een beetje voor schut gezet. Het lijkt me onwaarschijnlijk dat zijn/haar familie niets van die borstoperatie afweet, en ik geloof nog minder dat zo’n stelletje pezewevers een geslachtsverandering accepteert.

Er is dus nog werk aan de winkel, maar niettegenstaande die uitschieters, houdt het verhaal me tot het eind in de greep, en schept Delfien een wereld en een situatie die me boeien. Zonder tierlantijnen.

Met het nodige schrap- en schaafwerk kan Bloemkool en een flesje cola een verhaal worden dat staat als een huis! "

Tip van de week: Gaea Schoeters
23 april 2014

Gaea Schoeters (1976) is auteur, journalist, scenarist en reiziger. Ze debuteerde met korte verhalen en schreef het reisboek Meisjes, Moslims & Motoren en de romans Diggers en De kunst van het vallen. Ze koos voor Donderslag van Rino Feys.

"Donderslag deed me denken aan een schilderij van Borremans. Op het eerste gezicht lijkt alles heel normaal, maar toch voel je dat er iets niet klopt. Alsof de werkelijkheid een tik heeft gekregen, en alles wat verschoven is. Wat uit de haak zit. Waardoor wat lieflijk lijkt unheimlich wordt. Die jongen wil ik leren kennen, dacht ik na de eindzin. Hoe loopt het leven van iemand die zo koppig achter zijn gelijk blijft staan? Plooit het zich naar hem, of is het toch de jongen die moet buigen, als een balk die barst? Je weet het antwoord al, maar net daarom lees je voort, omdat je hoopt dat het anders loopt."

Deze pagina is enkel toegankelijk op een groter scherm.

Home