’s Avonds laat krijg ik met moeite
de deur op slot gedraaid,
alle lichten uitgeknipt,
de laatste kaarsen uitgeblazen,

 

het kost me kracht en heel veel adem
om die rook te zien opkringelen
in complete duisternis
die me daarna vergezelt

 

de trap op, waar mijn lakens wachten,
die ik amper over me heen krijg,
waarna ik moet vechten en stribbelen
tot mijn oogleden dicht willen vallen

 

en afscheid nemen voor even.

 

Gelukkig is er altijd nog de waakvlam.

Geschreven door Felix Sandon op 26/12/2016 - laatst aangepast op 26/12/2016

  • poëzie

Deze pagina is enkel toegankelijk op een groter scherm.

Home