Kom in de winter, wanneer we ons ’s avonds
in dikke dekens wikkelen
en rillen bij het kampvuur in de kamer,

 

kom in de lente, wanneer de vogels
in en uit de kamer vliegen
en nesten maken in elk hoekje,

 

kom in de zomer, dan slapen we
buiten in het lange gras,
tot de ochtenddauw onze zorgen wegwast
en we opdrogen in de ochtendzon,

 

of kom in de herfst, wanneer de bomen huilen
in rood en bruin en geel
en ze zo de vloer bedekken
met het tapijt waarop we dansen,

 

maar nooit zal mijn huis deuren hebben,
nooit zal je voor een gesloten muur staan.

 

Geschreven door Felix Sandon op 11/06/2017 - laatst aangepast op 11/06/2017

  • poëzie

Deze pagina is enkel toegankelijk op een groter scherm.

Home