Wij liggen zij aan zij als twee makrelen in de verstoog.

Jij vindt dat een ongelukkige vergelijking, keert me de rug toe

en zucht de fles wijn van een lichamelijke avond de kamer in.

Het is jouw manier om de aanstormende dag te verjagen.

 

Aan de andere kant van de muur wordt een nieuwe wereld opgetrokken uit lakens.

Ik hoor zijn scheppers fluisteren om de realiteit niet wakker te maken.

Dit rijk staat of valt met wasknijpers. Ik zou het willen veroveren

en in het nachtkastje van mijn geheugen achterlaten.

 

Ondertussen loert de schemer binnen. Ik negeer zijn blik,

verdwijn liever onder het deken van ons gemoedelijke leven.

Twee makrelen spartelen nog even tegen.

Geschreven door Antony Samson op 20/01/2018 - laatst aangepast op 20/01/2018

  • proza
  • poëzie
  • flitsverhaal

Deze pagina is enkel toegankelijk op een groter scherm.

Home