Liefste papa,

 

Afgelopen zaterdag was het kerst. Dat zijn we bij tante Annie en oom Jan gaan vieren. Ze hadden hun huis versierd met duizenden lampjes in alle kleuren van  de regenboog en in de woonkamer hadden ze speciaal een hele grote kerstboom gezet.

Een echte! Er lagen tien pakjes voor mij onder. Voor zus maar vier en voor mama twee. We hebben hard gelachen toen opa zijn cadeautje opendeed. Er zat een nieuw vals gebit met tandenborstel en een tube tandpasta in. Het oude heb ik gekregen.

Ik ga het in een glas water op mijn nachtkastje zetten, net zoals opa dat doet.

Tante Truus was er ook. Mama zegt dat ze maandag terug naar het centrum moet.

Ik denk dat ze het huis voor oude mensen bedoelt, maar zo oud is tante Truus toch niet?

 

Als voorgerecht waren het zelfgemaakte kaaskroketten van oma.

Ik heb er zoveel gegeten dat ik de tel ben kwijtgeraakt.

De ijstaart kwam uit het centrum, maar niemand heeft ervan kunnen eten.

Tante Krista heeft ze per ongeluk omgestoten. Maar niemand vond dat erg,

want zotte mensen kunnen toch niet koken, zei oom Ruud.

Ik heb geweend, want het was er eentje met chocolade én slagroom.

 

Tante Truus is na de koffie samen met mij een engel gaan maken. Buiten in de sneeuw. Dat is superleuk. Je doet dat door met je armen en benen tegelijk te zwaaien. Maar eerst moet je wel op je rug gaan liggen.

Zus heeft een sneeuwpop gemaakt. De ogen en neus waren restjes van de kaaskroketten. Ik heb er het oude gebit van opa ook nog ingepropt. Mama heeft er een foto van getrokken. Ze gaat hem voor ons afprinten op fotopapier. Ik hang hem zeker en vast op in mijn kamer.

 

Papa, ik vond het echt jammer dat je er weer niet bij kon zijn, want we hebben

mens-erger-je-niet gespeeld en zijn pas gestopt na middernacht. Ik was nog helemaal niet moe. In bed heb ik eerst een Rode Ridder gelezen en daarna stiekem onder de deken dit briefje geschreven. Ik hoop dat ik niet teveel fouten heb gemaakt, want spelling is niet mijn beste vak op school. Voetbal en hoofdrekenen doe ik het liefst.

 

Wanneer ik je terug zal zien weet ik niet. Eric, mijn beste vriend zegt dat ik zal moeten wachten en dat dat nog heel lang kan duren.

Of dat waar is weet ik niet.  Soms geloof ik hem en soms wou ik dat ik morgen al bij je was.

 

Liefste papa, over enkele dagen is het 2018. Mama, zus en ik

gaan dan hamburgers eten en naar het vuurwerk kijken in de stad.

De zelfgemaakte rijstpap van tante Truus eten we daarna thuis op.

Als er nog wat over is, stop ik volgende week na school bij het kerkhof.

Dan kan jij ook eens proeven.

 

Ps. Ik mis je.

Ps. 2 Zus mist jou ook.

Ps . 3 Mama mist jou ook.

Ps. 4 Ik mis jou meer dan mama en zus!

Geschreven door Sascha Beernaert op 20/01/2018 - laatst aangepast op 20/01/2018

  • proza
  • flitsverhaal
  • kortverhaal

Deze pagina is enkel toegankelijk op een groter scherm.

Home