Ziedaar, 's avonds aan een gammel bureautje, de opgerookte resten van een gewezen jongeling.

Drie koters en dito officiële vrouwen later gooide hij - vermomd als eersteklas potente alpha- een, tot nader order, laatste uitgerafelde lijntje uit. Uiterààrd hapte ik toe.
Ik, de droge rivierbedding afspeurend naar een druppel tederheid. Ik, die genoeg had van de lunatieke grillen van een eerdere amoureuze dwaling.

Ik, de dwaas, nu zittend aan een al even gammele tafel. Twee meter ijle lucht tussen ons en oneindige stilte.


Hij staat op, dooft ongevraagd het licht en daarmee mijn woorden op papier.

En daarmee mij.

Geschreven door Vanessa Daniëls op 27/02/2018 - laatst aangepast op 03/03/2018

  • proza
  • flitsverhaal
  • kortverhaal

Deze pagina is enkel toegankelijk op een groter scherm.

Home