je meldt me dat je iets later komt.

in mijn rugzak de steen die ik kwijt moet

of de hernia dreigt. ik sta op ons vorige trefpunt,

het midden van een brug. je vraagt of mijn geduld

de jaren overspant. de rivier die van hoger komt woelt

slib los,  voert het af als een herinnering die hindert.

 

de loop kiest de minste weerstand,

water is buigzamer dan de wil waarmee ik die wet weiger.

de rivier lispelt iets dat klinkt als ‘laat los, laat los’.

stroomafwaarts legt de rivier lussen in het land.

de bron weet niets van de monding.

 

de rivier voert een teveel af.

ik voeg daar de steen aan toe.

hij zinkt niet, hij drijft als een vlot van me af.

mijn geduld kalf af als een oever. even overweeg ik de duik.

het geluid van een waterval in de verte waarschuwt mij

ik kies mijn kant van de brug.

Geschreven door Wim Vandeleene op 21/04/2018 - laatst aangepast op 21/04/2018

Deze pagina is enkel toegankelijk op een groter scherm.

Home