moord rust langs de weg

de katjes alle kantjes zijn geklost

 

schat

ik weet

ik wist het

dat jij altijd op mij

hebt gewacht

 

je had mijn handen al

ze wilden het 

hebben je elk keer

weer uitgekleed

 

schat

ik zag het

proefde licht

jij was voor mij

getooid in bladeren van suikerzuur

soms weer gewoon

die appel voor mijn oog

of een gescheurde non

 

op elke klamme dag

ik knielde in mijn groenselhof

stak heel alleen

mijn wortel in de grond ik wilde

los van alles zocht waar was

ons noorden waar jouw zee

 

schat ik heb gefluisterd

in de oortjes van dat mosseltje 

vroeg aan het sluitspiertje

laat mij niet los

wurg hem desnoods gezwollen

was de dwerg in zijn gelaat

broedde de dood

 

ik voel het schat

je lacht

en

je ligt

als ik thuiskom in de tuin

tussen stengels de rabarber schuilen ze

je lipjes

zijn

doorbloed blij is

het fel radijzenrood

 

 

 

uit de reeks 'Voeder de vlinders'

 

Geschreven door Dimitri Dendonder op 24/11/2018 - laatst aangepast op 07/04/2019

  • poëzie

Deze pagina is enkel toegankelijk op een groter scherm.

Home