Zoiets als stapgewijs in de schemer vertellen wat er is achtergebleven,
en met vele vragen bedenken dat ook gadeslaan hoog over ons vliegt,
lijkt me zonder discussie op een avond als deze, liters wijn bestempelen
dit schouwspel, ondermaats, zie je hoeveel de man met twijfel in de hoeve heeft,

in ieder geval bekokstooft hij een nuance op al wat hij zeggen zal:

niet ‘ik heb geleerd’, maar ‘één of ander aspect dat mij aanzette tot enig opzoekwerk.’
Niet ‘wat kan er nog meer zijn?’

maar ‘wat u bedoelt met die zin slaat helemaal nergens op’.

Het zaait een zekere specifieke spanning die me bereikt in meerdere dagen,
ver weg van hier wordt het feest al gevierd.
Beste luisteraar, het betreft hier een faalangst van rijke maar familiaire afkomst.
Ik heb getwijfeld, en zal nog twijfelen ook, maar dat wil niet zeggen
dat ik me niet ook wel eens groter dan mezelf waan,
waar een weg is, is een naam, en waar ik roepen wil, daar zal ik,

onopgemerkt, staan wachten.
Op het moment dat alles even te veel wordt, richt ik mij tot u,
te laat komt de toekomstgewijze zin in meer berichtgeving
omtrent de sprint naar een verloren plek, waar ik me overgeef aan te veel,
te veel ondanks dat ik ook maar een mens ben, dat ik ook maar een mens wil,
meng de gekte met waanzin en u krijgt vrede.
Grove woorden, besluiten, zingen, laten me achter in een zekere staat,
op hypnotiserende wijze bericht gekregen van vijand nummer 1,
mijn wijzerszin zegt me te zeggen wat er nog niet op zijn plaats staat.
Dus ik vergeef vergeten zonden en begeef me op glad ijs,
weersta de drang naar meer en verlies me in het gekende noorden.

Geschreven door Dries Verhaegen op 29/12/2018 - laatst aangepast op 29/12/2018

  • poëzie

Deze pagina is enkel toegankelijk op een groter scherm.

Home