in de ligstoel van de tandarts

leun ik verkrampt achterover

als in de cockpit van een raket

het plafond wordt mijn kosmos

 

hij brengt een lamp als een ster

boven mijn gezicht, verblind tel ik af

voor de start en op hoger bevel

open ik mijn mond

 

hij schijnt in de diepte

zoals speleologen naar grotten kijken

buigt hij over de holte die ik niet langer

met gelaatstrekken verbloemen kan

 

*

 

buiten mijn blikveld vraagt hij

een instrument aan zijn assistent

mijn angst maakt er een tang van

met open mond kan je moeilijk kwijt

dat het trekken van een kies een lijfstraf is

van twee eeuwen terug

 

hij slijpt wat tandsteen weg

zuigt aan speeksel en zoekt naar gaten

in glazuur, het witte vernis waarachter ik schuil 

als ik lach of grijns, ik moet de tanden sparen

voor als ik oog in oog met sterker sta

 

zonder adem je de lippen in

krijg je een lelijk spraakgebrek

waarmee je weinig vrienden wint

Geschreven door Wim Vandeleene op 30/05/2019 - laatst aangepast op 01/06/2019

Deze pagina is enkel toegankelijk op een groter scherm.

Home