Terwijl de meisjes bessen plukten

En de jongen op het erf

Met zijn moeder sprak

 

Zij in de keuken met haar man

Over aardappels te rooien

Of nog wachten en dan

 

Vlogen ze allemaal naar achter

Weg van het huis

Dat zich vouwde om hun ouders

 

En plots onbewoonbaar werd

 

Er zat niets anders op dan trouwen

Met de jongen nu mijn man

Met de meisjes nu mijn kinderen

 

Zo sloeg de oorlog in op mij 

Twintig was ik onverwacht

Moeder van een heel gezin

 

Dat elk jaar groter werd

Zonder zeep zonder luiers

Vocht ik mij de jaren door

 

Is het vreemd mij af te vragen

Hoe het anders was geweest

Als die bom wat verder was gevallen

 

Op een akker of een bos

Geschreven door Christine Van den Hove op 09/11/2014 - laatst aangepast op 11/11/2014

  • poëzie

Deze pagina is enkel toegankelijk op een groter scherm.

Home