playboy

Gabriel Rooms
22 mei 2020 · 0 keer gelezen · 0 keer geliked

De keukenkasten en deuren trilden nog na van de veldslag die luttele seconden eerder was geleverd en slechts één winnaar kende. De leeggevreten borden macaroni in de oven stonden erbij en keken ernaar, stenen en stille getuigen van een smeulend generatieconflict. De uitgespoelde mosterdglazen waar wij water uitdronken rinkelden nog na, kleine kringetjes vormend op de besmeurde onderleggers. Bestek lag in willekeur wijzend naar de aanstichters maar vooral naar het slachtoffer. Opnieuw had ik geen enkele poot meer om op te staan. Mijn haar moest af!

Mijn ouders hadden dat unaniem beslist, zo kon het niet verder. Sterker nog, ze hadden al een afspraak bij de kapper gemaakt. Nog voor de klok drie uur sloeg zou het allemaal achter de rug zijn. Mijn ouders gingen in het afgeleefde tuinmeubilair zitten in de veranda, daar kwamen ze even op adem. Nog eenmaal keek ik ze dreigend aan, banbliksems en verwensingen ten spijt, ze waren onwrikbaar. Dat in mijn haar mijn kracht zat, dat iedereen me mooi vond met mijn krullen! Het deed ze niets, ik was gedoemd een oude vrijer te worden. Een sjarel die voor eeuwig op het ouderlijke hof zou moeten blijven hokken. Het was jaloezie, dat wist ik wel. Mijn vader was zelf kaal. Al heel vroeg verloor hij al zijn haar en hij kon maar niet verkroppen dat ik nog haar had. Hij haatte lang haar, omdat het hem deed denken aan een tijd waar hij zelf nog aanspraak op succes kon maken. Het leek al eeuwen geleden, nu.

Ik nam mijn fiets en fietste de twee kilometer lange kruisweg naar mijn beul. Boven op de brug over de autosnelweg dacht ik even aan springen. Ik zag opspattend water vanonder de reuzevrachtwagenwielen komen en dacht daar mijn verlossing te vinden. Toch daalde ik af. Misschien moest ik doorrijden naar Gent en daar vlug iemand opscharrelen. 

Op automatische piloot dreef mijn fiets me tot vlak voor het kapsalon. Ik wuifde zachtjes de wereld gedag. Aan de deur stond hij me lachend aan te kijken. Schort, schaar en snor. Én deodorant die naar lavendel rook. Hij was de enige kapper bij ons in het dorp. Volgens mij kon hij maar één model knippen.  Tondeusekort vanachter, opgeknipt langs de oren en met een frivool kuifje.

Ik, de veroordeelde, ging zitten in de kappersstoel. Sowieso een vreselijk moment is dat. Je weet dat je een niet geringe tijd jezelf zal moeten aanstaren in een te grote spiegel die genadeloos je tekortkomingen blootlegt. Jean-Pierre, zo heette de kapper, schiep er een sardonisch genoegen in mijn onzekerheid maximaal uit te spelen. Nadat hij de schort had omgedaan begon het eerste deel van zijn marteling. Het was telkens hetzelfde liedje, ik wist wat er ging komen en dook in elkaar.

Hij tuitte zijn lippen en sputterde enkel: ‘ts ts ts’….

‘Wat is er?’
‘Hoe oud ben jij nu?’
‘Zestien…’

Hij keek me nu heel strak aan via de spiegel en lachte een heel klein beetje. Wreef zijn handen door mijn haar en vroeg: ‘is uw pa kaal?’

Ik sloot mijn ogen. Schaakmat.

‘Ja.’

‘Nog twee jaar, dan is het bij jou ook zo ver. Tenzij ik het nu kort zet natuurlijk. Dan heb je een kans dat het nog een jaar langer blijft staan.’

Buiten klonk geraas van opkomende wind, regen viel met bakken uit de lucht en sloeg tegen de ruiten van de kapperszaak. Op Radio 2 klonk de top dertig, Andrea Bocelli beheerste toen de hitlijst met de jammerklacht “con te partiro”. Een droeviger soundtrack bij de ondergang van mijn puberteit was niet denkbaar. De gevolgen van wat kwam zou zich nog wekenlang laten voelen in mijn gefnuikte leven.  

Nog twee jaar dus en mijn hele bestaansreden zou weg zijn. Nog twee jaar om een vast lief te vinden die me hopelijk daarna ziet zoals ik echt ben, dat ik lief en gevoelig en slim ben. Nog twee jaar om er het beste van te maken en daarna door te denderen richting graf met keer op keer dezelfde mensen. Nog twee fucking jaar.

Jean-Pierre krabde zich in de snor.

Spiedend loerde hij naar mij. Ik haalde diep adem en stapte op het schavot.

Alsof het nog niet erg genoeg was klokte ik met de baard in de keel: ‘doe maar kort dan.’

Triomfantelijk lachte hij. Zijn tondeuse maakte een monotoon zoemend geluid en zwaar als tranen vielen mijn lokken op de grond. Pluk na pluk.

Als laatste daad van het vaststaande ritueel legde hij mijn kuifje in de plooi en mompelde naar de andere klanten: ‘daar zie, ik heb er ne playboy van gemaakt, de meiskes zullen niet weten wat ze zien als gij hierbuiten stapt.’

Neen dat zullen ze niet Jean-Pierre, dat zullen ze niet. De helft van puberend Oostakker loopt rond met dit kapsel.

Met mijn fiets, die ratelde van de loszittende spaken of omdat mijn ketting keer op keer tegen mijn kast slingerde, reed ik naar huis in schaamte. Als een pestlijder waar men afstand van moest bewaren. Goed veel lawaai in ieder geval zodat iedereen omkeek. En mij zag, ontdaan van al mijn charme.

Playboy voor galg en rad.

 

Geraakt door deze tekst? Maak het hartje rood of deel de woorden met je vrienden.

Zo geef je mee een stem aan de woorden van deze schrijver en help je hem of haar verder op weg.

Gabriel Rooms
22 mei 2020 · 0 keer gelezen · 0 keer geliked