Lezen

Ik heb je zoveel te vertellen

Lieve twaalfjarige ik, Je bent afgelopen maand achtentwintig geworden, en we moeten het even hebben over onze dagboeken. Die heb ik na heel wat jaren weer teruggevonden. Wat heb jij het veel over jongens, heftig. Neem ik je niet kwalijk – ik ben blij dat, ondanks alles, je jeugd goed genoeg was om de focus op jongens te leggen. Ik moet toegeven dat jij dingen wel héél erg uitvergroot. Kan ik je zeggen: dat doe je nog steeds. Altijd filosofisch bezig in dat koppie. Bizar hoeveel rekening jij met een ander houdt; ook dat doen we (helaas) nog steeds. Je raadt het nooit, maar we zijn getrouwd. Helaas, je hebt hem niet tijdens een of ander avontuur ontmoet, zoals jouw grote wens was, maar hij is stoer en lief. Hij vindt het niet leuk om het huishouden te doen, maar draagt altijd zijn steentje bij. Hij houdt van feesten, maar niet op een overdreven manier (ook wij houden ook nog steeds van feesten). Hij troost je eindeloos en is óók nog een knappe militair. Hij begrijpt jou en heeft het geduld om altijd maar naar je te luisteren. Hij zorgt voor ons, op de meest liefdevolle en stabiele manier ooit. Kortom: je hebt hem echt gevonden. Zomaar, opeens op een datingapp. Telefoons zijn nu trouwens echt computers en we doen er alles mee. Schrijven doen we bijna nooit meer, alleen sinds kort weer in ons dagboek. Daar is de inhoud wel compleet veranderd. Niet verkeerd bedoeld, maar het leven draait niet meer om ruziemakende ouders, gemene vriendinnen en eindeloze dromen over jongens. Nee, we praten tegenwoordig alleen nog maar over ons gevoel. Jij voelde je soms weleens verdrietig; daar hebben we helaas nog steeds last van. Soms komen we daardoor niet uit bed, maar je werkt eraan. Ook aan onze vader hebben we vrij weinig gehad, sorry. Ik weet dat je hem graag naast je had gehad bij elke stap die je maakte. Maar hey, je hebt zoveel meegemaakt met mam. Mam is je grootste steun en toeverlaat. Je komt erachter dat ze soms verdrietig is omdat ze het zo zwaar heeft. Daar ga je haar mee helpen. Je neemt grote lasten bij mama weg, en daar is ze je heel dankbaar voor. Oh, en Charlie blijft een beetje verwend; hij wordt ook een beetje arrogant, maar jullie zien elkaar nog steeds regelmatig. Soms zonder dat jullie iets tegen elkaar zeggen. Talitha en Tim blijf je missen, maar je bezoekt ze wat vaker, en ze zijn altijd blij om je te zien. Tamara heeft als enige een kindje, en daar ben je stapelverliefd op. Je nichtje brengt heel wat licht in je leven. Jij en Tamara maken gelukkig geen ruzie meer over tekeningen en delen ook geen kamer meer. Je kinderwens valt behoorlijk tegen; je gaat erachter komen dat het heel moeilijk verloopt, maar gelukkig zijn er medicijnen, en blijf je het proberen. Want die koppigheid heb je nog steeds. Nu komt er pittig verdrietig nieuws voor je, en ik weet niet of je het aankan… Een dag voor je 28ste verjaardag is onze mama overleden. Ze had kanker. Je was erbij toen ze haar laatste adem uitblies, en je krijgt het er heel zwaar mee. Je hebt haar zien lijden en je hebt haar in huis gehad. Je hebt samen met je man over je moeder gewaakt en later ook met je broers en zussen; we delen dit verdriet samen. Je gaat kapot aan het missen van mama. Ik weet zelf ook niet of je er weer bovenop komt, maar we proberen sterk te zijn. Ik ben blij dat ik je in mijn oude dagboek heb gevonden, dat je over mama schreef en dat je me terugnam naar oude herinneringen. Ik weet dat jij een vrolijk, liefdevol en avontuurlijk kind bent. Dat ben je nu iets minder. Volgens mam was je het zonnetje in huis; dat ben je eigenlijk nu al een hele lange tijd niet meer geweest. Daar heb ik best pijn van, want ik aanbid jou. Ook ik mag van mezelf houden; ik moet niet streng voor mezelf zijn. Maar ik mis jou. Zeker nu ik mama mis, aanbid ik jou. Jij hebt haar nog, in haar volle glorie. Dus geef mama een knuffel van mij en stop met zeuren over dat ze soms boos en verdrietig is. Geloof mij: mama houdt van jou. Nergens is er zoveel liefde als tussen jou en haar. Pak haar vast en wees lief voor haar. Ooit is het de laatste keer. Zeg haar dat je van haar houdt en dat ze geweldig is. Want ik heb dat op het einde niet vaak genoeg meer kunnen zeggen. Er komen hele akelige dingen op je pad, maar we redden het wel. Je hebt al heel wat meegemaakt, maar we zijn sterker dan we denken. Dat zonnetje komt wel weer, daar ga ik nu hard voor werken. De volgende keer als ik je spreek, dan zorg ik dat het zonnetje schijnt. Liefs,Thysja

Thysja
9 0

Amateurschrijvers die gelezen willen worden, dat is toch pure ijdelheid, nietwaar?

Dialoog van de dag, herhaling van gisteren. Ik: 'Hallo, mag ik iets vragen? Zij: 'Natuurlijk.' Ik: 'Mijn naam is Kat en samen met een vriendin heb ik een projectje lopen. Mogen we een postertje ophangen?' Stilte. Ik tover een oudroze gekleurde map uit mijn tas en probeer zelfzeker maar niet arrogant uit mijn ogen te kijken. Heb nieuwe oorringen in, misschien helpt dat.  Ik: ´Het is A4 formaat, het is in verband met een verhaal en... ' Zij: 'Nee, dat kunnen we hier niet doen, tenzij het over de streek gaat.' Ik, verbaasd omdat ze niet eens kijkt naar het postertje en het zomaar afschrijft: 'De streek?' Zij: 'We leggen hier alleen boeken over de streek, al de rest verkoopt niet.'  Ik: 'O, nee, u hoeft geen boeken te verkopen hoor. We vroegen ons af of we gewoon het postertje hier kunnen hangen, omdat ze het ook bij u kunnen bestellen. Niks meer, ik snap ook wel dat u veel zulke vragen krijgt. Het is gewoon een postertje zodat mensen van het bestaan weten. Ik kom het zelf weer weghalen.' Ik heb mijn lijn geoefend, vlotjes en vriendelijk. Dit is poging 4, ik leer bij. Maar nog voor ik aan het slotstuk kan beginnen, weet ik al dat het een verloren zaak is. Ik heb een voorbeeldboek bij, ze bladert er in hoogtempo door. Ik tel de seconden. Eén. Einde bereikt. Zij: 'Nee, dat doen we hier niet. Dat zal hier niet verkopen.' Ik zeg maar niks over de stapels mooi glinsterden Young Adult boeken vol magische wezens en wonderlijke werelden daar achter mij. Ik : ´Juist... euhm, bedankt voor uw tijd.' Zij: 'Ik hang het misschien op, laat maar liggen.' Ze trekt een lade open, schuift A4'tje erin en duwt lade opnieuw dicht voordat ik kan zeggen: 'Ik neem het dan wel terug mee want ik heb er niet zo heel erg veel.' Zij, met een vriendelijke glimlach: ´Nog een prettige dag verder en succes hé.' Ik druip in stilte af, vraag me af waar ik zat met mijn gedachten en vervloek diegene die de uitspraak 'Waar een wil is, is een weg' uitvond. Die probeerde nog nooit een postertje voor een project aan de man te brengen, dat is zeker.  Ijdelheid, dat is het. Ik wilde het verhaal schrijven en ik heb het geschreven. Zou moeten volstaan, denk ik, bij het verlaten van de winkel. Gelezen willen worden is pure ijdelheid. Een posterje. A4 formaat. Voor een boek. Op een plek vol boeken. Ik ben van de streek, denk ik dan maar dat telt waarschijnlijk niet...  Morgen opnieuw. Of niet, limiet van afwijzingen is bereikt. Dit gaat niet eens over een boek maar over een A4'tje. Tja. Muffins bakken voor de Warmste Week was makkelijker geweest... maar dan had ik natuurlijk de afwas :)  

De Donderklif
78 4

Moeder, moeder

Wat ik je zo graag wil zeggen schrijf ik vandaag op. Niet dat je dit ooit zal lezen, nee. Te pijnlijk, te intiem, te kwetsbaar. Misschien lees je het ooit vanuit een andere dimensie, wanneer je dit leven verlaten hebt. Nu kan het nog niet. Je zou het niet begrijpen. Je zou beledigd zijn omdat je het niet beseft. Je ziet jezelf nog steeds als de vrouw die je altijd was; scherp, intelligent en doortastend. Gelukkig maar. De laatste tijd ben je steeds vaker afwezig, terwijl je toch gewoon hier bent. Je zit in je zetel, belt je mensen, leest berichten op je telefoon en zit uren voor je computer. Jouw wereld. Jouw wereld waar ik steeds minder deel van uitmaak. Wat voor jou altijd al nummer één was, is nu obsessief het belangrijkste; je geloof, je religie en de mensen die daarbij horen.  Vroeger was je met mij bezig; Of ik honger had of een pijntje. Of ik al thee gedronken had en me wel goed in m’n vel voelde. Alles draait nu steeds meer rond jou. Je ziet me minder, hoewel ik meer dan ooit in je buurt ben. Je hoort me niet of luistert niet, hoewel ik alle moeite doe om duidelijk te spreken. We eten samen, toch eet je alleen. We kijken samen tv, toch kijk je alleen. We drinken samen koffie en jij staart in het niets. Je slaapt, eet, leest en bent in jouw wereld druk.  Zomaar uit het niets, ben je er weer. Dan ben je terug mijn oude vertrouwde mama. Voor even. Ik mis je. Ik mis je aandacht. Ik mis je bezorgdheid. Ik mis onze gesprekken. Ik mis je terwijl je er nog bent. Elke ochtend is er dat spannend moment. Dat moment om te zien of je nog ademt. Opluchting.  Telkens weer. Je weet dit niet. Je eet stoïcijns je ontbijt, je luistert naar het nieuws, leest je bijbel met grote letters online, en kijkt naar die schim die door het huis beweegt. Die schim die altijd een wakend oog heeft om te zien of je alles hebt, of je warm en comfortabel ingeduffeld zit, zin in koffie of andere wensen hebt. Op een dag zal je adem stoppen. Je bent kwetsbaar en sterk tegelijk. 94 jaar. Niemand weet wanneer of hoe. Ik zal je opnieuw missen. Nog meer missen… Ons tweede en laatste afscheid.

Heidi Schoefs
50 0