Lezen

wij die gezien willen worden

Wij, die gezien willen worden, worden dan uiteindelijk ook gezien,maar het is in de nasleep, de nauwe randzone erbuiten dat het schouwspel zich afspeelt.We moesten zeggenschap nemen over het keren van het tij en het is in die verstandhouding dat we dan ook reageren. Er is niets veranderd.Het werd zichtbaar.Het werd zichtbaar dat er niets veranderde. En zo ben je aanbeland bij het weerzien van een oude kameraad die net als jou, nog loopt te ijsberen in niemandsland. Wij hebben wat vreugde is.Wij hebben wat voortkomt uit vreugde.Maar wij hebben weinig aanleiding om aanstalten te maken.Maar er gebeurt te weinig in die toestand.  Wij, pijn, zien onszelf niet al te graag.Liever, slepen we verder onszelf de tijd in en ook altijd weer uit.Hier is de tijd blijven stilstaan en vernielen we ruimte. Het is simpel: zij die willen blijven zijn, blijven zijn. Zij die willen kunnen ontsnappen, zijn niet lang meer, en net dat is afhankelijkheid. Wij werden door de toestand verpletterd. Die verplettering levert ons gelukkig ook wat op:meer toestand.  Na x aantal jaar ben je 'volwassen' en wordt er geopperd dat wij niet gezien werden, maar niets is minder waar:wij die gezien wilden worden, werden dan ook gezien.In het oog van de toeschouwer is alles heerlijk melancholisch. Voor ons is het verpletterende besef dat we ouder worden een egoboost. Wanneer speelt de overgang zich af? Van jong naar oud, van slecht naar op z'n minst beter. Van afscheid tot weerzien. Toen we elkaar tegen het lijf liepen, versnelde de tijd en werd de ruimte ertussen zichtbaar. Was dat geluk hebben.  We werden gezien en dat was al waar het hem om te doen was.Tussen ochtendgloren en avondval heb je tijd. Tussen ruimte en persoon heb je tijd. Tussen mij en jou zat er veel tijd, zichzelf in slaap te wiegen, en wie had gedacht dat ik je zou treffen op de slechtst mogelijke moment? Wij zagen elkaar, deden niet meer dan iets optimistisch,alsof we elkaar daar verwacht hadden. Dit is de overgang naar het andere tijdperk.  Dit is leven in opperste glorie: afzien. 

Dries Verhaegen
0 0

Energiek

Met trillende handen legt ze de oude TV-box van Proximus in de kartonnen doos van de nieuwe, legt er de bijbehorende kabels en afstandsbediening bij en plakt de doos goed dicht. Het label voor de verzending heeft ze gelukkig een week geleden al uitgeprint en klaar gelegd. Ze hoeft hem er alleen nog op te kleven en het hele pakket daarna naar de post te brengen.  Zonder iets te zien rijdt ze achteruit de garage uit en raakt de grote hoop wit zand die nog op de oprit ligt. De motor valt stil en ontredderd legt ze haar hoofd op het stuur. Wat een zenuwentoestand. Heeft ze de box wel goed schoon gemaakt voordat ze hem in de kartonnen doos stopte? Zijn alle gegevens gewist? Ze twijfelt, maar tijd om de proef op de som te nemen is er niet. Ze ademt drie keer diep in en uit en start opnieuw.  De hele winter hebben ze ruzie gemaakt over hun terras dat moest worden opgeknapt. Zij wilde het láten doen, hij wilde het zélf doen. Pas toen ze zo snel geen vaklui konden vinden, was ze overstag gegaan. En natuurlijk gebeurde wat ze had voorspeld: hij besloot het terras uit te breiden, legde nog twee paden aan en begon een grote cirkel onder haar droogmolen te verharden. Het plan voor een terras aan de zijkant van het huis lag ook al klaar. Niet te stoppen was die man. Energiek tot en met. Weken aan een stuk was hij aan het werk geweest - weken waarin het geluid van de slijpschijf, de mortelmolen, het geklop op de stenen haar waanzinnig maakten. Terwijl hij wéét dat ze zo gevoelig is voor geluid. “Straks hebben we nog een cementen tuin”, had ze vanmorgen geschreeuwd, “straks denken de buren nog dat we iets te verbergen hebben.” Maar onaangedaan trok hij zijn werkbroek verder aan en maakte aanstalten om naar buiten te gaan. Buiten zinnen nam ze het eerste het beste dat op tafel lag in haar handen en vloog op hem af. Van de rest weet ze niet veel meer. Alleen dat haar man ineens roerloos op de grond lag, de box vol bloed hing, en ze alle sporen moest wissen. Dat ze zo snel mogelijk van de box moest zien af te geraken en daarna haar man in zijn geliefde tuin moest laten verdwijnen. Wit zand en zakken cement hebben ze nog genoeg. 

ingridvdk
3 1

Beste handen,

Beste handen, hoe vinden jullie je weg in de wereld? Herinneren jullie de tijd toen de rode bietenpap in het rond vloog? Ze hing overal. Jullie vertoefden zo graag in de mond maar met een lepel konden jullie de weg ernaartoe niet vinden. Vandaag steken jullie een draad door het oogje van een naald, schrijven jullie krulletters en bezetten jullie muren. Hoe kregen jullie dat voor elkaar?  Jullie hebben geoefend, dat is waar. Soms uren, dagen, weken na elkaar. De triller dokruis-re op dwarsfluit leren spelen kostte maanden. Toch zijn er ook zaken die jullie, ondanks zeeën van tijd, niet onder de knie krijgen: tanken, handstand, jullie eigen nagels lakken, strijken. Beste handen, waarom zijn jullie zo wispelturig? Soms doen jullie grootse dingen. Troostend strelen, meelevend vasthouden, behulpzaam klussen, zorgzaam bejegenen, liefdevol koesteren. Tot de razernij in jullie vaart. En jullie gaan slaan en stompen, breken en versplinteren. Af en toe, altijd onverwacht, verbluffen jullie. Het resultaat is steevast origineel, verrassend, ongekend.  Beste handen, zou je met een ander paar iemand anders zijn? Maken jullie een persoon tot wie die is? Door jullie wordt wat binnenin zit aan woorden en gedachten werkelijkheid. Jullie schrijven, bouwen, spelen, maken, knutselen ideeën de wereld in. Werner Herzog, bekend van films als 'Grizzly Man' en 'Nosferatu', beschrijft in zijn memoires hoe zijn hoofd overloopt van ideeën voor meer, andere, betere films. Zolang zijn handen ze niet maken zullen ze echter enkel in zijn hoofd spelen.  Natuurlijk, beste handen, moeten jullie die ideeën voor elkaar krijgen. Niet alle handen zijn even onderlegd. Sommige kunnen auto's repareren, computerprogramma’s schrijven of venkel telen. Andere kunnen baby's ter wereld brengen of wolkenkrabbers bouwen. Wat te doen als je hoofd bruist van ideeën voor originele meubels, maar je handen nog geen nagel in een stuk hout kunnen slaan? Zoek je dan andere handen die kunnen invallen? Of ga je fictie schrijven?  Beste handen, het heeft er alle schijn van dat jullie iemands identiteit vormgeven. Het hoofd schept verhalen over zin en onzin, goed en slecht, mooi en lelijk, waardevol en waardeloos. Maar jullie zetten de lijnen uit van wat mogelijk en wat onmogelijk is.  Met de regelmaat van de klok wordt aan mensen gevraagd hoe zij geworden zijn wie ze zijn. Waarom ze doen wat ze doen. Meestal situeert het antwoord zich in de kindertijd. De geoloog wroette als kind in de aarde op zoek naar steentjes. De archeoloog zocht er naar scherven en botjes. De kunstenaar was altijd al een buitenbeentje met oog voor kleur. Zulke kindertijd-verhalen vertellen dat het lot in het lichaam besloten ligt. Variaties zijn mogelijk maar de handen, niet het hoofd, geven richting aan de toekomst.  Soms worden levens ook andersom geleefd. Dan schept het hoofd fictie die de handen niet kunnen volgen. In mei 1990 studeerde Christopher McCandless af met een hoofd vol verhalen over een anti-kapitalistisch leven. Een leven in de natuur, met een minimum aan bezittingen en alleen zichzelf als steun en toeverlaat. McCandless schonk al zijn geld aan Oxfam en vertrok te voet naar Alaska. Daar kwam hij in april 1992 aan met 4,5 kilogram rijst, een .22 kaliber geweer en een veldgids over lokale eetbare planten. 113 dagen lang waren zijn handen in staat zijn levensfilosofie te onderhouden. Toen stierf hij: uitgehongerd. Het boek 'Into the wild’ van John Krakaur vertelt McCandless’ verhaal. Elf jaar later werd het verfilmd door Sean Penn. Beste handen, kan jullie handigheid ook een last zijn? De pottenbakker Bernard Leach, de violiste Patricia Kopatchinskaja, de basketbalspeler Michael Jordan, zouden met minder vaardige handen niet hetzelfde verwezenlijkt hebben. Die vaststelling roept vragen op. Hoeveel vaardige handen voeren er handelingen uit die onder hun capaciteiten liggen? Hoeveel potentieel blijft er onbenut omdat de aanmoediging, de juiste context of het geld ontbreekt? En belangrijk: maakt dat ongelukkig? Welke implicaties volgen er wanneer jullie door dwang, achterstelling, verloochening of toeval weerhouden worden te doen wat jullie goed en graag doen? Maakt dat jullie baldadig, apathisch, opstandig, koppig?  Beste handen, weet dat jullie hoe dan ook onmisbaar zijn. Voelen jullie dat? Het textiel, het hout, de warmte van een kopje thee. Jullie maken niet alleen ideeën werkelijk, jullie maken álles werkelijk. Zonder jullie zou wat we zien een waanvoorstelling kunnen zijn en wat we denken inbeelding. Jullie contact met de wereld biedt houvast omdat jullie ons laten weten: dit is een stoel en hij is echt.  Natuurlijk zijn er filosofen die jullie belang ontkennen. Die jullie slechts beschouwen als onderdanig gereedschap van het denken. Gereedschap dat gemist kan worden als het erop aankomt. De Franse filosoof Descartes (1596-1650) schreef jullie resoluut af. Gewoon, omdat het weleens voorkomt dat jullie je vergissen. Als jullie een broos object krachtig beetpakken waardoor het breekt, bijvoorbeeld. In Descartes’ zoektocht naar absolute zekerheid waren zulke vergissingen onvergeeflijk. Alles wat ook maar de minste twijfel wekte, moest de deur uit. Samen met jullie zette hij ook alle andere zintuigen, normen, waarden, theorieën en meningen buiten. Wat overbleef was een ik dat denkt. Zonder lichaam, zonder wereld. Een geest in een vacuüm. 'Waardoor ik ben wat ik ben, volledig van het lichaam onderscheiden’.  Descartes is het schoolvoorbeeld van wat het denken vermag. Het kan jullie, beste handen, kortstondig laten verdwijnen. Tot jullie ongeduldig, friemelend opnieuw aandacht vragen. Tot de maag knort. Of, tot de filosoof van het ‘ik denk, dus ik ben’, zich in zijn denken zo verlaten voelt dat hij beroep doet op God om jullie door de achterdeur terug binnen te laten.  Beste handen, wie jullie als knechten van het denken beschouwt kent het verhaal van de bekendste filosoof aller tijden niet. Blootsvoets liep Socrates door Athene en stelde zijn medeburgers vragen. Vervelende vragen die makkelijk leken, maar gaandeweg onmogelijk te beantwoorden bleken. Socrates liet, behalve een sporadisch inzicht en een handvol herinneringen, niets na. Omdat inzichten en herinneringen sterven met hun eigenaren als ze niet vastgelegd worden, zou hij na twee, maximaal drie generaties vergeten zijn. Maar dat was buiten de handen van Plato gerekend. Die maakten Socrates zo beroemd dat er meer dan tweeduizend jaar later nog steeds naar hem verwezen wordt.  Socrates’ eigen handen brachten hem de dood. In 400 voor Christus waren de Atheners zijn vragen beu. Hij werd veroordeeld voor goddeloosheid en het bederven van de jeugd. In de gevangenis nam Socrates de gifbeker ter hand en dronk.  Beste handen, kennen jullie het schilderij van Jacques Louis David? In 1787 schilderde hij ‘de Dood van Socrates’. Daarop is te zien hoe eenzaam jullie je soms voelen. Toch staan jullie permanent in contact met ontelbare andere handen. Handen die zich vlakbij of ver weg bevinden, die leven of gestorven zijn. Elk object getuigt van die verbondenheid door de onzichtbare sporen die jullie erop achterlaten. In 1972 maakte de kunstenaar Giuseppe Penone een boek met foto's van zijn eigen handen. Hij bedekte het boek met poeder dat gebruikt wordt om vingerafdrukken te nemen. Binnen het uur kon je overal vingerafdrukken zien. Tegen de muren, op kleding, stoelen, op de gezichten van bezoekers. Misschien vind je vandaag, ruim vijftig jaar later, nog steeds een vergeten vingerafdruk afkomstig van ‘Book/Dust Trap/Hand’. Ergens, in een huis, een auto, een vliegtuig, of gewoon naast de lichtschakelaar.  Beste handen, kunnen jullie de sporen voelen die alle andere achterlieten op een bibliotheekboek? Wat voor handen waren dat? Misschien handen zoals die uit 'Het Contrapunt’ van Anna Enquist. Rouwend, eropuit om de Goldbergvariaties van Bach te leren spelen. Misschien handen zoals die van Mr Gwyn uit het gelijknamige boek van Alessandro Baricco. Zouden er ook handen bij zijn zoals die uit ‘De Welwillenden’ van Jonathan Littell? Handen die medemensen tot lijken hebben gemaakt. Als boeken konden handlezen, wat zouden ze dan nog meer vertellen dan wat in letters gedrukt staat?   Beste handen, in theorie leren we jullie naar waarde te schatten. We leren over het belang van jullie opponeerbare duimen. Over de mogelijkheid tot fijne motoriek. We leren hoe de hele mensheid haar bestaan aan jullie te danken heeft. Omdat de eerste mensen zich pas konden ontwikkelen toen jullie de vrijheid kregen. We leren het allemaal, in theorie.  Beste handen, in de praktijk kijken we maar al te vaak op jullie neer. Omdat we onze intelligentie hoger inschatten. Maar wat zou die intelligentie zijn zonder jullie? Zonder jullie geen gereedschap, geen wetenschap, geen kunst, geen verandering, geen geschiedenis. Jullie zijn onontbeerlijk, dat weten we al veertigduizend jaar. Zo oud is het allermooiste eerbetoon aan jullie dat ooit werd gemaakt. In de grotten van Sulawesi, in Indonesië, hebben mensen hun handen tegen de rotswand gedrukt. Ze hebben rode oker opgezogen in een strootje en geblazen. Wat zij zagen toen ze hun handen voorzichtig weghaalden, was ‘ik’. Een stukje wand in een rood-bruine wolk met jullie contouren. We weten niet wie deze mensen waren. Maar misschien kennen we wel het raadsel dat de aanwezige afwezigheid van hun handen opriep. Omdat zij en wij dezelfde mensen zijn vroegen ook zij zich misschien af: ‘beste handen, hoe vinden jullie je weg in de wereld’?             

I.M
0 0

DEZE VIDEO IS VERWIJDERD WEGENS SCHENDIG VAN DE COMMUNITYRICHTLIJNEN

BLACK SCREENFADE IN INT. SLAAPKAMER – NACHTgordijnen dicht. altijd.kamer verlicht door een telefoon.hard, blauw licht.een JONGEN (20) ligt half rechtop in bed.ogen droog. gezicht leeg.duim scrollt. INSERT – SCHERMsnelle cuts:    main character energy 🌟     POV: you finally glow up ✨    healing era 💅 TERUG NAAR SCÈNEde jongen zet zijn camera aan.frontcam.hij kijkt naar zichzelf.probeert een blik.nog een.nog een.fluistert:JONGEN       main character… right?de spiegel achter hem vangt zijn gestalte op.maar het voelt… off.alsof er niemand is. INT. SLAAPKAMER – LATERhij praat tegen zijn telefoon.JONGEN      ja ik zit echt in m’n villain arc lately…      gewoon… boundaries enzohij stopt opname.kijkt terug.zijn gezicht zakt in.delete. INT. MEISJESKAMER – NACHTeen MEISJE (19). ring light. perfecte hoek.MEISJE    guys, reminder…    healing isn’t linear    protect your energy 💖ze lacht zachtMEISJE (CONT’D)     may all your delulu come trululu 🤞 ze stopt de opname.stilte.haar glimlach verdwijnt meteen.ze checkt views.refresh.refresh.fluistert:MEISJE     please don’t flop…   INT. BAR – AVONDdonker. rumoer. maar vreemd stil.de jongen en het meisje zitten tegenover elkaar.twee drankjes op tafel.niemand kijkt elkaar aan.beiden scrollen. INSERT – ZIJN SCHERMhaar profiel.INSERT – HAAR SCHERMzijn profiel.ze liken elkaars posts.zonder op te kijken. JONGEN     dit is wel… een vibe toch.MEISJE      ja… lowkey wel.stilte.JONGEN     drank is kinda mid.MEISJE     ja… maar aesthetic oké.ze maakt een foto van de tafel.filter.post.caption: random night ✨MEISJE     ik wacht echt op m’n canon event.JONGEN     same… alles voelt nu gewoon side quest vibesze lachen kort.het sterft snel. EXT. STRAAT – NACHTze lopen naast elkaar.ruimte tussen hen.JONGEN     ik heb wel rizz ofzostilte.een kat loopt langs.zij zegt niets.hij zwijgt. INT. SLAAPKAMER – NACHTde jongen weer alleen.telefoon op 2%.hij scrollt trager nu.bericht van het meisje:     had funhij typt:     samewist.typt opnieuw:    ja was chillwist.legt telefoon neer.scherm wordt zwart.stilte. BLACK SCREENwe horen alleen ademhaling.tekst verschijnt:   no audiencepauze.   no storypauze.    no end creditsFADE OUT

Merlijn
3 0

Kruidvat

Waar liefdesverdriet precies begint, weet ik nog altijd niet. Het begint niet bij die ene zin. Niet bij “we zien elkaar beter even niet”. Dat is te netjes. Te laat ook. Dat is zoals in de geschiedenisles. Bij mevrouw Bracke. Mevrouw Bracke rook altijd naar Acqua di Giò. Fris, een beetje zwoel ook, alsof ze net van ergens kwam waar de zon scheen en de dingen helder waren. Ze stond vooraan in de klas, krijtje in de hand, en ze kon dat uitleggen alsof ze er zelf bij was geweest. Alsof ze persoonlijk had staan kijken in Sarajevo, die dag dat aartshertog Franz Ferdinand werd doodgeschoten door Gavrilo Princip. Maar ze begon daar nooit. Nee, ze begon met: “Kinderen, een oorlog begint nooit op één dag.” En dan vertelde ze over dat kruidvat. Over landen die elkaar niet vertrouwden. Over bondgenootschappen die eerder op ruzies leken. Over dingen die gezegd werden en dingen die vooral niet gezegd werden. Ze tekende pijlen op het bord. Veel pijlen. Te veel pijlen. En wij zaten daar en dachten: amai, dat komt hier niet goed. En dan, pas dan, kwam dat schot. De aanleiding. Niet de oorzaak. Bij ons was dat ook zo. Een broeiend kruidvat.Van alles wat er was maar niet gezegd werd.Halve zinnen die bleven hangen.Te lange interpretaties.Te veel gedacht vanuit ik en te weinig vanuit ons.(maar gij ook, hé. Zeker gij ook.) En dan dat kleine, bijna puberale verzet.Een beetje testen.Wat langer wegblijven.Iets “vergeten” te zeggen.Die rommel net groot genoeg maken om hem te voelen, maar niet groot genoeg om hem op te ruimen. En ergens daar, in dat spel van bijna’s en misschien’s, valt het schot. Niet in Sarajevo, maar in een berichtje.Jij die per se die andere moest kussen.Ik die daar een drama van maakte.Of die avond met te veel cava waarop ik te vaak zei dat “ze allemaal hetzelfde zijn”. En dan komt hij.De zin.Alsof hij niets met de rest te maken heeft.Alsof hij uit de lucht valt. “Misschien moeten we elkaar wat minder zien.” In een berichtje nog wel. Van u. Dat vond ik minder. Om niet te zeggen: degoutant. En nu zitten we elk op onze berg. Afstand. Even mezelf terug voelen, zeggen ze.Mijn vriendinnen knikken verstandig en zeggen dat het goed is. Dat ik beter verdien.Mijn kinderen kijken mij aan en zeggen dat ik mijn lat eens wat hoger moet leggen.Mijn zus zegt dat ik het misschien allemaal niet zo dramatisch moet bekijken.Buurman zegt dat elk einde een nieuw begin is.En de Flair zegt dat ik dringend iets moet doen aan mijn buikvet en dat ze daar een wandelapp voor hebben. Mijn kat kijkt naar mij en vraagt vooral hoe lang het nog gaat duren voor ze eten krijgt. En dat is misschien nog het eerlijkste van allemaal. Want op die berg moet ik ook eten. Zelf koken. Zelf zorgen. Zonder een berichtje dat “goedemorgen” zegt. Zonder een “x, ly” midden op de dag. Dat doet pijn. Dat is wat ze liefdesverdriet noemen. Maar het is ook gewoon dit: dat ge plots alleen zit met alles wat er daarvoor nog samen was. En soms denk ik terug aan mevrouw Bracke.Hoe ze daar stond, voor dat bord vol pijlen en spanningen en kleine dingen die te groot waren geworden. Ze heeft ons veel geleerd over oorlog. Over oorzaken en aanleidingen. Over hoe iets klein kan ontsporen in iets dat ge niet meer terug in uw handen krijgt. Maar over bergen heeft ze het eigenlijk nooit gehad. Behalve dan die ene keer, over Hannibal Barca die met olifanten over de Alpen trok. Maar dat was iets anders. Want daar ging iemand tenminste nog ergens naartoe. En wij… wij zitten gewoon elk op onze eigen berg.

Katrien Daniels
76 6