Het Anker
Eens als een kronkelende slang,
Nu verzonken in de tijd.
Er hangt geen bloed aan mijn handen -
Toch draag ik mee de schuld.
Ik voel pijn in haar warme adem als ze tegen mij praat.
De storm is gaan liggen, maar het monster brult.
Ik ben mijn eigen moeder,
Ze pakt me als ik val,
En dat is al.
Liefde draagt de haat - en als de haat overwint, is dat het enige dat de wereld redden kan.
Niets is, maar iets was en ik geloof dat het nog steeds zo kan zijn.