Knooppunt
In kilte en op afstand
Woedt een schemering
In lijf en geest.
Woorden echoën,
Inzichtelijk geoxideerd,
Geërodeerd,
Tot holle stompe klanken
Draaiend in het rond.
In kilte en op afstand
Wil ik verstillen
Vrees ik het verkillen.
Stuwen klanken mij vooruit... ?
Is schemering het ochtendgloren,
Of blijft het -niets is wat het lijkt-.
Een inzicht...
Alvorens de nacht
Mijn schemering grijpt.