Bakker

Annelies
18 feb 2015 · 0 keer gelezen · 0 keer geliket

Een vrouw sterft hier op straat, terwijl wij een grof gesneden halfje vragen en twijfelen of we eentje extra zouden bestellen, voor in de diepvriezer. Er staan wat mensen naar te kijken, slechts deels geinteresseerd- het is bijna half negen, dan vertrekt de trein en de ontbijtboel moet nog aan de kant. Hij heeft nog geprobeerd haar in de auto te hijsen, te verward om een ambulance te bellen, of de dokter, of die lage auto met drie letters, die waarvan mensen zeggen dat het geen goed teken is als je die ziet, ze was te zwaar, ze gaf niet mee, ze is naast het portier op het kille asfalt gezakt, haar hoofd in een vreemde knik. Hij heeft nog aan haar arm getrokken, venijnig haast, opgejaagd want de auto stond op de stoep geparkeerd en ze moesten opschieten nu. Het is altijd wat met jou, heeft hij gedacht. En ook nog: op welk punt moet het geweest zijn dat ik je niet langer zag zoals ik dat destijds deed?

Geraakt door deze tekst? Maak het hartje rood of deel de woorden met je vrienden.

Zo geef je mee een stem aan de woorden van deze schrijver.

Annelies
18 feb 2015 · 0 keer gelezen · 0 keer geliket