Gezegend zijt Gij

13 jun 2015 · 2 keer gelezen · 0 keer geliket

                                                                        

24 december 1978. Mijn grootmoeder is in haar nopjes. Straks komen haar elf kinderen, acht schoonkinderen en een tiental kleinkinderen kerstavond vieren. De voorbereidingen starten. Met hoge stem strooit ze instructies in het rond. Enkele tantes sleuren met tafels en stoelen, geleend van het café op de hoek. Vol overgave schrobben ze biergeur en schunnigheid ervan weg. In de keuken tellen de kleinkinderen steeds opnieuw de borden, de vorken, messen en lepels. De oudsten mogen de glazen opblinken. Het is een drukte van jewelste, er wordt gelachen, gezongen, gegrapt en geroddeld. Mijn grootvader zit, weggedoken in een hoekje van de kamer, zijn sigaret te rollen. De overbodige tabak valt op de gekuiste vloer. Doof voor alle verwijten rolt hij rustig verder, knipoogt naar de kleintjes en knijpt dan hard in mijn grootmoeders kont, die gehurkt voor hem de tabak opruimt.

Middernacht. ‘Stille nacht, Heilige Nacht’ klinkt uit de radioboxen. De stoelendans begint. De mannen blijven zitten, de vrouwen lopen rond, wensen iedereen een zalige Kerst. De kinderen friemelen zich ertussen. Dan gaat de deur van de woonkamer open. Mijn grootmoeder slaakt een lichte zucht, het is zover. Verkleed als priester komt mijn vader binnen. Haar mooiste tafelkleed is nu een kazuifel. Zonder schroom knipte mijn vader een gat, de grootte van zijn hoofd, in haar witste damast. Een touw in zijn midden, de WC borstel in zijn rechterhand, een kom water in de andere. Onschuldig als een pasgeboren kind, gaat hij voor mijn oma staan. ‘Wens gij te biechten madam?’ vraagt hij plechtig. Ze gaat staan, buigt lichtjes haar hoofd en zegt: ‘Ja’k, meneer pastoor’. De ogen van onze provisoire geestelijke blinken. Met uitgestreken gezicht sopt hij de borstel in het water, met veel zwier zwaait hij het kletsnatte WC attribuut in het rond. ‘In nomine Patris et Filii et Spiritus Sancti’, een klets water beland op het kapsel van mijn grootmoeder. Dan stapt hij plechtig de tafel rond, zegent plichtsbewust met veel overtuiging de aanwezigen. Tantes schuilen onder hun servet, nonkels moedigen hem aan. Iedereen is gezegend, het feest kan beginnen.

Geraakt door deze tekst? Maak het hartje rood of deel de woorden met je vrienden.

Zo geef je mee een stem aan de woorden van deze schrijver.

13 jun 2015 · 2 keer gelezen · 0 keer geliket