Kaal

7 mrt. 2021 · 0 keer gelezen · 0 keer geliket

Personages

Celina             Slachtoffer. Ze werd kaalgeschoren. Ze is een mooie jongedame, maar door het gebeuren is ze haar zelfzekerheid een beetje kwijt. Ze had het uitgemaakt met haar vriendje omdat hij haar verstikte maar haar jaloezie verraadt dat ze hem nog graag ziet.

Zaki                  Beschuldigde. Hij is een knappe jongeman. Omdat hij teveel had gedronken heeft hij een complete black-out en weet hij niet meer wat er gebeurd is. Alles wijst in zijn richting dus hij probeert zich die avond te herinneren.

Filou                Dader. Ze komt verlegen over. Vriendin van het slachtoffer en verliefd op de beschuldigde. Ze heeft gehandeld in een opwelling. Zowel bij het slachtoffer als bij de beschuldigde probeert ze te achterhalen wat ze weten over het gebeuren en hoe ze nu tegenover elkaar staan. Eens de kans bestaat dat alles uitkomt, beseft ze pas wat ze heeft aangericht.

Papa                Vader van Zaki. Een agressieve man die drinkt. Hij is vooral kwaad omdat Zaki zijn vriendin op lichamelijk zichtbare plaatsen heeft toegetakeld. Wanneer Zaki hem geen antwoorden kan geven ranselt hij hem af.

 

Scenografie

Illusie van een jeugdkamer met een bed, een stoel, een tafel en drie (draaibare) zuilen.

Door te spelen met verlichting en decoratie kan je in volgorde van de scene suggereren dat het telkens een andere kamer is.

Kamer van Celina: op een zuil hangen posters die de leefwereld en het karakter van Celina weergeven, de twee andere zuilen zijn roos belicht.

Kamer van Zaki: op een zuil hangen posters die de leefwereld en het karakter van Zaki weergeven, de twee andere zuilen zijn blauw belicht.

Kamer van Filou: op een zuil hangen posters die de leefwereld en het karakter van Filou weergeven, de twee andere zuilen zijn groen belicht.


 

KAAL

Scène 1

Een meisje zit onder een laken. Een arm is zichtbaar en in die hand heeft ze een spiegel vast. Ze twijfelt. Zal ze in de spiegel kijken of niet?

Er wordt op de deur geklopt en de bezoeker wil voorzichtig naar binnen komen. Celina raakt in paniek.

Celina:            Ga weg! Ik wil niemand zien. Ga weg!

Filou:               Mag ik binnen?

Celina:            Nee!

Filou aarzelt.

Filou:               Celina?

Celina heft een tipje van het laken op om te zien wie het is.

Celina:            Filou?

Filou:               Mag ik binnen?

Celina:            Ja, jij wel.

Filou:               Gaat het een beetje?

Celina:            Nee!

Celina verstopt zich terug onder het laken. Er volgt een gênante stilte. Filou zoekt met gezichtsgymnastiek naar woorden. Ze merkt de spiegel op.

Filou:               Heb je al gekeken?

Celina:            Ik durf niet kijken. Ik probeer de hele tijd maar ik durf niet. Hoe zie ik eruit? Iedereen gaat denken dat ik kanker heb of zo.

Filou:               Zal ik eerst zien?

Celina:            Waarom? Om mij uit te lachen? Het is niet omdat jij een lelijk eendje bent dat je met mij kan komen lachen!

Filou:               Ik zou niet durven.

Celina:            Wat?

Filou:               Ik zou het niet durven, je uitlachen.

Weer een gênante stilte.

Celina:            Godverdomme, Zaki!

Ze huilt en snuit haar neus.

Celina:            Auw, auw, auw. Mijn neus doet zeer. Maar die elleboog was per ongeluk.

Ze wrijft over haar hoofd.

Celina:            Ik voel wat er gebeurd is. Godverdomme, Zaki! Waarom heb je dat nu toch gedaan?

Filou:               Ik had zoiets nooit verwacht van Zaki.

Celina:            Ik ook niet. Drie jaar waren we samen. En dan ineens dit. Mijn haar, mijn mooie lange haar. Hoe heeft hij dat kunnen doen? En waarom? Ik snap het niet.

Filou:               Zijn jullie al drie jaar samen?

Celina:            Waren. Ik had het net uitgemaakt!

Filou:               Uitgemaakt?

Celina:            Maar ja!

Filou begrijpt het niet.

Filou:               Waarom?

Celina:            Zaki is bezitterig en jaloers. Ik was dat beu om elke vijf minuten een sms’je te krijgen, voortdurend gecontroleerd te worden. Ik kon niets meer doen zonder dat hij het moest weten. Ik voelde mij gevangen. En daarom heb ik het uitgemaakt. Ik had dat beter rustig thuis gedaan in plaats van op dat feestje.

Filou:               Ik snap het niet. Jij bent toch met Zaki naar huis gegaan?

Celina:            Ja, na dat gedoe met Robbe.

Filou:               Ja, wat was dat eigenlijk met Robbe?

Filou snapt er niets van. Celina raakt geïrriteerd door haar onwetendheid.

Celina:            Zaki begon te drinken en toen ik bij Robbe stond te praten…

Filou:               Is hij jaloers geworden.

Celina:            Maar ja! Misschien is het daarom? Omdat ik dan lelijk zou zijn en er geen enkele andere jongen naar mij zou kijken.

Filou:               Of durven. Want als Zaki in een colère schiet.

Celina :           Of durven, ja.

 Stilte

Celina:            Ik zie hem daar nog staan met zijn scheermachine in zijn hand. Hij stond zo dwaas naar mij te staren. ‘Je haar is eraf.’

Ze gilt.

Celina:            ‘Je haar is eraf’ En hoe dikwijls heb ik er niet voor gezorgd dat zijn haar netjes was? Voor het feestje nog. Daarom zat dat stom scheerapparaat in mijn handtas. ‘Maak me nog eens knap Minne,’ vroeg hij.  Minne. Ik vond het altijd een mooi koosnaampje. Maar nu weet ik het niet meer. ‘Minne komt van beminnen’ zei hij altijd. Godverdomme, Zaki! Wat een puinhoop.

Onder het laken slaat ze met armen en benen wild om zich heen alsof ze zich verdedigt tegenover haar aanvaller.

Celina:            Ik wil met die gast niets meer te maken hebben!

Stilte. Filou probeert iets te zeggen maar aarzelt. Dan raapt ze al haar moed bijeen en waagt het erop.

Filou:               Zou je het erg vinden als ik hem ga opzoeken?

Celina maakt haar gezicht vrij om vol ongeloof naar Filou te kijken.

Celina:            Jij? Hem bezoeken?

Filou:               Ja.

Celina:            Waarom?

Filou:               Gewoon. Om zijn versie te horen.

Celina :           Om zijn versie te horen. Ik dacht dat je mijn vriendin was, maar nee. Zaki is precies interessanter. Wat zit je hier nog te doen? Je heb mijn toelating niet nodig! Doe wat je niet laten kunt! Dan kan hij jouw haar ook afscheren!

Celina verstopt zich terug in haar laken.

Filou:               Denk je dat ik dat niet erg vind misschien?

Celina:            Zwijg! Ga weg! Ik wil je niet meer zien! Maak dat je wegkomt!

Filou maakt aanstalten om weg te gaan.

Filou:               Celina? Ik…

Celina:            Ga weg! Ik wil je niet meer horen! Ga weg, ga weg, ga weg!

Celina zit te blazen en te zuchten onder haar laken. Filou verdwijnt. Dan bedaart Celina maar ze beseft niet dat ze haar vriendin heeft weggejaagd.

Celina:            Sorry Filou. Ik ben gewoon in de war. Maar misschien is het geen slecht idee. Misschien kan je voor me uitzoeken waarom hij dat gedaan heeft. Ik durf hem nu niet onder ogen komen. Wil jij dat voor me doen?

Stilte.

Celina:            Filou?

Celina heft een tipje van het laken op.

Celina:            Ja lap! Ze is weg. Dat was niet vriendelijk Celina! Je behandelt je vriendin als een debiel. Zij heeft ook gevoelens. Nooit gedacht dat ik zo jaloers kon zijn. En ik ben jaloers! Stikjaloers omdat zij naar mijn Zaki wil gaan. Ik ben niet beter dan Zaki! Ik ben een slecht mens.

Ze kijkt in de spiegel.

Celina:            Ik ben lelijk. Van binnen en van buiten! Ik ben lelijk. Lelijk!

Ze slaat de spiegel daarna kapot op haar hoofd.

Celian:            Auw!

En ze huilt.


KAAL

Scène 2

Een jongen zit op een stoel, duidelijk aangeslagen. Een man staat achter in de kamer en bestudeert de jongen. Hij heeft een flesje bier in de hand.

Papa:               Heb jij het gedaan ?

Zaki :                Ik weet het niet, pa.

Stilte – de man drinkt van zijn flesje.

Papa:               Je weet het niet.

Stilte – De man komt naast Zaki staan, neemt brutaal zijn kin en draait zijn hoofd naar zich. Hij kijkt hem doordringend aan. Zaki is duidelijk bang van hem.

Zaki:                Ik weet het niet! Ik weet het echt niet!

De man laat zijn kin met een ruk los.

Papa:               Je weet het niet.

De man loopt naar achter en neemt een nieuw bierflesje. Hij neemt zijn tijd. Dan gaat hij vlak achter de jongen staan.

Papa :              En wat weet je wel?

De jongen schudt zijn hoofd. Hij weet niks.

Papa:               Je weet toch nog wel dat jullie samen naar die schoolfuif gegaan zijn vrijdagavond?

De jongen knikt instemmend. De man drinkt.

Papa:               Hebben jullie ruzie gehad?

De jongen knikt weer. De man drinkt.

Papa:               Vertel!

De jongen vertelt traag, alsof hij over alles moet nadenken.

Zaki:                Celina had het uitgemaakt. Ik snap nog altijd niet waarom. Ik ben beginnen drinken.

De jongen aarzelt.

Papa:               Je bent beginnen drinken.

De man gaat weer een nieuw flesje halen.

Zaki:                Ja.

Papa :              Heb je veel gedronken?

Zaki antwoordt niet dadelijk.

Papa:               Ik vroeg of je veel gedronken had!

Zaki:                Ja, pa, ik was zat! En toen stond ze daar bij Robbe met haar vingers in haar haar te draaien. Ik ben er naartoe gesjeesd! Ik wou die gast een knal op zijn oog geven, maar Celina kwam er tussen. Ik werd pisnijdig. ‘Dat ze daar met haar gat stond te draaien’ zei ik ‘enkel en alleen om die gast op te geilen en mij jaloers te maken. En dat ze haar krullen in haar gat moest steken!’ Zei ik.

Papa:               Je hebt dus een beetje staan brullen. Nog iets?

Zaki twijfelt – denkt na

Zaki :                Nee, niet echt. Alleen dat Celina mij kon kalmeren en dat ze vond dat we maar beter naar huis gingen.

De man staat afwachtend met zijn armen over elkaar.

Zaki:                Meer weet ik niet. Complete black-out. Ik was zat.

De man blaft in zijn gezicht.

Papa:               je hebt haar knock-out geslagen man! En haar kaal geschoren! Weet je het nu?

Zaki:                Ik weet het niet.

De man doet lacherig.(nabouwen)

Papa:               ‘Ik weet het niet.’

Hij zwaait wat vlinderige handjes in de lucht.

Papa:               ‘Ik had een black-out’ Dat is gemakkelijk. Wees toch eens een vent en zeg waar het op aan komt! ‘Ja, ik heb haar geslagen! Ja, ik heb haar geschoren.’ Zo moeilijk is dat toch niet om dat toe te geven?

Hij staat nu dreigend bij Zaki.

Papa:               Zeg het! Zeg het dan! ‘Ja, ik heb haar geslagen!’

Zaki stamelt voorzichtig.

Zaki :                Ja, ik heb haar geslagen.

Papa:               ‘Ja, ik heb haar geschoren!’

Zaki aarzelt.

Papa:               Zeg het!

Zaki:                Ja ik heb haar geschoren.

Papa:               Lompe zak! Daar! Zie hem daar zitten! Zatte Zaki! Weet je het al? Hij heeft zijn lief in elkaar geslagen. En ook nog kaal geschoren. Stommerik! Geslagen in haar gezicht! Waar iedereen het kan zien!

Hij stompt Zaki in zijn rug.

Papa:               Je moet slaan waar de blauwe plekken niet opvallen, stommerik! Je moet altijd op de billen slaan, daar zien ze het niet.

Hij stompt Zaki herhaaldelijk. Zaki verbijt de pijn.

Papa:               Doet het pijn, jongetje? Hier! En hier! Onnozelaar!

Hij trekt zijn zoon bij de haren naar achter en brult in zijn gezicht.

Papa:               Ik zal je haar eens uittrekken! Dat is wat anders dan scheren!

Zaki onderdrukt een “auw”.

Papa:               Nee! Ik wil geen auw horen!

De man laat hem los, neemt een flesje en drinkt. Zaki verbijt nog steeds de pijn en kan net geen snik onderdrukken.

Papa:               Wablief? Zit jij nu te bleiten?

De man vliegt op hem en ranselt hem zwaar af.  Wanneer zijn woede tempert laat hij zijn zoon ineengekrompen op de grond achter. Nu huilt Zaki zachtjes en prevelt.

Zaki:                Het spijt me. Het spijt me. Celina, het spijt me.


 

KAAL

Scène 3

Zaki ligt op zijn bed. Filou wordt binnen gelaten door de papa van Zaki. Hij blijft even staan kijken met gekruiste armen. Zaki springt recht.

Zaki:                Hoi Filou.

Hij houdt zijn papa in de gaten en verstopt vakkundig de sporen van het voorgaande geweld.(lange mouwen naar beneden trekken, kraag omhoog zetten)

Filou:               Hallo Zaki.

Ze komt dichterbij. De twee staan een beetje onwennig naast elkaar en kijken een paar keer naar de papa van Zaki die dan besluit om hen toch maar alleen te laten.

Zaki:                Waarom ben je hier? Het is hier niet veilig.

Filou wijst naar de plaats waar zonet nog de papa van Zaki stond.

Filou:               Met zo’n waakhond voor de deur?

Ongemakkelijke stilte.

Filou:               Ik veronderstel dat je voorlopig niet buiten komt.

Zaki:                Nee, ik denk het niet. Ik durf ook niet buiten te komen.

Stilte.

Zaki:                Heb je haar al gezien?

Filou:               Ja.

Zaki:                Hoe gaat het met haar? Wat een vraag! Niet goed natuurlijk. Heeft ze iets gezegd?

Filou:               Niet zo veel.

Zaki:                Over mij? Ze is natuurlijk kwaad.

Filou:               Ze zegt dat je jaloers bent en bezitterig.

Zaki:                Had ze het daarom uitgemaakt?

Filou:               Ja, dat zei ze toch.

Zaki:                Maar zij weet hoe ze mij moet aanpakken. Ze kan mij altijd tot rede brengen.

Filou kijkt Zaki met een bedenkelijk gezicht aan.

Zaki:                Ja behalve nu. Blijkbaar. Godverdomme Filou, ik wou dat ik mij iets kon herinneren. Mijn kop is een groot leeg zwart gat en ik zit gevangen in die duisternis. Ik kan geen kant uit. Het verstikt mij, net zoals ik Celina verstikte. Controlefreak die ik ben. Al dat ge-sms ‘Waar ben je?’ Wat doe je?’ als een constant geflikker van kapotte neonlampen. Ze kon geen kant uit. Ze zat gevangen in onze relatie.

Filou legt een troostende hand op zijn schouder.

Zaki:                Filou, ik wil mijn schuld bekennen, maar dan moet ik toch eerst alles precies weten. Ik kan toch zomaar niet fantaseren over hoe en wat ik gedaan heb? Ik wil eerlijk de waarheid kunnen zeggen. Maar ik weet het echt niet meer!

Filou:               Sommigen zeggen dat ze het zelf deed.

Zaki:                Wie zegt dat?

Filou:               Haar klasgenoten.

Zaki:                Nee, dat kan niet. Waarom zou ze dat doen?

Filou:               Om aandacht te krijgen. Ze geloven niet dat ze het heeft uitgemaakt. Waarom zou ze? Je bent knap, lief, vriendelijk, grappig, eerlijk. En je geeft een meisje al je aandacht. Je kan iedereen krijgen. Daarom zou ze het zelf gedaan hebben. Om een monster van je te maken zodat iedereen bang van je is.

Zaki:                En jij? Geloof jij dat ik een monster ben? Ben jij niet bang?

Filou :              Maar nee, ik ben niet bang voor jou.

Filou laat haar hand zachtjes over zijn hand glijden. Zaki kijkt op. Ze glimlacht naar hem.

Filou:                 Jij zou geen vlieg kwaad doen.

Zaki laat Filou een tijdje begaan. Wanneer ze op het punt staat hem te kussen, trekt hij zich plots met een ruk weg en neemt afstand van haar.

Zaki:                Jawel! Ik ben wel een monster. Ik heb Celina kaal geschoren en ik herinner mij niets. Ik word er zot van. Zot! Hoe kan dat? Waarom kan ik mij dat niet herinneren? Ik probeer en ik probeer, maar nee. Ik duik in mijn hoofd en ik zie alleen dat scheerapparaat in mijn hand. En haar kale hoofd. En ik probeer nog…

Plotseling schiet hem iets te binnen.

Zaki :                Maar jij was daar ook.

Filou schrikt.

Zaki :                Ik heb je daar gezien. Jij moet iets gezien hebben. Vertel, wat heb je gezien? Heb ik Celina kaal geschoren? Of heeft ze het zelf gedaan? Zeg het!

Filou maakt dat ze wegkomt. Zaki wil haar achterna lopen maar zijn pa houdt hem tegen.

Zaki :                Filou! Filou! Wat heb je gezien? Zeg het mij! Filou!


 

KAAL

Scène 4

In deze scene kan men gaan spelen met techniek.

-          De drie zuilen kunnen bij de start de kleur van de kamer van Zaki zijn. Wanneer Celina aan het woord is kan een zuil  veranderen en tenslotte kan de derde zuil veranderen wanneer Filou begint te lezen.

-          De berichten kunnen via projectie getoond worden. Op die manier moeten deze teksten niet uitgesproken worden.

Zaki belt met zijn GSM

Zaki:             Neem op, alsjeblief, neem op.

De telefoon van Celina rinkelt, ze kijkt wie het is maar neemt niet op.

Zaki :             Ze neemt niet op.

Hij probeert nog eens. De telefoon van Celina rinkelt, ze kijkt wie het is maar neemt niet op.

Celina:         Nee ik neem niet op. Laat mij gerust.

Zaki:             Nee, ze neemt niet op. Een sms dan.

Hij typt een bericht

Zaki:             Celina, ik hoop dat je dit leest.

Hij verzendt het bericht.

Zaki :            Ik hoop dat ze het leest.

Celina leest maar antwoordt niet.

Celina:         Ik lees, maar je hebt me niets te vertellen.

Zaki :            Geen antwoord. Wat moet ik nu doen? Ik heb haar nodig. Celina ik heb je hulp nodig.

Celina leest.

Celina:         Mijn hulp? Hij heeft mijn hulp nodig. Zelfs geen excuses, nee, meneer vraagt hulp. Dat moet ik op facebook zetten. Zaki heeft mijn hulp nodig!

Nu leest Zaki.

Zaki:             Via facebook? Waar iedereen kan meelezen? Ok, geeft niet. Het is een reactie. Ik ben nu blij met elke reactie. Ja, Celina, ik heb je hulp nodig. Ik weet niets meer van wat er gebeurd is. En ik heb je hulp nodig om het mij te herinneren.

Ook Filou leest nu mee.

Celina:         Natuurlijk weet je niets meer, je had teveel gedronken. Maar dat is geen excuus.

Zaki:             Nee, dat is waar, dat is geen excuus. Maar ik wil weten wat er gebeurd is en hoe. Kan jij me dat zeggen?

Celina:         Wat er gebeurd is? Je gaf me een elleboogstoot op mijn neus. Alles werd zwart voor mijn ogen en toen ik bijkwam stond je met dat scheerapparaat in je handen. Dat is er gebeurd!

Filou leest nog steeds mee en praat tegen zichzelf.

Filou:               Iedereen gelooft dat Zaki de dader is. Alles wijst in zijn richting. Alles is duidelijk. Zelfs Zaki denkt dat hij het deed. Denk ik dat? Hoop ik dat? Wou ik hem daarom zien? Wil ik mezelf bedriegen en geloven dat hij de dader is? Of zal zijn geheugen  terugkomen?

Zaki:             Ik weet alleen nog dat je bij Robbe stond en dat vond ik niet leuk.

Celina:         Dat is nog zacht uitgedrukt. Iedereen heeft je uitbarsting gezien.

Zaki:             Ik wil je helemaal geen pijn doen.

Celina:         Ik geloof dat die elleboogstoot niet expres was. Ik kon je bijna niet rechthouden en je bent met je zatte botten uit mijn handen geglipt.

Zaki:             Zelfs die elleboogstoot weet ik niet meer. Het spijt me.

Kleine pauze vooraleer Zaki verder typt.

Zaki:             Heb jij Filou gezien?

Celina:         Die is daarstraks hier geweest.

Zaki:             Nee, ik bedoel toen het gebeurde.

Celina:         Nee, waarom?

Zaki:             Ze is hier ook geweest en ik herinnerde mij ineens dat zij naast jou stond.

Filou leest nog altijd mee.

Filou:            Alles gaat uitkomen. Als Zaki zich mij herinnert, komt alles uit. Ik heb Celina kaalgeschoren! Ik heb dat gedaan! Maar ik ben laf. Ik durf het niet luidop te zeggen.  Zo laf ben ik. Ik ben bang voor de waarheid.

Celina:         Filou stond bij mij? Daar heeft ze niets van gezegd.

Filou:            Ik wou je helpen. Je was bewusteloos en bleef liggen. Je bleef lang liggen. Bellen. Ik moest iemand bellen voor hulp. Dus ik zocht je GSM in je handtas en daar was het dan, het wapen! Ik greep het vast en begon als een waanzinnige te scheren. Dan zou hij je wel lelijk vinden. Kaal en lelijk. Kaal. Lelijk. Als een echo in mijn hoofd.

Zaki:             Ik zie haar staan. Hoe meer ik erover nadenk, hoe duidelijker ik haar zie staan.

Filou:            Nee Zaki, je ziet mij niet staan. Eerst moet je haar lelijk vinden. Dan moet je mij zien, maar je ziet alleen Celina. En je zegt ‘Celina, je haar is eraf!’ Je ziet mij niet. Nee. Ik laat het scheerapparaat vallen en ik loop weg.

Zaki:             En ze liep weg.

Celina:         Wil je het nu op Filou steken? Meen je dat nu?

Zaki:             Nee, dat bedoel ik niet. Maar als zij daar was, kan zij ons misschien vertellen wat ze gezien heeft.

Celina:         Nee Zaki. Filou was daar niet. Jij bent het monster dat mij heeft kaalgeschoren. Laat mij gewoon met rust.

Nu reageren ook anderen op het facebookgesprek (we horen ze wel maar zien ze niet)

Anderen:    Laat haar gerust!– Zatte aap! – Agressieveling! – Monster!

Wanneer Filou de scheldwoorden leest die aan Zaki gericht zijn, schudt ze haar hoofd. Dan begint ze plots toch te typen.

Filou:            Zaki heeft het niet gedaan.

Zaki en Celina typen gelijktijdig.

Zaki:             Niet?

Celina:         Nee?

Filou:            Ik heb het gedaan.

Celina:         Jij? Waarom.

Filou:            Ik wou dat je mij zag Zaki. Het was in een opwelling. Het was stom. Zo stom. Zaki zou nooit een haar op je hoofd krenken, Celina. Zie de ironie in dat spreekwoord. Ik dus wel. Mooie vriendin ben ik. Love you Zaki! Vaarwel XXX

Filou neemt een mes en snijdt haar pols over. Ze valt op de grond.

Celina gaat naar Zaki en neemt hem bij de hand. Samen gaan ze naar Filou en zien haar daar op de grond liggen.

Donker. Enkel nog de zwaailampen van een ziekenwagen.

Geraakt door deze tekst? Maak het hartje rood of deel de woorden met je vrienden.

Zo geef je mee een stem aan de woorden van deze schrijver en help je hem of haar verder op weg.

7 mrt. 2021 · 0 keer gelezen · 0 keer geliket