Wassend en trappelend uit de oevers van het water,
een krachtig uitslaan van gracieuze vleugels.
Niets in oorsprong zo puur en muzikaal,
als het in –en uitademen van de heilige levensadem.
Samentroepend en liefkozend op blauwe, mistige meren,
mannetjes en vrouwtjes, zij aan zij.
Trouw tot in de eeuwige dagen van hun sierlijk bestaan,
met waggelende tred klaar om naar wasdom te zwemmen.
Transformerend en zuiverend op zoek naar evenwicht,
in het ervaren van nieuwe dingen en het eren van zekerheden.
Onbevreesd, maar geduldig met de natte poten opvarend,
zwelt de sensitiviteit steeds verder aan.
Vormend en evoluerend naar het eindpunt van de bergen,
terwijl we de staten van bewustzijn blijvend herscheppen,
intuïtieve vermogens verder ontwikkelen.
Het is alsof begin en einde samensmelten in één tel.