Onschuld

Chandra Rowe
21 mei 2014 · 0 keer gelezen · 0 keer geliked

Ik wil u graag een verhaal vertellen, een verhaal over onschuld. Dit verhaal speelt zich af in een tijd lang voor de mijne.

Het was een zonnige lentedag en onder een bloeiende kerselaar zat een guitig mannetje. U weet wel hoe die guitige mannetjes zijn, bolle wangetjes, grote oogjes, vuile knietjes en stiekem een vinger in de neus. De protagonist van het verhaal, heeft de leeftijd van 9 zullen we zeggen. Een leeftijd waarop ideetjes worden gevormd en vrienden worden gemaakt. Samen spelen en ravotten, een grapje hier en deugnieterij daar. Boeiende gesprekjes voeren over hun leefwereld en de vriendjes met dezelfde opvattingen.

De ouders van ons mannetje, waren hard werkende mensen. Ze hadden niet veel maar probeerden er altijd het beste van te maken. Dat wass niet altijd leuk, zeker niet als je weet dat de buren meer geld hadden, ze hadden zelfs juwelen. De buren waren ook een beetje anders en deden soms gekke dingen. Dingen waar ons guitig mannetje soms weleens heel boos van werdd. Hij zei dan gemene dingen over ze, heel gemeen. Maar de moeder deed het af als gezonde jaloezie en kinderlijke onschuld, niks om haar zorgen over te maken.

Op een dag vond hij een boekje, een boekje vol lange teksten maar ook grappige tekeningen. Lezen deed onze jongen niet zo graag, hij ging meteen naar de cartoons. Daar zag hij een tekening van twee Afrikaantjes, maar de tekening was een beetje vervormd leek het. De Afrikaantjes kregen de gezichten van aapjes, ja dat vond hij wel grappig. Ook al had zijn moeder geleerd dat je nooit gemene dingen mag zeggen tegen mensen, ze had nooit gezegd dat lachen met tekeningen verkeerd was.

Samen met zijn vriendjes werd er hartelijk gelachen om deze cartoon en naarmate de tijd verstreek vonden meer en meer vriendjes deze tekening grappig. Ze vonden zelfs dat er wel een vorm van waarheid in zat en in al hun onschuld werden Afrikanen nu ook aapjes genoemd. Het duurde niet lang voor het hele dorp de humor er van inzag en als er op bezoek werd gegaan in andere dorpen werd de mop verspreid.

De jongens werden op school als echte lolbroeken beschouwd, meer en meer kinderen wilden meedoen bij wat de jongens ook deden. Zo was er een klein ros meisje nieuw op school. Zij kon goed lezen, schrijven en was zelfs best grappig, maar haar rode haren vonden de anderen toch een beetje vreemd. Zo noemden ze het meisje "roskop" en "wortel".  Meisjes plagen is immers liefde vragen, niet waar? Dat het meisje vaak moet huilen vindt iedereen flauw, meisjes kunnen precies niks verdragen zeggen ze. Als op een dag het nieuws komt dat het meisje in de beek is verdronken, moet iedereen huilen. Sommige mensen zijn zelfs boos, al begrijpt niet iedereen heel goed waarom.

Een week later zat onze jongen op zijn kamer. Hij was boos, heel boos, de rijke buurjongen was zijn nieuwe kleurpotloden komen tonen. Hij had er wel 20, in alle kleuren zelfs en kan zo dus de mooiste tekeningen maken. Onze jongen wilde ook een tekening maken, zeker nu hij zo boos was. Maar met 2 kleurpotloden, rood en zwart, was het niet zo leuk. Hij nam er zijn dagboekje bij en schreef allerlei dingen op, boze dingen over de buurjongen en zijn familie ook.

Ondanks zijn twee kleurpotloden maakte hij toch een tekening, lustig kleurde hij er op los tot zijn mama hem riep om te komen eten. Zijn dagboek en tekening lagen nog op de vloer waar mama ze vond. Ze bekeek de tekeningn, las zijn geraas en besloot:

"Onze Adolf, het is er me toch eentje"

Geraakt door deze tekst? Maak het hartje rood of deel de woorden met je vrienden.

Zo geef je mee een stem aan de woorden van deze schrijver en help je hem verder op weg.

Chandra Rowe
21 mei 2014 · 0 keer gelezen · 0 keer geliked