Roger en Jeannine (opdracht David) / Igor (opdracht Dennis)

claire
12 okt 2016 · 0 keer gelezen · 0 keer geliket

‘Met Rombouts’  

‘Euhm… spreek ik met Jeannine?

‘Nee, met haar man. Wie heb ik aan de lijn?’

‘Roger. Kan ik Jeannine spreken?’

'Roger wie?'

'Roger Flamenne' 

‘Ik geef haar door, momentje.’

 

‘Met Jeannine’

‘Jeaninne, zijt gij het? Het is Roger hier. Roger Famenne.’

‘Roger!  Ge hebt het dus gelezen.  Ik wist niet dat gij Famenne heet met uw achternaam.’

‘Er is veel van mij dat ge niet weet. Enfin, ik van u ook niet.  Die avond in café De Welkom dacht ik dat gij alleen een hondje had, maar er blijkt daar nog eentje te wonen.' 

‘Het is niet wat ge denkt, Roger, maar anders dan … ’

‘Dus gij zoekt mij, gij schrijft dat in het groot in de gazet,  ik ben zo goed u te bellen – ik had dat ook kunnen negeren hé – en uw man pakt op. Schoon Jeannine. Is dat wat ge wilde uitleggen? Zijt ge daarom gaan lopen toen?.’

‘Roger. Kan ik u later eens terug bellen? Dan kunnen we rustig praten.’

‘Kunt ge nu niet praten omdat hij ernaast staat? Is het dat? Staat hij daar met zijn oor naast dat van u? Dat oor waar ik heel de avond heb aan staan lebberen in De Welkom?’

‘Dit is niet het moment, Roger, ik...' 

‘Nee, Jeannine, ik bel u nu. Ge hebt hier verdorie iets uit te leggen. Ge hebt het zelf geschreven in de gazet ‘Ik kan alles uitleggen’, met naam en al,  iedereen kan het lezen, en iedereen weet over welke Roger het gaat, ah ja, Roger van naast het politiebureau, zo zijn er geen drie, ah nee,  en dan bel ik u en dan kunt ge niet praten. Dat klopt dus niet, Jeannine, daar zit geen logica  in…’

‘Het is niet wat ge denkt Roger, maar ik moet nu inleggen.' 

‘Durf het niet hé, Jeannine. Jeannine?’

…..

‘Godverdomme Jeannine.’

 

 

 

Igor (Opdracht Dennis)

 

Igor draait zich nog een laatste keer op zijn andere zij. Binnen een kwartier loopt zijn wekker af. Hij wordt altijd een kwartier voor zijn wekker wakker. Hoewel hun bed groot is, draait Lina met hem mee. Hij wrijft over het litteken op zijn linkerschouder. Dat doet hij vaak ’s ochtends. Lina kruipt dichter tegen hem aan en nestelt haar gezicht diep tussen zijn schouderbladen, alsof ze zich daar schuilhoudt voor iets. ‘Als ik je niet zie, jij mij ook niet.’  De vochtige wolken van haar adem tegen zijn rug, de damp van vertrouwde liefde. Het litteken heeft de vorm van een vlinder. De eerste dagen, toen het vlees nog vochtig was en de wonde open, had hij erover gewreven met een mengeling van trots en ongeloof. Iemand had zich op een brutale manier in zijn leven naar binnen gebeten. Hij had zoiets nooit meegemaakt, dat soort verbetenheid.  Dat soort geilheid ook. Toen het malse vlees een dikke korst werd, had hij de trofee fier getoond aan al zijn vrienden. Later, toen ze was weggegaan, was hij erover blijven wrijven. En hoewel hij  nu niet meer aan haar dacht als hij het litteken streelde, stelde het hem gerust. De geruststelling van ooit iets te hebben meegemaakt,  liefde misschien. Terwijl zijn vingers de randen van de vlinder volgen, raken Lina’s vingers de zijne. Misschien moet hij vandaag langer in bed blijven. Haar dampende adem bereikt zijn hand. Ze kust zijn hand, daarna het litteken. Dit heeft ze nog nooit gedaan, maar hij laat haar begaan. Zijn linkerschouder als bedevaartsoord van de liefde. Hij wil dat het verder gaat, hij begint hijgende geluidjes uit te stoten. Hij hoort Lina iets fluisteren, maar verstaat niet wat ze zegt. Als hij beter luistert, merkt hij dat het geen fluisteren is, maar eerder een soort van dierlijk ademhalen. Ze gromt. Hij zet zich schrap. Hij herkent dit geluid. Nog voor hij zich kan omdraaien, haalt ze uit naar zijn linkerschouder. Haar tanden dringen het vlees binnen. Hij wrikt zich los en kijkt haar recht in de ogen. De ogen van een in het nauw gedreven wolvin. De wekker gaat. Er zit bloed op de lakens.

Geraakt door deze tekst? Maak het hartje rood of deel de woorden met je vrienden.

Zo geef je mee een stem aan de woorden van deze schrijver.

claire
12 okt 2016 · 0 keer gelezen · 0 keer geliket