Vanachter de vrede wuift het verval,
gesluierd onder stralen die men stal.
van gelach, een rake blik, een knuffel in de hal.
Het licht ging uit met een knal.
De mantel der liefde probeerde te bedekken,
wat ons dwong te vertrekken.
Vanachter de vrede, wuift het verval.
De brok in mijn keel is de brok in de hal.
Hebzucht trapt na, dieper in het dal.
Het briest en het huilt.
Menig hart schuilt.
Vanachter het wrede, schijnt licht door kristal.
Achter de vrede, staat liefde, sterk op het bal.
Het zijden draadje wordt een paadje...
alles goed, alles zal
Voor meer: insta "troja_poetry", volgen is lief, liefs

