Lezen

Paris is burning

Parijs staat in branden alle steden staan in brand.Vlammen zien we nietslechts walmende contouren van een stad.Er is mist hierer mist iets.Gelaatstrekken van silhouetten zittenverpakt alsof tongen zijn ingeslikten er van woorden enkel nog maarvia ogen taal kan worden gemaaktof slechts enige vorm van zinsbouw.Hoe gaat het met je? Cava avec toi?Oui oui, maisIk wil een vrouw zijnmet schubben als huid of als schildaansluiten bij een schildpaddenleger.De straten betreden op naaldhakkenzo hoog als steltenbekeken worden, maar niet worden aangegaapt.Om middernacht wil ik geschminkt als manmaar gekleed als vrouwde straten doorkruisenzonder loslopend wild te zijn waarop wordt gejaagd.Ik wil de harten breken vande mannen die dat ook bij mij deden,ze opblazen met heliumen als ballonnen de lucht in laten.Ik wil de zee op varen,een nieuw land stichten.Een eigen taal verzinnen met heel veel scheldwoordenzoals lul en.. sukkel.Slaapliedjes verzinnennachtmerries de nacht uitwiegen.Ik wil mijn herinneringen plooientot origami vogelsen ze de stad in laten vliegen ver weg van broedgebiedenwaar hoofden rusten op kussens van gesneuvelde vleugels.Een lijm uitvinden om gebroken glazendie in duizend stukken opde lineoleum vloer liggenweer aan elkaar te kunnen plakken.Scherven brengen geen geluk.En het glas niet half vol.Het ligt gebroken op de grond.Ik wil heel hard in scherpe voorwerpen springen en pijn en pijnen pijn leiden zodat ik alle pijn uit de wereld…Ik wil een goededoelenfondsmet mijn naam er op.Ik wil een maagring en een trouwringzodat iedereen kan zien dat ik vermagerd ben en verloofd.Ik wil Parijs in brand steken en alle steden in brand stekenen dat in het journaal presenteren als nieuwslezeres.Ik wil blind zijn van de liefde zodat ik vuurnoch vlammen kan zien oplaaienen alleen maar rook ruiken en wat ik mis.Het is ietshet mist hier.

Roos de Buysscher
0 0

liefde in tijden van corona

voor wie of wat bestaan heeft mag je liefde tonen voor zo’n vergankelijke constellatie van elementaire deeltjes in de vorm van een geliefde grootouder of huisdier of een kind zelfs dat te vroeg ontbond of die vervlogen zomerdag             eindeloze zonnige dag                         de geur van zonnecrème van het zonnige meisje                                    windstil, het ronken van een sportvliegtuigje boven de duinen             het gedroogde zout van de zee op haar handdoek, een briesje licht een tipje van de sluier van het geheugen             ik leef niet voor mezelf   de verademing te bestaan uit de stempels die het verleden gedrukt heeft getatoeëerd in plastisch erfelijk materiaal dit verhaal schrijft voortdurend zichzelf lees je verder?   toon je liefde voor wie of wat bestaat die bruinvis en zeehond die je ooit hebt zien zwemmen             die vergankelijke berg, de gesmolten gletsjer, de dorre woestijn, het fossiel, de supernova, de afwezige dampkring                                 of dichter bij huis, onder de brugslapende kinderen, in de zee verzopenhavelozen             werkelijk? is er geen veilige haven?   of op zijn minst niet onzichtbaar zijn, want liefde is rekenschap een mozaïek van uitingen             schilder ze, beschrijf ze, bezing ze, want wij zijn het continuüm, voor wie of wat zal bestaan, door onze narratief zijn we liefde, archivarissen van de tijd en Het Gebeuren             zelf er volop in                         zelf een conglomeraat van elektronen lichtjaren verwijderd van elkaar en toch voorgoed verbonden             want er zijn poorten waardoor je in jezelf stapt en uit het verwachtingspatroon van zelfverwerkelijking             ik is altijd wij geweest liefde is een meervoud             het subject niet per se menselijk er is troost in wie of wat bestaan heeft             het meisje is de oceaan is de vulkaan is de manen van Jupiter is je moeder is je vader is een virus is een koolstofverbinding is eureka is een orgasme is een regenwoud is een geiser is een kernramp is een tsunami is een heldendaad is vergeving zoveel werelden zoveel zonnen zoveel verhalen zoveel betekenis zelfs voor wie of wat nooit bestaat             is er ruimte en liefde, zoveel existentielust, zoveel bestaansdrift hou vol wees vol             van het andere                         van de andere wij zijn een meervoud (Merci, Stromae!)   Stromae - L’enfer

ovlijee
18 0