Lezen

Stille namen op je lippen

Als het de laatste keer was,  oma. Als het de laatste streel was,als een zonnebloem hebben we de levensboom in je kamer dan gedraaid naar het lichtdat de laatste jaren door je raam traag en stil  binnen scheen hand in hand hebben we een lied geluisterdje herkende het, zei jeeen twist aan je kamerinrichting gegevenopa een nieuwe plekzijn doodsprent in de plant gezet je herkende hem, zei jeorganisch geherorganiseerd, vanuit je zetel georchestreerdeen praline in je mondde plant en de hond,water.Een orakelkaart die jou vond integratie laterdan scheen het licht stilin een volle leegtetraag binnen zoals de laatste jaren, zoals het ereen laatste keer was. “Sterven is moeilijk”,zei je de volgende keeren dat je dat nooit gedacht had.Dat je het nu wel zeker weet. “Is je mama daar?”Ja. “Geloof je dat echt?”Ja. Oma, dat geloof ik echtterwijl ik je smalle handen inoliede,een bloemenessentie in je waterglas zacht bewoog,mijn golden retriever aan je voeten neerlag.“Dan is het goedals ze is, daar waar ik naartoe gaals ze daar op me wachtenen opa daar ook isdan is het goeden  wat is water lekker.Ik wist niet dat water zo lekker kon zijn…” De keer daarna, maakten we een brug over je heen met onze armenhand in hand handen in handen en tranen in elkaars weerspiegelinglangs weerszijden van je bedlinks je oudste kleindochter, rechts iknamen we afscheiden gaven we afscheid aan je. Tot weerziens, oma.Tot ondertussen de anjers op de tafel naast je bedeen ondeugend gniffelend boeket genoffelsmet hoeveel waren ze? Tien,toch elfde mensen die je aanwezig voelde in je kamereen bos bloemen alleszinds envava die zei dat het wel was geweestde naam van je moederdat we best samen zouden blijven en voorzichtig zijn.Dat zouden we doen. De keer daarna wilde je rusten, gerust gelatennaar huis gaan. De keer daarna, golven die Chispa’s gouden staart je kamer in waaide,maakten je wakkerzag je ons, ademde zo diep inmet een schep lucht die alle komende ademhalingen kon bevattenkon je nog zien en zeggen dat je de rok van mijn vriendin erg mooi vonden durfde je me vragen ‘hou me vast. het gaat gebeuren’. Enkele uren gebeurden tussen ons ik hield je vast wilde jou niet lossenik niet als eerste sprak jouw naam uitachter gesloten ogen keek je opik zag hetwe namen afscheid van de wind, de zon, de regen, van het licht dat door je raam traag en stil binnen scheenzoals het erde laatste keer wasvan de bomen buiten, van de woorden op je lippenvan je hart waarvan je mond ooit overliepwaarvan ik weet dat het de namen op je lippenen bloemen zou willen kussenals bij een familiefeestafscheid van alle namen van je kinderen,je kleinkinderen en achterkleinkinderenvan alle namen die jij envan de stille stroom van het leven die jou droeg zachtjes wieg ik jou, naar de dood.  Zachtjes wieg ik jou, als een boot.Sluit ik de gordijnen nog een laatste keer. Laat een kaarsje branden. Was je hartslag het laatste in je, of was het je ademhaling waarmee je je leven uitblies? Ik brak wanneer ik in de afscheidsdienst achteraan op de banken zaten merkte dat ik de hoofden van je broers, het karuur van mijn nichten en je zoon en zijn familie herkende, maar jou mistte,  mama. Ik vroeg me af waar jij zou zittenbij het afscheid van jouw moeder.Ik sprak jouw naam uit, achter gesloten ogen keek je opwe namen afscheid van alle namen,van een familie. Van wat we zover hebben meegedragen.Als het de laatste keer wasdag moeder van mijn mama dag mama, nogmaals, eenmaal, andermaal, hiernamaals

Jill Marchant
0 0