Blauw Licht, Zwarte Vleugels
(voor de vrouw met spek)
In de voortuin staat ze,
sloffen in de modder als een vergeten filmrol,
sigaret aan het eind, rood als een waarschuwing.
Ze fluit — vals, schor —
een lokroep die kraaien herkennen als spot.
De lucht trekt dicht, wolken als blauwe olievlekken.
Baconstrips aan touw, wapperend als vlaggen
van landen die nooit bestaan hebben,
gedrenkt in iets dat ruikt naar amandelen en angst.
De eerste kraai landt,
kop scheef, oog als een zwart knoopsgat
waar je ziel zo doorheen kan vallen.
Ze lacht.
Een krakende, Tom Waits-plaat die overslaat
op het refrein van een nummer over verloren tijd.
De kraaien vreten,
en dan kantelen ze — als poppen
waarvan iemand de batterijen eruit trekt.
De tuin wordt stil.
Alleen de strips wapperen nog,
zoals haar vingers, trillend in het blauw licht van de schemering.
Binnen bonkt de koelkast,
de radio spuugt half zinnen uit:
“baby won’t you please… come home…”
Ze staart naar haar handen.
Touw erin. Bloed erop.
Of is het vet?
De camera zoomt uit:
boven haar huis cirkelen de laatste twee kraaien
alsof ze het verhaal opnieuw willen schrijven.
Fade to black.
Het spek wappert nog.
De lucht ruikt naar amandelen.
Tekst : Manfred 12 mei 2025
Foto : Manfred - Oostende

