Mijn leven is een draaimolen.
En ik vind geen houvast.
Mijn handen glijden weg.
Mijn voeten staan niet stil.
En soms.
Soms valt dat wel mee.
Maar vaak.
Vaak doet het pijn.
Alomtegenwoordig.
In de toppen van mijn tenen, de uiteinden van mijn haar.
Een eindeloos geteister.
Van tevergeefse hoop.
Mijn leven is een draaimolen.
En ik sta kansloos.