Kapstersliefde
Al jaren kom ik in dit kapsalon; er pronken mooie kadertjes aan de muren. Foto’s, herinneringen, fantasieën en zo veel meer! Het doet me een beetje denken aan mijn klaslokaal van vroeger, al waren die muren bruin.
Ik hoor een stem in de verte die steeds luider wordt, voetstappen komen op me afgelopen en de geur van vers gemaakte thee dringt mijn kleine neusgaten binnen. En ja, hoor, daar is ze dan: de kapster bij wie ik al mijn hele leven kom. Alsof het mijn troon is, vlij ik me neer op de ordinaire stoel, die hier, voor zover ik weet, al tien jaar staat.
‘Wat zal het vandaag zijn?’ vraagt ze uiterst nieuwsgierig.
‘Kort, strak, maar modieus!’ antwoord ik met opgeheven hoofd.
Ze wast mijn haren alsof deze van zilver gemaakt zijn: zorgvuldig, grondig, maar toch met de nodige zachtheid. We praten even over het weer; zonnig, met broze wolken en tetteren over onze mannen en kinderen.
Daarna neemt ze de schaar in haar fluwelen handen en ze begint, zonder enige twijfel, te knippen in mijn dierbaar haar. Knip, knip, knip,…
Krullende stukjes vallen op de betegelde vloer, die pas opnieuw werd aangelegd. Het schrille contrast tussen het blond en het zwart van de tegeltjes is de oorzaak van mijn wegkijken. Alles wat ik zie, is hemels; die bruine, steile haren, die getinte huid, rode lippen en om het af te maken: sprankelende ogen. Nu pas bemerk ik dat de kapster, mijn vriendin, in mijn doffe, bruine ogen kijkt.
Alsof de tijd stilstaat, ja, zo kan je het beschrijven. Alsof hemel en aarde zijn bewogen. Alsof liefde echt bestaat. Met die laatste gedachte sta ik op en draai me om. Mijn haar half geknipt en mijn ogen volledig betraand. Van geluk? Van spijt? Van liefde…
Ik zie dat ze twijfelt, geen woorden vindt. We weten het allebei niet.
Maar dan, totaal onverwachts en tegen alle wetten van de natuur in, kus ik haar. Vol op de mond. Onze tongen spelen met elkaar en onze lippen houden ons bijeen. De zon verlichtte zonet ons hart, onze ziel. Handen die niet van elkaars lijf kunnen blijven, benen die staan te trillen van opwinding en een hart dat staat te kloppen, voor jou, mijn kapster, in het kapsalon waar ik al jaren kom.