Balancerend op de levensdraad
Gesponnen door het spinnenwiel
Duchtig verbonden met mijn koude ziel
Keek ik de dood in het gelaat
Het lot was me ongunstig gezind
Magere Hein had een simpele taak
Het was voor hem een erezaak
Ik werd bestempeld als duivelskind
Maar door de Onvoorzienigheid
En tot mijn groot jolijt
Raakte hij de draad volledig kwijt.
Sprakeloos als hij was
Draaide hij zich om
En deed in zijn karkas