In het doolhof
van mijn verlangen
wordt de gordiaanse knoop
om mijn hart
steeds strakker.
Gevangen
achter het tralies
van mijn lust
droom ik
om het juk
van mijn lichaam
af te werpen
maar zelfs
mijn dromen
dragen ketens.
Mijn hartstocht is
een versmoorde echo,
onbeantwoord
in het rijk
der uitgedoofde
beloftes.
En ik blijf wachten,
verpletterd
tussen willen
en verdwijnen,
gedachteloos
en
alleen.
© Steven Vanackere, 2026.
