lieve onbekende lezer

21 apr 2018 · 0 keer gelezen · 0 keer geliket

                                                                                                                             Acacialaan, 11 april 2018

 

Lieve onbekende lezer,

Het voelt vreemd aan om een gepaste aanspreektitel te vinden voor iemand aan wie je nog nooit een brief geschreven hebt.  Klinkt het niet te familiair?   Beste, is dan weer zo zakelijk.  Toch maar lieve, In tijden van onverschilligheid kan een beetje lief zijn nooit kwaad.
Ik schrijf je vanop onze zolderverdieping. Daar staat een gemakkelijke stoel van waaruit je door het dakvenster, een prachtig uitzicht hebt op de lucht. Ik zit hier dikwijls.  Ik kijk graag naar de wolken en de lucht. Vandaag is die wit met een steekske grijs en wat flarden zonlicht.  Als je recht op de stoel gaat staan, kan je de kerktoren, een populier – hoger dan die toren- en onze tweeling kerselaar zien. Jaren geleden toen we ons huis bouwden, hebben we twee kersenbomen geplant. Te dicht bij elkaar zodat ze nu vergroeid zijn en er uit zien als één boom. Zondag zijn de eerste bloempjes schuchter tevoorschijn gekomen maar vandaag zijn alle knoppen opengebarsten en staat de boom volledig in bloei.  Voor mij het mooiste tuinmoment van het jaar. Ik zit dan ook elke dag een paar minuten naar die bloesems te kijken.  Als echte heersers eisen ze alle aandacht.  Voor de rest is onze tuin niet echt mooi te noemen.  Een stukje gazon, siergrassen, bodembedekkers, wat buxusstruiken, die vorig jaar bijna allemaal kapot zijn gemaakt door die motten. Ik heb absoluut geen groene vingers en vind tuinwerk echt vervelend. Alleen onze narcissenberg is ook nog de moeite.  Liefst lig ik in de hangmat te lezen.
Vanuit het dakvenster kijk ik in de tuin van de buurman.  Die man is kunstenaar.  Neen, hij is eigenlijk smid maar in zijn vrije tijd maakt hij beelden.  Zijn tuin staat er vol van. Het meisje met de paraplu en de koorddanser zijn mijn favorieten.   De poort van zijn werkplaats staat rond deze tijd altijd wagenwijd open en met ons raam op klik, kan ik hem horen werken.  Het kloppen van zijn hamer, het blazen van de balg, het jagen van het smisvuur. Het liefst hoor ik het sissen van het ijzer dat wordt gekoeld en het zuchten van inspanning van de man. Als de wind uit de goede richting komt, kan ik het hete metaal en de verschroeide brandgeur tot hier reuken.  Smid vind ik een fascinerend beroep. Het is zwaar werk, vraagt veel kracht, onze buurman is trouwens een boom van een vent.  Naast kracht is ook geduld een belangrijke deugd voor een smid.  Het smeden vraagt tijd, het ijzer laat zich niet altijd even gewillig plooien. Een smid moet niet alleen technisch onderlegd zijn, een dosis creativiteit is even noodzakelijk.  Uitdenken wat je gaat maken, het uittekenen en schetsen.  Niet onbelangrijk pluspunt aan smeden :  als bij de effectieve uitwerking het beeld toch niet is zoals verwacht, kan je de boel terug smelten en opnieuw beginnen.  Ik ben echt wel jaloers op die man. Ik kan niet tekenen en ben daarbij nog onhandig ook. 
We wonen in een doodlopend straatje, het loopt dood op het kerkhof.  Vanuit het slaapkamerraam   kan ik een glimp opvangen van de oude graven die er al meer dan honderdvijftig jaar liggen. Een paar jaar geleden kwam er iedere dag een moeder langs, ze parkeerde haar auto voor onze deur en zonder iemand te groeten, liep ze naar het graf van haar kind dat brutaal vermoord was. Nu zie ik haar steeds minder, het verdriet zal wat geluwd zijn, de draad terug opgenomen. Gisteren sprak ik met een vrouw die ik al jaren niet meer gezien had. Ik wist dat ze de liefde gevolgd was naar de andere kant van de wereld. Ze vertelde dat ze het daar goed had met man en kinderen. Ze was een week geleden teruggekeerd voor de begrafenis van haar moeder, die ze zes jaar niet meer gezien had. Morgen vertrekt ze terug maar wou nog even haar graf komen groeten.  ‘Ik heb hier nu niemand meer,’ zei ze ‘en zal dan allicht ook nooit meer terugkomen.’ Dikwijls is het contact woordloos. Elke zaterdagnamiddag komt een man langs om zijn vrouw bloemen te brengen. Klokslag drie  uur, je kan de klok erop gelijk zetten.  Van achter ons keukenraam steek ik mijn hand op en hij zwaait altijd terug.   Misschien hou jij niet zo van kerkhoven maar ik vertoef er graag.  Een beetje melancholie is mij niet vreemd en ik denk graag aan vroeger.  Is dat ouder worden?

groetjes

Geraakt door deze tekst? Maak het hartje rood of deel de woorden met je vrienden.

Zo geef je mee een stem aan de woorden van deze schrijver.

21 apr 2018 · 0 keer gelezen · 0 keer geliket