Lus Colpin

Gebruikersnaam Lus Colpin

Teksten

Laten we zacht zijn voor elkaar

Dag Tine, Ik heb met veel plezier je brieven gelezen. Ook je laatste brief waarin je schrijft dat je verbondenheid miste.  Ja, die heb ik ook gemist maar inderdaad door het concept van schrijfopdrachten was dat niet evident en zoals je ook wel zal gemerkt hebben ben ik ook wat afstandelijk gebleven.  Dat gaan we zaterdag goed maken met een stevige babbel. Van een billenbank had ik nog nooit gehoord! Tof gevonden. Ja, die onverschilligheid vind ik vandaag in zoveel dingen.  Ik vind dat mensen onzorgzaam ( niet bestaand woord, maar passend) met mekaar omgaan.  De eigen persoon wordt op de eerste plaats gesteld.  Als het voor mij maar goed is, de andere daar trek ik me niets van aan. Alleen nog rechten, geen plichten meer.  Mondigheid wordt zo dikwijls verward met onbeschoftheid. Ik ben mag ik wel zeggen nogal in de weer voor andere mensen. Probeer de noden te zien, te luisteren en te helpen.  Omgekeerd blijf ik al eens in de kou staan. Ik zie ook zoveel mensen constant op die gsm tokkelen, voor mij ook een vorm van onverschilligheid naar de ander. Oei dat klinkt nogal zwaar op de hand.  Ik ben niet verzuurd hoor, hou van feesten, zingen, folk muziek, film en boeken. Ik probeer elke dag te lezen. Ik vond het fantastisch om in jouw brief te lezen dat je naar Tom Lanoye bent gaan luisteren.  Ik heb hem ook al verschillende keren gehoord, een grandioos verteller. Zaterdag ga ik zeker luisteren. (35 jaar Herman Brusselmans laat ik aan mij voorbijgaan.) Ik heb net ‘Zuivering’ gelezen en vorig jaar ‘Gelukkige slaven’.  Samen met Louis Paul Boon en Erwin Mortier mijn favoriete schrijver.  Arthur Japin, Kader Abdolah, Joost Zwagerman om er nog een paar graag gelezen schrijvers te noemen. Lara Taveirne, Judi Zeh, Hanna Bervoets om zeker de vrouwen niet te vergeten.  Ja, Tine, en zo kan ik wel nog even doorgaan.  Gisteren ben ik begonnen in (wat een mooie titel)  ‘Ze zullen denken dat we engelen zijn’ van Bert Natter.  Ik had nog nooit van hem gehoord. Bij tijdsgebrek en ook wel eens uit luiheid, neem ik in de bib vlug iets van het aanbod ‘nieuwe boeken’.  Al mooie ontdekkingen gedaan. Onze narcissenberg is inderdaad een kleine bergje in de tuin die in het voorjaar vol narcissen staat en nu vol hosta.  De hangmat.  We hebben er twee.  Eentje voor twee, daar lig ik in te lezen en samen met mijn man naar de wolken en de sterren te kijken.  De tweede, dat zal je Belgo-Mexicaans hart plezier doen, is the mexican hammock gekocht op het folkfestival in Dranouter.  Ze biedt plaats aan vier personen maar de bomen in onze tuin staan eigenlijk te dicht bij elkaar om ze degelijk te kunnen ophangen! Naar de wolken kijken. Ik denk dat ik al mijn ganse leven naar de wolken kijk.  Ik ben opgegroeid langs de Schelde, ik heb uren aan haar oevers gezeten.  Kijkend naar de boten en de wolken.  Het gedicht ‘De wolken’ van Martinus Nijhoff is trouwens een van mijn lievelingsgedichten. Gisterenavond nog onder een prachtige wolkenhemel gaan fietsen in Bellebroek.  Door naar de wolken te kijken, voel ik mensen die aan de andere kant van de wereld wonen, even dichtbij. Wat ik met kerkhoven heb?  Kerkhoven zijn onlosmakelijk met mijn leven verbonden. Nadat mijn moeder gestorven was, ging ik elke zondagvoormiddag met mijn vader haar graf bezoeken.  Alle andere gestorven familieleden kregen ook een gebedje.  Ondertussen ben ik het bidden verleerd en zijn de graven van mijn moeder, mijn vader en de meeste familieleden verwijderd. Toch ga ik er nog elke keer als ik in de buurt ben een wandeling maken.  Altijd om mijn ouders te groeten maar ook om even stil te staan bij het graf van andere mensen uit onze wijk, aan wie ik mooie herinneringen bewaar. Op het kerkhof in onze straat, ontmoet ik levende en gestorven mensen van de stad waar ik nu woon.  Ik wandel gewoon graag op een kerkhof en vind er rust. Op vakantie bezoeken we altijd lokale kerkhoven.  Het mooiste is voor mij nog altijd dat van Cavtat. Ook dat van Auvers sur Oise. Lieke, is een juf van de muziekacademie.  Ik heb les gevolgd bij haar, op de schrijfzolder. Dat is ondertussen al een paar jaar geleden maar we zijn goede vrienden gebleven.  We gaan veel samen op stap naar theater en concerten. We zingen ook allebei in een solidariteitskoor. Ze woont dertig kilometers bij ons vandaan.  Ze is alleenstaand met weinig familie in de buurt.  Dus ben ik soms bezorgd om haar. Warme groetjes Lus

Lus Colpin
0 0

Vragen staat vrij

Dendermonde, 25/05/2018 Dag Tine, Toeval bestaat niet zegt mijn zoon altijd. Daarom vind ik waarschijnlijk een aantal gemeenschappelijke kenmerken, ik citeer ‘De ultieme tip om het schrijven vol te houden’ Ja, ik heb geen zittend gat zoals we hier zeggen en het zitvlak is belangrijk. Ik hoor graag van jou dé tip.  ‘om maar te zeggen dat ik soms wat verstrooid kan zijn’ Verstrooidheid, welkom in mijn wereld Bij aankomst in Dublin, het adres van de B&B thuis vergeten.                                                                 Eieren in 1 uur laten hard koken in plaats van de gebruikelijke 10 minuten.(deze middag) ….  Bestaat er een zelfhulpgroep? ‘eten meer chocolade dan goed voor hen is’ Hoe kan jij me coachen om van mijn chocoladeverslaving af te raken? ‘mijn bureauschuif puilt stilaan uit van de onafgewerkte verhalen’ Welke verhalen wil/moet je zeker afwerken? Ik wil ze wel lezen. Dia de los Muertos, San Miguel de Allende, het koloniale huis. Ik droom al weg.  Vertel me meer ‘Hoe anders zou het geweest zijn als je hart was blijven kloppen. Een huwelijk dat die pijn kon dragen. Allemaal zullen ze vandaag hun kinderen extra knuffelen.’ Drie even mooie als beklijvende zinnen. Verlies hoort bij het leven.  Het verdriet dat daarmee samengaat, moet voor mij niet overgaan.  Het moet alleen een plaats krijgen. Wie gestorven is moet levend gehouden worden door uitgesproken herinneringen. Wat denk jij daarvan? Ik knuffel niet altijd genoeg.  Jij?   Groetjes Lus PS Je woont in Ledeberg, ken je de Ledebirds?

Lus Colpin
0 0

Over mezelf, voor G. en J.

Brief over mezelf, voor G. en J. Als ik er over nadenk, zijn het niet ontmoetingen die mijn leven bepaald hebben maar wel gebeurtenissen. Dingen die me zijn overkomen, zonder dat ik er om gevraagd heb. Mijn leven is totaal veranderd de dag dat mijn moeder plots gestorven is. ’s Morgens had zij nog innig afscheid genomen van mijn vader die naar zijn werk vertrok.  Veertien uur later was ze overleden.  Ik bleef echter met een man die zo een verdriet nooit te boven is gekomen.  Als enig kind kreeg ik op mijn elfde een zware last op mijn schouders.  In de stilte van ons huis was ik getuige van de verwoestende kracht van verdriet. Voor mijn vader stopte het leven bij de dood van mijn moeder. Het was alleen nog overleven. Voor hem. Maar ik was jong, groeide op en wou wel leven. Ik wou vooral ook geen medelijden, want dat hadden mijn klasgenoten, de juf, de buren en de familie. Voor alles was ik op mezelf aangewezen.  Ik kon bij mijn vader niet terecht. Trekt uw plan, was altijd zijn antwoord. Dat heb ik gedaan.  Ik heb zelf keuzes gemaakt. Ik studeerde verder, trouwde met de man van mijn leven en liet mijn vader achter. Hij was nochtans een lieve, zachte man die de sterke vrouw naast hem altijd gemist heeft. Hij heeft mij altijd heel graag gezien maar wist niet hoe dat te tonen. Ik was te jong om er op de juiste manier mee om te gaan. Ik had te weinig begrip. Een paar jaar nadat ik uit huis ben gegaan is hij overleden.  Als ik nu terugkijk, heb ik hem teveel in de steek gelaten maar  kon toen niet overweg met wat ik zijn zwak karakter noemde.  Zelfmedelijden en zelfbeklag, zijn dingen waar je bij mij dan ook niet mee moet afkomen.  Je heb altijd de mogelijkheid om je situatie zelf in hand te nemen.  Dat is niet altijd even gemakkelijk, maar als je zelf keuzes maakt en daar dan achteraf geen spijt van hebt, dan heb je volgens mij de goede beslissing genomen.  Ik heb een hekel aan mensen die altijd verwijzen naar vroegere, ongelukkige gebeurtenissen om niets aan te vangen met hun leven.  Je leven dat maak je zelf. Een tweede gebeurtenis die mij veranderd heeft is de tumor die meer dan 10 jaar geleden in mijn lichaam geslopen is en gelukkig (tot nu toe) geen blijvende ravage heeft aangericht.  Ik waande me eerlijk gezegd on-ster-fe-lijk. Was nog nooit ziek geweest, mijn absentie op het werk kon je op één hand tellen.  En ja, toen kreeg ik een serieuze opdonder.  Maar vechter als ik ben heb ik me niet laten doen.  Na een paar maanden was het ergste achter de rug.  Tijdens dit ziekteproces, ben ik wel anders in het leven gaan staan.  Ik vind de dingen niet meer vanzelfsprekend. Ik ben ook nederiger geworden.  Ja, zo een woord van vroeger.  De wereld en wij allemaal hebben teveel pretentie. We wanen ons oppermachtig en rommelen maar wat aan.  Ik ga sindsdien niet altijd bewuster om met mezelf maar ook met de omgeving.  Minder auto, meer fiets.  Duurzame voeding van lokale producenten.  Zachter zijn voor de mensen rondom mij,  me meer in de plaats van de ander stellen.  Iedereen is verschillend en het is juist die diversiteit die het samenzijn boeiend maakt.  Dus neem de mensen zoals ze zijn, maar blijf vooral jezelf. Eerlijk zijn, altijd tegenover jezelf.  Mensen horen niet altijd graag de waarheid, de waarheid kwetst.  Als je dan toch een toegeving wil doen : een klein leugentje om bestwil maakt de omgang makkelijker en is een elegante oplossing. Dit heb ik tot mijn scha en schande gaandeweg ontdekt. Lus

Lus Colpin
0 0

Mijn vader is soldaat kameraad

Mijn vader is soldaat kameraad. Vannacht heb ik gedroomd dat ik een soldaat was. Nu vind ik aan soldaat zijn niet echt iets grappig. Toch ben ik blijgezind wakker geworden.  Het zit zo.  Ik werd uitgeloot om te gaan vechten aan het front bij Madonna.  Je kan slechter terecht komen dan bij Madonna.  Holiday, celebrate.  “Neen, je begrijpt het niet,” zei de luitenant.   Niet naar de zangeres Madonna, maar naar een boerengat ergens aan het front in West-Vlaanderen, daar moesten we naartoe. Te voet.  Reken maar da’s al gauw een dikke honderd kilometers.  Er werd verzameling geblazen op een mij totaal onbekende plek.  Zoals in de Aldi stond het plein vol met grote bakken gevuld met soldatenkledij.  Daar mochten we in grabbelen tot we de gepaste outfit vonden.  Omdat niet iedereen zin had om in een soldatenuniform rond te lopen, was het enthousiasme wat lauwtjes.  Ik wachtte af en stelde me tevreden met wat anderen lieten liggen.  Het resultaat was, dat ik er eerder als een wansmakelijke clown dan als een stoere soldaat uitzag. Bij welke leger hoorde ik? De korporaal wist het niet.  Ikzelf vond dat nog wel iets hebben. Met een Duitse punthelm op mijn hoofd, ABL boots aan mijn voeten en een scharlaken broek aan, paste ik inderdaad bij geen enkel regiment.  Ik behoorde zowel tot de vijand als tot de patriotten.  De luitenant bekeek me van kop tot teen en riep toen niet echt op zijn zachts : “aansluiten, aansluiten achteraan.”  Wat er toen verder gebeurde kan ik me niet meer voor de geest halen.  Ik weet nog dat er plots een café opdoemde met de- in onze situatie- bizarre naam ‘In de Vrede’.  Ik ben gestopt. Hoeveel kilometers we in de benen hadden? Geen idee.  Hoeveel glazen Rodenbach ik er gedronken heb? Geen idee.  Dat er leuker gezelschap was dan soldaten, dat weet ik wel nog. In Madonna ben ik nooit geraakt.

Lus Colpin
6 0

Hier en nu

Hier en nu     Liefste Lies,   Ik heb wat zitten neuzen in oude foto albums uit onze jeugdreizen. De foto is genomen in Zinal in augustus 73 van de vorige eeuw.  Voor een berghut. Alleen meisjes. Zongebruind kijken we allemaal vrolijk in de lens. We waren 17. Het lijkt een eeuwigheid geleden en toch herinner mij die vakantie nog altijd zoals al onze vakanties trouwens. We hebben samen mooie momenten beleefd.  Door het werk van onze vaders konden we elk jaar goedkoop een stukje van de wereld zien.  We schreven toen al jaren naar mekaar. Thuis hadden we allebei geen auto en geen telefoon.  We woonden op dertig kilometer van elkaar maar in die tijd was zo’n afstand bijna onoverbrugbaar. We schreven dan maar brieven. Brieven schrijven was toen meer dan een hobby. Wekelijks zat er wel eentje in de bus.  Ik bewaar ze nog altijd op zolder. Op de foto herken ik bijna niemand meer.  Alleen Annie. Zij was de dochter van een directeur, had chiquere kledij en reisde eerste klasse.  Onze vaders waren mekaniekers in Schaarbeek. Wij reden in tweede klasse met de paarse ‘coupons’ zoals dat toen gebruikelijk was. Ik herinner mij nog dat ze vertelde over de Olympische Spelen van München.  Haar oudere zus was daar in 1972 hostess geweest.  Maar eigenlijk was het wel een toffe, ze was ook altijd in voor een grapje. Natuurlijk zit daar ook Hendrika (te pronken in haar bikini).  Die woonde in een naburig dorp.  Ze heeft na de vakantie mijn lief ingepikt en is er mee getrouwd . Gelukkig is ze nooit geweest.  Zeven jaren en een zoon later is hij bij haar weggegaan. Zo vertelde ze me onlangs op een feest waar we toevallig samen waren.  Ik herkende haar (na twee keer kijken).  Zij kende mij niet meer en wist ook niet meer wie jij was. Op de foto staan we met onze onafscheidelijke zelf gehaakte mutsjes met pompon.  Hoeveel jaren hebben we die niet gedragen.  Elk jaar in een andere kleur.  Wij waren ook altijd aan het zingen. Onze favoriete liedjes waren protestliederen.  Nu nog ken ik de woorden uit het hoofd.  Koop een geweer  en Donna Donna.  We zouden de wereld gaan verbeteren.  Nog één jaar zijn we samen op reis geweest.  Jij ging niet verder studeren en zou snel trouwen met je jeugdliefde. Nog twee jaar hebben we brieven geschreven. Daarna is onze vriendschap verwatert.  We hadden dan wel een auto en een telefoon maar de magie van op reis zijn was er niet meer.  Onze mannen konden het ook niet echt met elkaar vinden. Jij maakte een bekende chocoladefabriek aan het Zuid station rijker en ik verruilde mijn dromen voor een baan bij de bank.  De wereld hebben we misschien niet echt verbeterd maar als ik nu met het wereldkoor Donna zing, ben ik weer zeventien.   Vele groetjes van je copine   How the winds are laughing They laugh with  all their might  

Lus Colpin
0 0

Lieke,

Lieke, zaterdag 14 april   Je hebt gisteren wat gemist. Ben naar een toneelvoorstelling geweest van die compagnie waarvan we vorig jaar dat wondermooie stuk over ouder worden hebben gezien.  Die mannen hebben blijkbaar iets met ouderdom.  Het stuk, het was eigenlijk meer een documentaire, ging over een ouder koppel dat na een onteigening, koppig weigerde te verhuizen.  Grappig, ontroerend. Je zou het echt schoon gevonden hebben.  Hoe het met de vrouw afloopt, kon je achteraf thuis – op de website van de filmmakers- bekijken. Ik weet niet of het bij jou in de buurt ook gespeeld wordt.  Zeker gaan kijken. De kaartjes voor het concert zaten deze morgen in de bus.  Kleine Helden Cantate.  Ik ben benieuwd. Morgen goed oefenen tijdens de repetitie, dat het een mooi wordt.  Met al die prachtige stemmen (vooral de jouwe) ben ik daar wel al vrij zeker van. Lus     Lieke,  woensdag 18 april   Alles goed met je?  Ik kreeg geen reactie op mijn enthousiast bericht van zaterdag.  Ben je de buurman nog altijd aan het helpen met stenen kuisen of is er nog veel werk aan het schilderen van jullie decors?  Je weet dat ik me direct zorgen maak als ik niets hoor. Ja, je zit daar nu ook zo alleen en toch niet echt dichtbij.  Ik weet dat je daar zelf niet veel bij stilstaat, je waant je (nog steeds) onsterfelijk. Ik ben dan weer te veel pessimist en overdrijf misschien.  Maar Lieke, als jou iets zou overkomen, hoe gaan wij dat hier weten? Lus   Lieke, vrijdag 20 april Ik heb gisteren een ganse namiddag (met dank aan het zonnetje) in de hangmat gelegen met de debuutroman Andromeda. Over terrorisme, hiv, klimaatopwarming en de onbedoelde gevolgen van onze daden en beslissingen. Knap verteld en veel stof tot nadenken.  Ik zie ons dan weer terug op de zolder van de academie.  We hebben daar vele mooie uren gesleten.  Bij een kop yogi thee en jouw appeltaart luisterden we naar mekaars verhalen.  Iedereen had reeds beslissingen moeten nemen die (on)bedoelde gevolgen hadden zowel op het eigen leven als dat van de andere betrokkenen.  Het deed deugd om daar samen om te kunnen huilen en lachen.  We hebben daar inderdaad niet alleen gehuild maar ook wat afgelachen en vele hilarische momenten beleefd. Om het met een slogan van BZN te zeggen, elke week kregen we daar onze nodige  ‘vitamines voor het hart’. Ik heb veel zin om iedereen deze zomer uit te nodigen voor een ‘zoldermoment’ bij ons thuis. Ja, ik ga er echt werk van maken als jij meedoet natuurlijk. Lus  

Lus Colpin
0 0

lieve onbekende lezer

                                                                                                                             Acacialaan, 11 april 2018   Lieve onbekende lezer, Het voelt vreemd aan om een gepaste aanspreektitel te vinden voor iemand aan wie je nog nooit een brief geschreven hebt.  Klinkt het niet te familiair?   Beste, is dan weer zo zakelijk.  Toch maar lieve, In tijden van onverschilligheid kan een beetje lief zijn nooit kwaad. Ik schrijf je vanop onze zolderverdieping. Daar staat een gemakkelijke stoel van waaruit je door het dakvenster, een prachtig uitzicht hebt op de lucht. Ik zit hier dikwijls.  Ik kijk graag naar de wolken en de lucht. Vandaag is die wit met een steekske grijs en wat flarden zonlicht.  Als je recht op de stoel gaat staan, kan je de kerktoren, een populier – hoger dan die toren- en onze tweeling kerselaar zien. Jaren geleden toen we ons huis bouwden, hebben we twee kersenbomen geplant. Te dicht bij elkaar zodat ze nu vergroeid zijn en er uit zien als één boom. Zondag zijn de eerste bloempjes schuchter tevoorschijn gekomen maar vandaag zijn alle knoppen opengebarsten en staat de boom volledig in bloei.  Voor mij het mooiste tuinmoment van het jaar. Ik zit dan ook elke dag een paar minuten naar die bloesems te kijken.  Als echte heersers eisen ze alle aandacht.  Voor de rest is onze tuin niet echt mooi te noemen.  Een stukje gazon, siergrassen, bodembedekkers, wat buxusstruiken, die vorig jaar bijna allemaal kapot zijn gemaakt door die motten. Ik heb absoluut geen groene vingers en vind tuinwerk echt vervelend. Alleen onze narcissenberg is ook nog de moeite.  Liefst lig ik in de hangmat te lezen. Vanuit het dakvenster kijk ik in de tuin van de buurman.  Die man is kunstenaar.  Neen, hij is eigenlijk smid maar in zijn vrije tijd maakt hij beelden.  Zijn tuin staat er vol van. Het meisje met de paraplu en de koorddanser zijn mijn favorieten.   De poort van zijn werkplaats staat rond deze tijd altijd wagenwijd open en met ons raam op klik, kan ik hem horen werken.  Het kloppen van zijn hamer, het blazen van de balg, het jagen van het smisvuur. Het liefst hoor ik het sissen van het ijzer dat wordt gekoeld en het zuchten van inspanning van de man. Als de wind uit de goede richting komt, kan ik het hete metaal en de verschroeide brandgeur tot hier reuken.  Smid vind ik een fascinerend beroep. Het is zwaar werk, vraagt veel kracht, onze buurman is trouwens een boom van een vent.  Naast kracht is ook geduld een belangrijke deugd voor een smid.  Het smeden vraagt tijd, het ijzer laat zich niet altijd even gewillig plooien. Een smid moet niet alleen technisch onderlegd zijn, een dosis creativiteit is even noodzakelijk.  Uitdenken wat je gaat maken, het uittekenen en schetsen.  Niet onbelangrijk pluspunt aan smeden :  als bij de effectieve uitwerking het beeld toch niet is zoals verwacht, kan je de boel terug smelten en opnieuw beginnen.  Ik ben echt wel jaloers op die man. Ik kan niet tekenen en ben daarbij nog onhandig ook.  We wonen in een doodlopend straatje, het loopt dood op het kerkhof.  Vanuit het slaapkamerraam   kan ik een glimp opvangen van de oude graven die er al meer dan honderdvijftig jaar liggen. Een paar jaar geleden kwam er iedere dag een moeder langs, ze parkeerde haar auto voor onze deur en zonder iemand te groeten, liep ze naar het graf van haar kind dat brutaal vermoord was. Nu zie ik haar steeds minder, het verdriet zal wat geluwd zijn, de draad terug opgenomen. Gisteren sprak ik met een vrouw die ik al jaren niet meer gezien had. Ik wist dat ze de liefde gevolgd was naar de andere kant van de wereld. Ze vertelde dat ze het daar goed had met man en kinderen. Ze was een week geleden teruggekeerd voor de begrafenis van haar moeder, die ze zes jaar niet meer gezien had. Morgen vertrekt ze terug maar wou nog even haar graf komen groeten.  ‘Ik heb hier nu niemand meer,’ zei ze ‘en zal dan allicht ook nooit meer terugkomen.’ Dikwijls is het contact woordloos. Elke zaterdagnamiddag komt een man langs om zijn vrouw bloemen te brengen. Klokslag drie  uur, je kan de klok erop gelijk zetten.  Van achter ons keukenraam steek ik mijn hand op en hij zwaait altijd terug.   Misschien hou jij niet zo van kerkhoven maar ik vertoef er graag.  Een beetje melancholie is mij niet vreemd en ik denk graag aan vroeger.  Is dat ouder worden? groetjes

Lus Colpin
0 0