We lopen langs de rekken ,
heel dicht bij elkaar
Niet meer zoals vroeger,
dat vond je toen maar raar
Nu zijn we samen op elk uur van de dag,
toch ontbreekt het beeld van je liefelijke lach.
In mijn hoofd zit je gebeiteld als een kunstwerk op de kast
dat geeft me sterkte om door te gaan, is zeker geen last.
Ik kan je alles zeggen ondanks het verdriet
en weet het nu wel zeker
je bent er wel ook al ben je er niet.