Mijn vriend, de prachtige Dolfijn

27 jan 2026 · 0 keer gelezen · 0 keer geliket

Ik hoor een plons in het water. 
“Het is een dolfijn” zag mijn vader, 
De dolfijn was zo prachtig als een romein en robijn. 
Ik noem hem Martijn. 
Hij ruikt hart naar komijn en jasmijn. 
Zijn huid is segrijn. 
Hij heeft zeker geen venijn. 
Hij lust rozijn. 
En ik lust er ook wel eentje. 
Martijn is geen fenomeentje. 
Hij lust ook vis. 
Hij heeft niks mis. 
Wat Martijn niet lust is afval en azijn. 
Ik wil zijn vriend zijn. 
Ik doe hem vast nooit pijn. 
Voor Martijn deel ik mijn  terein. 
Voor hem maak ik een festijn. 
Voor hem maak ik een refrein. 
Voor hem wandel ik in de woestijn. 
Als Martijn in noot is zal ik altijd voor hem klaar staan. 
Ik wil met hem op de water -achtbaan. 
Ik wil echt zijn vriend zijn. 
Voor mij is hij de kapitein. 
En ik de matroos. 
Daarom geef ik hem veel cadeaus. 
 
Lune Baetens 
  

Geraakt door deze tekst? Maak het hartje rood of deel de woorden met je vrienden.

Zo geef je mee een stem aan de woorden van deze schrijver.

27 jan 2026 · 0 keer gelezen · 0 keer geliket