Onderweg

12 feb 2018 · 0 keer gelezen · 0 keer geliket

‘Voulez-vous coucher avec moi, ce soir?’ Hij hangt ergens helemaal aan de andere kant van de kale ruimte traag en ongecontroleerd te bewegen. Zijn woorden en hun toon waaien in flarden tot bij haar, vermengd met zijn geur.  Het duurt een hele tijd voor zijn uitnodiging daadwerkelijk tot haar doordringt. Nog niet gewend als ze is aan de taal, laat staan aan van lokale wijn doordesemd patois. In het schemerdonker ziet zij alleen zijn contouren. En om de zoveel tijd een oranje gloed. Het oplichten van nog een sigaret. Ze probeert de afstand in te schatten tussen haar bank en de zijne, tussen haar bank en de resten van een deur die naar de sporen leidt.  Ze klemt haar armen nog steviger om haar nieuwe roze rugzak.  Hij zou als hoofdkussen dienen. Ze zou de uren die haar resten tot de opkomst van de zon en haar verbinding naar het zuiden, in de wachtzaal slapen. ‘Voulez-vous coucher avec moi, ce soir?’ De gedaante heist zich overeind. Haar hartslag versnelt.  Ze is zich haarscherp bewust van het voorwerp dat door de gore-tex tegen haar rechterelleboog drukt. Binnen handbereik. En toch ook niet. Tien seconden aarzelt hij verdwaasd.  Dan wankelt hij door de gehavende deur de wachtzaal uit. Gemompel en dan geklater. Ze schiet recht van de bank en loopt snel het perron op. De kleine stationshal is nog gesloten. Aan de straatkant ook geen levende ziel.  Enkel de geur van bakkend brood. Ergens in één van de huizen, te midden van de optrekkende donkerte is dus toch al iemand wakker.  Die gedachte schikt ze als ze een dekentje op de koude, harde grond. Tot 6.43u is de telefooncel de hare. Enkel en alleen de hare.

 

Zo moet het ook voor Hans en Grietje geweest zijn, bedenkt ze in bed. Geen broodkruimels meer te bespeuren, moe en hongerig, alleen in het donkere bos en dan in de verte een lichtje zien... Het huis ruikt naar nieuw. De deurlijsten gapen. De ramen staan kaal in de muren. De houten leuning-loze trap verstopt zich onder karton. In wat de keuken zal worden, pruttelt water op een blauw campingvuurtje. ‘Koffie?’  Ruwe grote handen geven haar een kom. Hun woordeloze drinken past bij de plek. De slaapkamer niet:  het opgemaakte bed, de kast met glanzende spiegel en het zachte licht van een stijlvolle staanlamp. Ze zet haar rugzak als nachtkastje naast haar hoofdeinde. Het roze is niet meer.

 

Ze zoeven over de weg. Rechts zinderen de heuvels van de hitte, links blakert de zee diep blauw.  Ze stond er nog maar net en ze had al prijs. Met zingende banden was hij voor haar gestopt. Galant had hij de deur voor haar open gehouden, haar rugzak met een zwaai op de achterbank gegooid. Zijn ene hand  beroert nu zelfzeker het stuur. Het andere beweegt nonchalant heen en weer tussen zijn zwarte zonnebril en het open gedraaide raampje. Ze keuvelen wat. Zij in haar aller-charmantste schoolfrans. Hij met de onweerstaanbare tongval van een Parisien. Zij vertelt over de man die in onberispelijk tenue boules de Berlins verkocht op het brandend hete strand. Hij vraagt haar of ze topless zont. Zij vertelt hoe ze op de boulevard de politie tevergeefs jacht zag maken op de vele verkopers van  Lacoste polo’s. Hij vraagt of ze interesse heeft in ’t verdienen van een extra centje. Zij vertelt over het nachtelijke babbelen met de andere treksters in de meisjeskamer van de gîte. Hij vraagt of ze ook andere dingen doen. Hij stopt voor de deur. Draagt haar rugzak het trapje op. Raakt licht haar haren aan. ‘Vanavond geef ik een feest op mijn jacht. Een paar kilometer voor de kust hier. Ik kom je om half tien oppikken. Tes amies sont aussi les bienvenues. Soie belle.’

 

Hij had haar apart genomen. Onder de oren van haar grootmoeder uit. Iets wat nooit eerder was gebeurd. Zonder enige gène of twijfel zei hij: ‘Al die aids dat baart mij zorgen. Als je straks, op reis, iets doet met een man, gebruik dan een condoom.’

 

Ik weet dat ik toen dacht: maar Grootva toch, waar jij je zorgen over maakt.

Geraakt door deze tekst? Maak het hartje rood of deel de woorden met je vrienden.

Zo geef je mee een stem aan de woorden van deze schrijver.

12 feb 2018 · 0 keer gelezen · 0 keer geliket