Bij het glanzen in de duisternis
Kartelt een deel zich van me af
Worden dromen mat afgevlakt
Om dan stoutmoedig
En in woede
Zich in de opflakkerende luwte te begeven
En te exploderen
Uit wraak voor gestorven jaren
Duw ik een dolk in de rug van mijn schim
Om dan weer furieus op te leven
In de vlammende ontsteltenis
Van een ontwapenende godin
W.J.