Samir was 16 jaar toen hij vluchtte uit Kabul voor de Taliban. Te voet trok hij over de bergen
tussen Iran en Turkije. De weg was bezaaid met lijken, doodgeschoten door de politie.
In Brussel sliep hij op straat, tot een veertigjarige vrouw hem onderdak en eten bood. Tot ze seks wou. Hij weigerde.