Muren van koud beton met ramen die niet meer open gingen en een deur zonder klink. De kamer was koud en kil. Hij was gevuld met echo's van wat vroeger thuis was, tot er een scheur kwam in het beton en er een straaltje licht naar binnen viel. In die koude kamer werd het plots wat warmer.
Het voelde er als lente na een lange winter, alsof de seizoenen toch nog konden veranderen. Een nieuwe echo klonk door de stilte en fluisterde zijn naam. Een naam die vreemd genoeg bekend was, alsof hij al jaren ergens in mijn muren verborgen zat.
Het licht door de scheur was goud en schitterde als de zon op stil water. Het was niet bang voor de muur, integendeel. Het vocht ertegen.
Toen ik eindelijk in het licht durfde te stappen, zag ik iets was ik nog nooit eerder zag. Ik begon zelf ook te schitteren. Ik had nooit opgemerkt dat er goud in mij leefde, dat mijn huid kleine bloemen droeg. De echo wees me erop, alsof hij het altijd al wist. Alsof hij door de scheuren iets ziet wat ik zelf vergeten was.
Geraakt door deze tekst? Maak het hartje rood of deel de woorden met je vrienden.
Zo geef je mee een stem aan de woorden van deze schrijver.