Dat het toch maar allemaal slecht geregeld is
dat het beter omgekeerd in elkaar zou zitten
dat hij liever oud ter wereld zou komen
tussen plots weer knipperende monitors
dat iemand zijn ogen opentrekt
en dat overal andere gestorvenen de dood evenzeer laten en het leven kiezen
dat is gezelschap goed en fijn
elk moeilijk afscheid een blij weerzien
ongeneeslijke wonden gaan ongelofelijk weer dicht
de besten herwinnen hun overtuiging
elke razernij luwt alsof er niets is gebeurd
er worden liedjes gezongen en al wie dat hoort wil erbij zijn.
(En ik herinner mij de toekomst als een reeds gezien.
Michel op zijn rode Lambretta en Paul de lange brief beginnend
Ida die grassen in het glas zet
twee broers die met steeds minder moeite en toch tegenstrooms de hele Fergus oproeien
die met dezelfde grote goesting het gitaar spelen afleren.)
De scholen zorgen voor het leren vergeten
zij brengen blanke rustige plaatsen in de gedachten
elk gewicht wordt eenvoudiger om dragen
en valt als een bladje op ‘t water,