06/05: 'onbevangen' van Geert van der Wijk
Antony Samson werkt als freelance copywriter en dicht uit noodzaak. Hij publiceerde bij onder meer Het Liegend Konijn, Poëziekrant, Kluger Hans, Meander en Het Gezeefde Gedicht. In 2023 kwam zijn poëziedebuut ‘Herinner mij er morgen aan’ uit bij uitgeverij De Zeef. Antony is alumnus van de SchrijversAcademie van Creatief Schrijven en redactielid bij roer.
Antony Samson tipt deze week 'onbevangen' van Geert van der Wijk.
"Snuffelend in het poëzieaanbod hier bleef mijn oog hangen aan de eerste regels van het gedicht onbevangen van Geert van der Wijk. We volgen een ik-figuur die de straat op loopt zonder plan, alleen wat adem en een oude trui, een van de mooiste regels uit het gedicht. De regels die erop volgen versterken de indruk dat het personage liefst niet te veel opvalt. Het show, don’t tell-principe wordt hier goed toegepast.
In de tweede strofe blijkt dat er meer speelt dan de wens om te verdwijnen in de massa. Een hond snuffelt aan zijn hand; een gebaar dat hem doet beseffen dat hij nog leeft. Dat maakt mij nieuwsgierig: wat is aan deze scène voorafgegaan? Was hij bijna dood? Heeft het oordeel van de buitenwereld het leven uit hem gezogen? Ik vermoed dat de ik-figuur niet gewoon een mindere dag heeft, maar psychologisch kwetsbaar is. Zonder dat Geert het expliciet benoemt. Dat maakt van deze tekst poëzie.
In de derde alinea verlegt de ik-figuur zijn blik naar de anderen op straat. /iedereen speelt mee/ niemand weet het script//. Hij slikt zijn woorden in /omdat de wereld niet houdt/ van de waarheid zonder jas// Nog zo’n mooie regel!
In de laatste twee strofes valt er volgens mij winst te rapen. Ik ben niet overtuigd van het werkwoord ‘openvallen’. Een jas zie ik openvallen, een blik misschien ook nog, maar de lucht of een hart? Ik zou ook het woord ‘stiekem’ schrappen, omdat een hart sowieso verborgen blijft voor de buitenwereld.
Qua vorm heeft Geert gekozen voor zes strofes van telkens vijf regels. Ik begrijp deze keuze want het staat mooi, maar in de laatste strofe voelt het voor mij als een dwangmatige keuze om de vorm te doen kloppen. De boodschap echter, namelijk dat de onbevangenheid van het moment heel even genoeg is voor de ik-figuur, is een mooi, hoopgevend slot."
Copy foto: Bert Luyckx

