Tip van de week

09/11: 'Martine' van Harlinde Bormans

Gerda Van Erkel debuteerde, na sprookjes en Vlaamse Filmpjes, in 1985 met haar roman voor volwassenen 'Buiten regent het'. Vier romans en een opleiding tot gestalttherapeut later richtte ze zich jarenlang op kinder- en jeugdboeken, waarvan verschillende titels bekroond werden. De laatste jaren schoof Van Erkels doelgroep op naar young adults. Met 'Om wie wij waren' keert ze terug naar een volwassen lezerspubliek.


Gerda Van Erkel
tipt deze week 'Martine' van Harlinde Bormans

"Een triptiek van drie eilanden. Onder water aangedaan door stromingen. Aan de oppervlakte nauwelijks bewogen. De moeder letterlijk. Zij is het middelste luik. Ze scheidt en verbindt de vader en de zoon. De sfeer is onderkoeld. Toppen van ijsbergen, of van sluimerende vulkanen. Op een dag zou het zomaar ook die kant op kunnen.

Als psychotherapeut en als schrijfster heeft de vraag wat de feiten met mensen doen, en wat mensen met de feiten doen, mij altijd meer geboeid dan die gebeurtenissen op zich. Die innerlijke groei of neergang gebeurt ook altijd in wisselwerking met de omgeving.

Je voelt het spanningsveld tussen de vader en de zoon. Jeroen: hard, onverschillig, koud. Hij beschrijft moeder met kille, meedogenloze precisie. Ze is verworden tot een object, waar hij letterlijk overheen stapt. Als lezer kun je hier geschokt door zijn. Je kunt ook huilen, ontdaan zijn bij het idee dat een kind zich zo tegen de bloedeigen moeder moet beschermen om zelf verder te kunnen.

De vader. Net als Jeroen is hij gewend aan de stank, mogelijk ook aan het beeld. Maar niet aan de stilte. Die brengt een nieuw element in. De stilte, waarvan gesuggereerd wordt dat ze doods kan zijn, getuigt van dreigend onheil. Je voelt Patricks angst. Zijn bezorgdheid. De liefde die niet over is en zijn onmacht van welllicht maanden of jaren. Hoe ze omslaan in verwijt tegen Jeroen. Het doorgeefluik van de verantwoordelijkheid.
Ze zouden elkaar ook kunnen steunen, troosten, begrijpen. Hun onvermogen en eenzaamheid zijn schrijnend.

Martine. De moeder. De fles. De beloftes. Enkele zinnen suggereren een verder niet genoemde geschiedenis van oorzaak en gevolg. Haar gezin kon haar niet helpen. Niemand kan elkaar helpen. Ze ligt daar als een wond die hen alledrie blootlegt tot op het bot.

Ik heb het er koud van gekregen."

 

Gerelateerd

Tip

Martine

Zelden ruikt Jeroen bij het thuiskomen na school de geur van brood, soep of gebakken aardappelen.  Er is enkel de stank die uit het tapijt komt, de kussens, de gordijnen en zelfs uit de vacht van de hond. Altijd hangt er ook een zoete geur doorheen waardoor hij verwacht elk moment aan de vloer te blijven kleven.       In zijn rechterooghoek ziet hij door het doorgeefluik zijn moeder liggen. Hij stapt de keuken binnen, haalt zijn drinkbus uit zijn tas en kijkt kort naar haar. Ze ligt op de donkerbruine linoleumvloer met zeshoekenmotief waar hij altijd al een hekel aan had. Ze lijkt bijna deel geworden van de vloerbekleding zoals ze daar onbeweeglijk ligt op haar zij, met één arm voor zich uitgestrekt, de gele vingers naar het aanrecht wijzend en de benen slordig over elkaar. Haar ogen zitten verborgen achter stinkende krullen, haar mond hangt halfopen. De hond ligt naast haar, het is onduidelijk wie naar wie ruikt.       Hij zet de drinkbus op het aanrecht naast de fles die zijn moeder vandaag heeft verleid ondanks haar eerdere beloftes. Hij neemt vier passen en dan nog een grote vijfde, over haar heen, tot in zijn kamer. Hij zet zijn rugzak op het bed en sluit de deur achter zich.       ---Vanuit de cabine van zijn vrachtwagen ziet Patrick dat er geen licht brandt in de living. Vreemd, denkt hij, Martine werkt niet vandaag en Jeroen moet al lang thuis zijn van school. Wanneer hij de voordeur opent, valt hem meteen de stilte op. Aan de geur is hij gewend geraakt. Hij wandelt op de tast naar de schakelaar naast het doorgeefluik en ziet wanneer het licht aanflitst zijn vrouw op de grond liggen. Ze ligt net voor Jeroens deur met de hond wakend naast haar. Hij valt op zijn knieën en roept: “Martine, Martine, hoor je mij?”       Er komt geen antwoord, maar de deur gaat open.      “Jeroen! Heb je mama niet horen vallen?”      “Nee, pa.”      “Je moet dat toch gehoord hebben, je kamer is hiernaast!”      “Ze lag hier al toen ik thuiskwam.”

Harlinde Bormans
134 2

Gepubliceerd op

9 nov. 2022