Harlinde Bormans

Gebruikersnaam Harlinde Bormans

Over Harlinde Bormans

Harlinde geniet van de rust wanneer ze schrijft. Ze volgt de opleiding Schrijver in deeltijds kunstonderwijs om alles over het vak te leren.

Teksten

De hoer van Babylon

Op een koude novembermiddag liet een jong, onwetend meisje zich betoveren door de schoonheid van de majestueuze Bibliotheek der Letteren. Enkele dagen eerder was zij, tijdens een dronken avond in haar nieuwe studentenkroeg Babylon, uitgekozen door de knapste man van het gezelschap, onder menig smachtende studente bekend als ‘de langharige halfgod’, voor een privérondleiding in dit indrukwekkende huis der boeken. Ze was haast in zwijm gevallen voor ze ja kon zeggen tegen deze blauwogige, breedgeschouderde schrijver met golvende blonde lokken. Toen hij de deur voor haar opende, stapte ze een onbekende wereld binnen. De ontdekkingstocht begon helemaal onderin het imposante gebouw, in de diepste kelder waar ze zich door smalle, lage gangen moesten wringen. Zo laag waren ze dat de man zich kleiner moest maken om zijn hoofd niet te stoten. Zijn sterke handen legde hij geruststellend op haar fijne schouders, die het gewicht voelden van de duizenden boeken boven hen.     Op de verdieping, waar toegewijde bibliothecarissen hoogtepunten van de Franse literatuur uitstalden, overdonderde hij haar met zijn kennis over Sartre, Baudelaire, Queneau en reikte hij haar – onder een knipoog die zij niet begreep – Les Liaisons Dangereuses aan.     Eenmaal aangekomen in de hoogste torenkamer waar eeuwenoude Chinese handschriften werden bewaard, besefte het meisje plots dat zij daar alleen waren. Vreemd genoeg had de man geen oog voor dit hoogtepunt van de reis. Hij keerde zijn rug naar de manuscripten, keek het meisje diep in de ogen en zei iets waar zij geen woord van verstond. Hier in deze toren leek het alsof hij een andere taal sprak dan daarnet. Ze vermoedde zijn moedertaal, het West-Vlaams, die hij doorheen de rondleiding had vervangen door een besmette versie van de standaardtaal opdat zij hem zou begrijpen. Hier, op het eindpunt, verviel hij in zijn oertaal. Hoewel ze zijn woorden niet begreep, was zijn intentie duidelijk.   Toen zij enkele weken later, bij het vallen van de eerste sneeuw, wilde zien hoe de bibliotheek eruitzag onder een feeërieke witte laag, zag zij de langharige halfgod de deur openen voor een jong, onwetend meisje.

Harlinde Bormans
11 0

De kleine van ‘t café

Pa is vaak van huis, maar niet vaak genoeg. Elke keer als hij thuiskomt, zit ons ma direct vol. En als hij daarmee klaar is, begint hij te zuipen en slaat hij op alles en iedereen die hij tegenkomt. Behalve op de klanten, dat mag niet van ons ma.     Ons ma zegt dat een echte cafémadam al haar klanten onder tafel moet kunnen drinken. Als ze zwanger is, drinkt ze geen druppel minder. De kleine kan er beter al aan wennen, zegt ze dan. Ze is echt een heel goede cafémadam. Door al dat zuipen zijn er vier kinderen doodgeboren en dat was met ons Leslie beter ook gebeurd. Debiel, achterlijk, te stom om te helpen donderen of ooit haar eigen geld te verdienen. Ze zal altijd een blok aan ons been zijn en ze is te lelijk om een hoer te zijn. Geen mens die daar geld voor geeft. Zelfs in het café is er niemand die eens wilt.     Bij mij heeft mijn moeder juist genoeg gezopen: ik ben te slim voor een gesticht en te dom voor een goeie job. De vuilkar zou ik willen doen, maar daar nemen ze geen Vandoorens aan, nadat onze Davy de opzichter een paar tanden uit zijn muil heeft geklopt. In het containerpark heeft onze Michaël een van de andere werkgasten zijn neus gebroken. Bij de groendienst kwam onze Dennis toe met zijn thermos vol whisky. Dat ging, totdat hij met de camionette in de gracht is gesukkeld. De garagist heeft ruzie met onze pa en alle cafés zijn concurrentie. In de schone magazijnen willen ze enkel ‘deftig’ volk en voor proper werk op een bureau moet ik een diploma kunnen voorleggen. Veel werk is er niet voor iemand met mijn naam en mijn karakter. Het is ofwel kadavers ophalen voor de Rendac ofwel nachtwerk.     Ik had gezien in de streekkrant dat ze iemand zochten in het klein Delhaizeke om voor nachtwaker te spelen. Ze hebben daar blijkbaar schrik dat er ’s nachts iemand de champieter en de kaviaar gaat komen pikken. Slechte uren, een contract van mijn voeten en stevig onderbetaald. Maar veel keus heb ik niet, om niet te zeggen geen. Maar kom, onderbetaald is ook betaald. Een uniform voor de nachtwaker hebben ze niet, dus moet ik daar mijn eigen triestige schoenen lopen verslijten.     Vanavond om elf uur moet ik klaarstaan om een godganse nacht mijn tijd te verdoen in die klotewinkel. Om zeven uur ’s morgens komt de chef. Hij kan zien dat hij mijn pré bij heeft of ik sla op zijn bakkes.

Harlinde Bormans
12 2
Tip

De nachttrein

Het was onze eerste reis, ver van huis en zonder ouders. Maanden hadden we ernaar uitgekeken om met de hele klas te gaan skiën in Zwitserland. Niemand was er al geweest, niemand had ooit een skilat van dichtbij gezien en het idee dat we met de nachttrein zouden gaan maakte het allemaal nog avontuurlijker.     Op de dag van vertrek wuifden we opgewonden onze ouders uit, klaar voor een week onafscheidelijk samen zijn. De hele klas hing goed aan elkaar, maar wij twee waren de hartsvriendinnen die maar niet uitgepraat raakten tegen elkaar.     Wij deelden een slaapcoupé en na wat in mijn herinnering wel uren vol onschuldig meisjesgeklets lijken, vielen we in slaap. Ik op de bovenste bedplank, jij onderaan. We waren jong, hadden nog nooit gevaar van dichtbij gezien en we voelden ons beschermd door onze hechte vriendschap. Daarom vergaten we de deur op slot te doen en veranderde die nacht jou voorgoed.     Een man komt binnen in onze coupé en legt zich zomaar op de onderste vrije bedbank, enkele meters bij jou vandaan. Hij ruikt naar iets dat ik niet ken. Ik ben verstijfd van angst. Plots ziet de man dat hij niet alleen is. Hij kruipt bij jou. Ik zie niet wat hij doet, ik durf niet te bewegen en niet te denken aan wat er vlak onder mij gebeurt. Na enkele minuten zucht de man. Ik hoor geritsel van een riem en dan valt het licht van de gang een paar seconden binnen. De man sluit de deur en laat ons weer alleen. Niemand beweegt. Ik hoor je huilen en ik doe alsof ik slaap.     ’s Ochtends vroeg ik of je goed geslapen had. Ik was opgelucht toen je ja zei. Ik wilde niet weten wat er was gebeurd. Ik dacht dat je het zou kunnen vergeten, als niemand erover sprak. Dat was niet zo.

Harlinde Bormans
94 4

Opleiding

- Master Westerse Literatuur
- Zit momenteel in tweede jaar Schrijven in Deeltijds Kunstonderwijs

Publicaties

- 'De stroming': gepubliceerd in Dichterbij, een uitgave van Alzheimer Liga Vlaanderen
- 'MMM Hagelslag': Eervolle vermelding poëziewedstrijd Bezette Stad, gepubliceerd op creatiefschrijven.be