Zomaar een zoveelste dag

lees ik af

van de onbekende pokerface

tegenover me op de trein.
Hoe zou het zijn

om niets te tonen,

gesloten te blijven.
Dicht.

 

Het enige wat ik dicht

zijn de knopen van mijn jas

en alles bij mekaar geteld: jou.
Of liever, ik dicht de hiaten

in jouw zinnen met mijn blinde vlekken
terwijl ik boekdelen zwijg.

 

Zonet nog
toen de glazen en wij

ons tot de bodem vulden,

dat was volume tien.

 

En ik weet niet of de aarde verschoof

maar zij rilde bij een gedachte,

daar in het brandpunt waar golven licht

breken tot grijsoranje zeeën van tijd.

En er vertrok weer een trein Brussel Welkenraedt.

 

Vergis je niet, ik weet niets van de liefde

en het liefst wil ik je dààr, veilig

in mijn dode hoek

waar we in het midden laten of je er bent of niet

en of je me überhaupt ziet.

Laat het duidelijk zijn.
Je bent mijn favoriete vergedicht.

 

 

Geschreven door Vanessa Daniëls op 13/11/2018 - laatst aangepast op 24/11/2018

  • poëzie
  • text on stage

Deze pagina is enkel toegankelijk op een groter scherm.

Home