Vanop een bank op het plein

Kijkt ze vrank de wereld in

Haar jas hooggesloten

Met dit warme weer

 

Haar schouderlange haar

Grijs maar getemd

Door een jeugdig roze sjaal

Haar lippen kersenrood

 

Ze heeft haar eigen winkelwagen

In de straat geparkeerd

Geladen met papieren zakken

Gouden letters dure merken

 

Vanmorgen zag ik haar

Voor het hotel

Later bij een koffiebar

Kartonnen beker in de hand

 

Niemand die er geld in gooit

Niemand die zich afvraagt

Waar ze slaapt en eet

Waar ze zich wast

 

Waar ze haar haar kamt

En haar lippen verft

En wat ze daarbij denkt

 

 

Geschreven door Christine Van den Hove op 13/06/2015 - laatst aangepast op 13/06/2015

  • poëzie

Deze pagina is enkel toegankelijk op een groter scherm.

Home