Lezen

over podcasts, grootmoeders en klasfoto's

‘Wiens klasfoto is dit?’. Mijn jongste dochter wijst naar een zwart-wit foto in het huis van mijn grootmoeder. Mijn 89-jarige grootmoeder volgt de vinger van mijn dochter. Ze lacht: ‘dat is een foto van mijn gezin, met mijn mama, papa, broers en zussen’. Mijn oudste dochter komt er ook bij. ‘Die foto is genomen in 1942. Toen werden nog niet veel foto’s genomen. Een gezinsfoto was uitzonderlijk in die tijd. Kan je mij herkennen op de foto?’. Beide dochters wijzen de meisjes op de foto aan, op goed geluk. ‘Ik ben het jongste meisje’. Mijn grootmoeder is de voorlaatste in een rij van elf kinderen.   ‘Er leven nog twee mensen van op die foto, één van mijn zussen en ik’. Mijn grootmoeder heeft vochtige ogen en weemoed in haar stem. ‘Hoe heet je zus?, vraagt mijn oudste dochter. ‘Thérèse? Oh, hoe grappig. Die heet een getal in het Frans’.   Vorige week luisterde ik in mijn hangmat naar Bob, de podcast van Siona Houthuys, Nele Eeckhout en Mirke Kist. Deze podcast dateert van 2017 en is ondertussen al meer dan anderhalf miljoen keer gedownload. Het stond al lang op mijn verlanglijstje en de hittegolf leek het ideale moment om eraan te beginnen. Een waarschuwing vooraf: eens u begint, is er geen stoppen meer aan. De drie vrouwen vertellen in zes afleveringen het verhaal van de 85-jarige Elisa. Deze demente, oude dame woont in een rusthuis en praat over haar jeugdliefde Bob. De kinderen van Elisa kennen geen Bob en hebben nog nooit over deze man gehoord. Stukje bij beetje krijgen we deeltjes van de puzzel aangereikt, deeltjes die deel uitmaken van het ongehoorde leven van Elisa.   Ze slagen erin een intiem portret te schetsen, zonder oordeel en zonder sensatiezucht (een omgekeerde Dag Allemaal, zeg maar). Je voelt hun oprechte interesse en betrokkenheid. Ze stellen vragen zonder de integriteit van de betrokkenen te schaden en vertellen over hun inzichten zonder voorbarige conclusies te trekken. Het verhaal van Elisa ontroert me, omdat het diepmenselijk is. Elisa ontroert me, omdat ze ontwapenend is. Als ze in haar verleden duikt en over Bob praat, lacht ze schalks, als een verliefde jonge vrouw.   Het verhaal van Elisa voert me terug naar mijn grootmoeder. Wat zou zij vertellen mocht ze dementeren. Welk onderdeel van haar leven zou een eigen leven gaan leiden? Welke woorden zouden uit haar mond rollen als ze niet meer gevangen zouden zitten in haar eigen hoofd? Hoe meer ik erover nadenk, hoe fascinerender ik het vind om haar geschiedenis te kennen. Niet om de feiten te kennen, maar om te weten hoe zij was als jonge verliefde vrouw.     Moeder (wijzend naar een foto): dat is zijn jullie bedovergrootouders. Dochter: heb je ook een foto van hun ouders? Moeder: nee. Wat is de naam trouwens van die generatie? Dochter: dat zijn onze oudouders. Verwarrend toch, want jij bent ook al een oude ouder.  

Lore Dewulf
5 1

Weerpraatje

Heet, heter, heetst. Neen, ik heb het niet over de dochters van Jan Leyers. We weten allebei dat de tweede stem van Soulsister niet drie, maar vier vrouwen wist te verwekken en dat de houdbaarheidsdatum van de dametjes vaak al overschreden is nog voor ze goed en wel op smaak zijn gekomen. Dat moment waarop de ruwe Leyerskenmerken zich zo beginnen te manifesteren op dat voordien zo koddige snoetje, dat je, mocht je met een van hen zonder kleren in een zweterige Tetriscombinatie beland zijn, niet anders kan dan op een bepaald moment beseffen dat je in principe gewoon Jan Leyers met een pruik ligt te heupbonken. En dan is 't meestal game over. Mij maakt zoiets echter geen flieter uit en ik geef de symbolische high five aan eenieder die een Leyersdochter op zijn curriculum vitae heeft staan of nog plant te zetten. Maar ik wou het over het weer hebben. Want op het moment dat je dit leest, zitten we pal in een hittegolf. Tenzij je dit enkele weken na publicatie leest, wat mij zeer onwaarschijnlijk lijkt, doch, we mogen niets uitsluiten. In dat geval hebben mijn gekwetste ego en jij dringend een hartig woordje te spreken. Zijn het de opdringerige Instagramposts? Dat licht dictatoriale stemmetje dat elke week opnieuw LINK IN BIO naar je krijst? En dan daaronder nog 37 hashtags in volzinnen, alsof iemand ooit zou zoeken op #waarvindjenogspaghettisauszondersuiker, #tekenaarsmeteenvastehandhebbenkleinepiemeltjes of #kijkmamaikhebdemuisvanmartinetanghegetekend. Goh, ik wist niet dat je er zo over dacht, lieve lezer. Nee nee, maak je geen zorgen. Eerlijke kritiek krijgen is mijn favoriet, mijn lens prikte gewoon even in m'n oog. Ja, m'n beide lenzen, ja. Mag het?! Waar waren we? Juist, het weer... Toch eerst nog vertellen dat een vriend van mij beweerde, lang voor we met de hele wereld de vleermuizenvalling kregen, dat hij in een Antwerps café een Leyersmeisje had ontmoet en er nadien z’n nieuwe Mercedes Vito mee had "ingereden". Haar naam had hij niet gevraagd, maar hij was ervan overtuigd dat het een Leyers was, zeker toen de jongedame blozend had toegegeven dat ze inderdaad bekend was van tv. En dus vertelde m’n kameraad maandenlang aan iedereen die het wou – en niet wou – horen dat hij het met een Leyerske had gedaan en dat die kinky bitch het uitsluitend in haar sterretje wou. Toen we een half jaar later met wat vrienden hetzelfde café binnenstrompelden om te schuilen voor een wolkbreuk, riep hij: 'Daar, daar! Mijn Leyerske!' Bleek dat zijn verovering allerminst een Soulsister was, maar een Antwerpse travestiet die zich Gigi Moustache laat noemen en ooit in twee afleveringen van Blokken had gezeten. Iets anders: moest je geïnteresseerd zijn in een tweedehands Vito, ik weet er eentje te koop staan met weinig kilometers en minimale gebruikssporen. Het weer dus... Hoewel ja, oud nieuws als je het toch pas een paar weken later gaat lezen. Zijn het misschien die gebrekkige tekeningen bij m'n posts die je zo tegen de borst stoten? Die vreselijke grijstinten die alle plezier uit je Instagramfeed zuigen? Ik deel te weinig foto's van m'n kinderen, ik weet het. En het is alweer veel te lang geleden dat ik nog eens aandacht zocht door m'n haar te kleuren en plaatjes te posten van bestemmingen waarvan elke staycationer op slag een jealousy boner kreeg. Dat waren nog eens tijden. Ik moest drie powerbanks meezeulen om jullie likes te kunnen blijven ontvangen. Amper iets van de omgeving gezien daar, maar dat maakte me niet uit, want geen enkel Noord-Amerikaans natuurpark kan op tegen het hartverwarmende gevoel dat jullie mij waarderen. Sorry, m'n lenzen weer. Maar laten we beginnen met de column, en die gaat vandaag over het weer: de druppels sissen in menig bilnaad. De kindertjes dragen de plakkerige restanten van te snel gesmolten raketten op hun armen en de Leyersdochters zweten zich een ongeluk uit hun tepelhoven (trekje van vaderskant). Een tsunami van zonnevuur overspoelt onze contreien en dat is uitstekend nieuws, want zoals de wetenschappers ons maanden geleden beloofden, is het coronavirus niet opgewassen tegen de warmte. Na deze week zijn we er dus allemaal eindelijk van af en kunnen we ons gelijk weer zorgeloos amuseren met de vrolijkere dingen des levens, zoals exotische reisfoto's op Instagram zwieren, Leyersmokkels in bed lokken en hansverhaegen.com refreshen tot er een nieuwe column online komt. Eind goed, al goed!

Hans Verhaegen
29 0

over bibliotheken, terminals en wildplassen

Ze staat te trappelen. Van opwinding, neem ik verkeerdelijk aan. Of omdat ze niet kan kiezen. Tot ze zegt: ‘mama, ik moet heel dringend…plas-…’. Bij het laatste woord voegt ze de daad bij het woord. Daar sta je dan, zwetend, met een hele stapel bibliotheekboeken in de ene hand, twee kinderfietshelmen in de andere. Eén kleuter die je op milde fluistertoon meedeelt dat haar zus zojuist in de kinderafdeling van de bibliotheek geplast heeft en een andere kleuter die je wijdbeens en beteuterd aankijkt. Ik keer in gedachten terug in de tijd. Waar ik in godsnaam het idee haalde om met die twee kleine kinderen naar de bibliotheek te fietsen. Ik moet niet ver zoeken: ik hou van bibliotheken, omdat ze een belofte in zich dragen. Een bibliotheek oefent een aantrekkingskracht op me uit, net zoals de schermen in de terminals van luchthavens. Ook zij hebben het vermogen om tot mijn verbeelding te spreken. Ze tonen het gemak waarmee onze schijnbaar verankerde levens zouden kunnen veranderen als we op een vliegtuig stappen. Dat vliegtuig kan ons in enkele uren naar een plaats brengen waar niemand onze naam kent. Een nieuwe wereld. Ook in een bibliotheek liggen andere werelden binnen handbereik. Boeken lezen is de puurste en minst destructieve vorm van escapisme. De romantiek, het idyllische plaatje vergeet ik even wanneer ik stapels boeken op een bijzettafel leg, me naar een medewerker van de bibliotheek begeef en haar al fluisterend en wijzend uitleg dat het kinderhoekje, welja, ondergelopen is. Zij is behulpzaam en geeft me materiaal om schoon te maken. Tussen een sip kijkende kleuter (ik wil naar hui-uis, ik wil andere kleren aandoen) en een instructies gevende kleuter (dáár ben je nog een beetje vergeten, mama) probeer ik het kinderhoekje weer kindvriendelijk te maken. Bij thuiskomst worden de boeken gerangschikt volgens kleur. De rode worden het eerst gelezen. Uit het blauwe boek lees ik net voor bedtijd voor. Als ik in bed lig, begin ik zelf aan een nieuw boek. Ik lees de achterflap en denk terug aan ons bibliotheekbezoek. Toen we eindelijk klaar waren met kiezen en kuisen, gingen we met onze boeken naar de balie. De bibliotheekmedewerkster knipoogde naar mij en zei tegen de kinderen: ‘Jullie hebben wel geluk met zo’n lieve mama’. Dat moet de beste ontdekking van de dag geweest zijn, de ontdekking van de wereld ín de bibliotheek.   Moeder: We moeten vandaag naar de bibliotheek. Dochter: Waarom? Moeder: Omdat mijn boeken anders weer te laat terug zijn. Dochter: Zo boeken, zo baasje.

Lore Dewulf
19 0

Van Mars

Vaak komen voor de hand liggende feiten plots aan het licht na jaren van onwetendheid. Geen mens die dan snapt dat ze zo lang over het hoofd gezien werden. Neem nu dat van M&M’s en Mars. M&M’s komen van Mars. Dat staat letterlijk op de verpakking, zwart op geel. Het zijn eenvoudigweg marsmannetjes, de naam zegt het zelf: M&M, marsmannetje. Spielberg weet dit al j.a.r.e.n. Ken je de scène uit zijn film E.T. waarin Elliott het buitenaardse wezen lokt met Reese’s Pieces? De bekende sf-regisseur wilde oorspronkelijk M&M’s gebruiken maar Mars weigerde de samenwerking, wilde wellicht vermijden dat de ware aard van het populaire snoepgoed zou worden onthuld. Een buitenaards wezen dat zich aangetrokken voelt tot een marsmannetje (M&M dus), menige nuchtere kijker zou de link kunnen leggen tussen de dubbele m en de echte betekenis ervan. Ik begrijp niet waarom de snoepgigant dit geheim wil houden. Het is best een geruststellende gedachte dat M&M’s marsmannetjes zijn. We hoeven immers geen bloeddorstige monsters te vrezen bij een invasie van Mars op aarde. Het komt er dan op aan de indringers op te eten. Bij hopen. En net daar heb ik ervaring mee. Net zoals zovelen eet ik me af en toe “ziek” aan (peanut) M&M’s. Nu, een zak M&M’s leegeten is één ding, je wordt er waarschijnlijk misselijk van en moet in het slechtste geval even neerliggen. Een leger van de gekleurde chocoladebolletjes naar binnen werken, dat is andere koek en zou m’n dood wel eens kunnen worden. Ach, er zijn ergere manieren om te sterven dan aan een overdosis M&M’s. Toch? (c) Belle Pen

Belle Pen
34 0