Het is een beetje triest, hé. Iemand op die bovenste trede zetten waar ge het mooiste uitzicht hebt, omdat ge graag ziet. Maar als uw eigen benen dan te kort zijn om naar boven te klimmen, om ernaast te gaan staan. Hoe hard ge ook roept en springt en uw armen uitsteekt, van kom trek mij er dan toch bij.
Dat doet zeer, hé. Als ge ziet dat er eigenlijk gewoon geen plaats meer is. Dat iemand anders uw mooiste uitzicht moeiteloos drinkt, en verdrinkt.
Ge kon maar proberen, denkt ge. En ge beent lang-zaam naar beneden.