burengerucht
er is geen houden meer aan, je word alsmaar naar
buiten gezogen terwijl je binnen had willen blijven,
je kunt je eigen stem amper meer horen door de
halve zinnen, de lachsalvo’s, de ronkende motoren,
en als ze even zijn vertrokken, bandensporen
achterlatend in je toch al metaalmoe geheugen,
begint het onophoudelijke blaffen van de hond
die het ook niet kan helpen dat de golflengte nooit
overeenkomt, zelfs als het seinen op rood staat
en je denkt dat ieder mens toch van dezelfde makelij is
en wil deugen als het moet.
ook als je al je kieren hebt dichtgesmeerd en je alle
rookmelders hebt vervangen door luchtreinigers,
grijpt hun longinhoud je bij de keel, terwijl je
vannacht nog droomde dat de rook om je hoofd was
verdwenen en je ventilatoren op volle toeren
draaien in je bovenkamer.
je bent pas echt de sigaar als je huid te dun is
voor de geur van motorolie en je
stofzuigergeluiden nu eenmaal niet kunt verdragen
ook nadat je oordoppen geprobeerd hebt omdat het
24-uurs brommen van de jacuzzi inmiddels ver
voorbij je gehoorgrens is geraakt en je doofheid
nu vooral naar binnen gericht is.
je bent met stomheid geslagen terwijl je huis wordt
overgenomen zonder aan een schuilplaats te hebben
gedacht en je afvraagt of het woord stilte voor
ieder mens uiteindelijk hetzelfde betekent of dat
jij gewoon in het verkeerde tijdsbeeld bent gestapt
en ontsnappen via een capsule of een sleutelgat
geen optie meer is.
je dacht hier te kunnen wonen en ook al heb je
jezelf inmiddels onbewoonbaar verklaard
zijn er altijd die de toegang forceren,
en je huis vullen met ongenode gasten,
terwijl jij blijft rondspoken in je stoffige zolderkamer,
op zoek naar kennismaking.
