Hedianne

Gebruikersnaam Hedianne

Over Hedianne

Omdat je op ieder tijdstip iets nieuws kunt beginnen en met rode vlechten kunt beweren ‘ik heb het nog nooit gedaan, dus ik denk dat ik het kan.’ Tot zover waren mijn teksten vooral informerend, inspirerend en wellicht druppelsgewijs infiltrerend, om iets in gang te brengen, omdenken gaat niet vanzelf. Nu neem ik mij voor om tussen mijn 69ste en 96ste liefst dagelijks te dichten ten behoeve van het binnenstebuiten keren, omdat het leven uiteindelijk ook een inside job is.

Opleiding

pedagoog in eigen praktijk, methode-ontwikkelaar, docent, autodidact, niet-gepensioneerd AOW’er, focus op de ontwikkelingsmogelijkheden van kinderen met cognitieve uitdagingen, in het bijzonder Down syndroom.

Publicaties

methodes Leespraat en de Rekenlijn en talrijke artikelen

Teksten

beginnen is het moeilijkst

het is soms beangstigend als de dag plotseling  open en bloot aan je voeteneind ligt en jij  kennelijk de aangewezen persoon bent om de  aankleding te verzorgen en kleur te kiezen, terwijl  je nog niet eens hebt besloten of je hoofd al in  waakstand staat.      het is moeilijk uit de nacht op te staan als de  droomdekens om je heen blijven hangen, zit niet  zo te zeulen zeg je tegen jezelf, maar er helpt  geen lieve vader of moeder, je staat er alleen  voor.   er drijven gedachtenwolkjes om je slaapkop die  oeverloos tegen je aan blijven babbelen over  dingen die gedaan, hoewel uitstellen ook af en  toe genoemd wordt, zo’n wolkje grijp je even vast om te knuffelen want het scheidingsvelletje  tussen uitstel en afstel is vaak flinterdun.   het beginpunt bepalen is het moeilijkst, het geven  van een startschot, de keuze voor het eerste been  uit bed, de nacht vraagt om een toegift maar je  weigert, je kan niet meer oogluikend toekijken,  het gordijn moet open.   eenmaal opgestaan, staat je een lange dag van  menszijn te wachten, je vraagt je af of je daar  tegenop kan wassen als tandenpoetsen al een  hele klus is, hoeveel waskracht heb je eigenlijk,  kun je gedane zaken laten omkeren door fanatiek  te poetsen of laat je liever de boel de boel, een  tijdje laten inweken werkt misschien net zo goed.   het is ’s ochtends vroeg vaak lastig om uit te  vogelen voor welke baan je nu weer bent  aangenomen, welke taken en in welke volgorde  en wat is de deadline, aan het handje  meegenomen worden speelt door je gedachten,  zoals een kind op haar eerste schooldag of langs  een druk kruispunt zodat je veilig bent en je  onbedoeld toch op je doel afgaat.   gaandeweg schijnt je lichaam zich toch door de  dag heen te bewegen, je wordt bezig gehouden  terwijl je het gevoel hebt bezig te zíjn, maar  misschien is beide waar, de dagdeals liggen op  een presenteerblaadje dat steeds achter je aan  blijft schuiven, je kiest zorgvuldig want je wilt je  dag goed besteden, tijd is geld.   soms ben je er met je hoofd even niet bij, je bent  sowieso niet goed in multitasken, je handen  kunnen het ook wel alleen af, die krijgen zo  meteen wat meer zelfvertrouwen, vervelender is  als je hart pauze wil nemen terwijl je hoofd  zich geen raad weet en je benen oververmoeid  zijn geraakt van het traplopen om boven en  beneden op één lijn te krijgen.    je verzint er wel wat op want je wilt niet dat je  hart in je schoenen wegzinkt, dan ben je nog  verder van huis en vind de weg dan nog maar  eens terug op je laatste benen, je zoekt naar plakrandjes om jezelf bij elkaar te houden, je  denkt aan theemomentjes, tussendoortjes,  een ommetje kan ook.   ’s avonds probeer je terug te schakelen,  geleidelijk af te remmen voor het naderend  stoplicht van de nacht, je verlaat je  gedachtenachtbaan, de haast begint  uit je te lekken, je krijgt schemerplekken in  je hoofd, vindt je weg in het halfdonker,  je automaat kan op parkeerstand, alles mag dimmen, de leunstoel lonkt.   je geeft toe dat je moe bent en toch geef je  er liever niet aan toe want hoe overbrug je het  gapend gat tussen waak en slaap,  slaapverwekken is een woord dat in je  opkomt maar hoe verwek je zoiets?   op goed geluk stap je dan maar met beide  benen in bed, sluit je ogen en hoop  je dat er ergens van binnen een knopje  omgaat dat je hoofd op ‘niet storen’ zet zodat  je zonder moeite aan het uiteinde van je dag  kunt beginnen.

Hedianne
0 0

op smaak

bij een slecht gedicht zeggen ze al snel: je bakt er  niks van, gebakken lucht klinkt nog erger want je wilt niet als opgeklopt overkomen of dat  je baksel als smakeloos wordt afgedaan, je  probeert daarom een proeverij te organiseren  met voor ieder wat wils.   je hoopt natuurlijk dat je schrijfsel niet te  zoetsappig is, een onsje minder maakt de tongen  vaak al wat losser, maatschepjes brengen cadans  in je woordenbrei.   kijk wel uit voor ongezouten zinspelingen,  een puntje Sel de Marin op het scherp van de  snede is een aanrader om flauwvallen te  voorkomen, men houdt doorgaans niet  van zouteloze grappen.   de zuurgraad kun je ook maar beter in de gaten  houden, anders krijg je pruilmondjes en zuinige  blikken naar je toe geworpen waar je schrijnplekken van krijgt, bovendien heb je kans  dat je baksel al bij de eerste hap als niet te  pruimen van tafel wordt geschoven en je voor  azijnpisser wordt uitgemaakt.     vergeet in ieder geval het bitter van de  spijtoptant, de misantroop, de tekort gedane  Sammy die weigert het loden hoofd op te tillen  en omhoog te kijken, bitterzoete pillen  zijn moeilijk door te slikken, je wilt  braakneigingen vermijden en dat je woorden ruimte laten voor een glimp blauwe lucht.    je huivert even als je denkt aan zoetgevooisde  declameerstemmen die straks misschien je  woorden als zoete broodjes over de toonbank  laten rollen, je wilt niet dat ze klinken als holle gomballen die aan je gehemelte blijven  plakken als je ze probeert door te slikken, beter  draag je voor uit eigen werk, smaakversterkers  roepen soms allergische reacties op.    als schrijver is het handig je te verdiepen in de  vijfde smaak, je ziet umami vaak over het hoofd,  alleen al vanwege de naam, terwijl dit juist het  geheime ingrediënt is dat van eten een beleven  maakt.   in tegenstelling tot het poesiepoesiealbum, dat in  flesvorm minstens 20 suikerklontjes per liter  bevat, gaat het bij umami om volle en aardse  smaken, denk aan dieprode tomaten, zeewier,  paddenstoelen, als het ontbreekt voel je het  gemis op je tong, je eet je bordje leeg maar  de tevreden zucht na afloop blijft uit, het  nagerecht lonkt.    woorden kunnen wel degelijk smaakmakend zijn,  als je de juiste verhoudingen weet te vinden,  vroeger werd je al verteld dat je niet van suiker  was, dat geldt ook voor gedichten, je leest nu  eenmaal niet voor de kick of om je acute honger  te stillen, maar voor een prettige nasmaak die je  je lachrimpels zichtbaar maakt, een gedicht moet de juiste bite hebben, zoals een muzikant de  juiste toon treft, zodat je kunt zeggen:  hier ben ik vol van. 

Hedianne
0 0

lummeltijd

het fijne van elders is de lege ordelijkheid  waardoor je direct ziet dat er een kopje ontbreekt  of dat er in ieder geval een aardappelschilmesje  aanwezig is, je kunt je ergeren aan de te kleine  soepkommetjes, maar je oog valt ook op  vlekkeloze planken, geboende vloertegels, de  afwezigheid van haren in het ligbad, alles  herinnert je eraan dat je vertrokken bent, dat er  niks te doen is, dat het je taak is om te lummelen  zonder te proberen daar beter in te worden.   vakantie is eigenlijk dat: er is geen hooi om op je  vork te prikken, je boerenkiel kan uit, je hoeft  geen eigen boontjes te doppen want je hebt aan  kant-en-klare maaltijden gedacht.    je kunt de boel de boel laten, ook al is het thuis  een janboel, er zijn geen potjes die ketels iets  verwijten, want alles glimt als nieuw, de  schilderijen aan de muur zijn als ambient music,  je kunt ernaar kijken zonder iets te zien, vanzelf  schuift je blikveld naar de leegte van witte muren,  tijdloze meubels en lampen die de sfeer niet  verlichten maar het gewoon doen.   buiten, op het platje aan water, kun je zitten om  te zitten, je onledig houden met het kijken naar  schaatsenrijdertjes op het wateroppervlak of in  het kroos happende eendjes, of je kunt er wat  ronddrentelen want waarom ook niet, je wilt een  wandeling maken maar stelt het toch zo lang  mogelijk uit, want niets hoeven voelt zo lekker,  iets in je zegt dat je zou moeten koken, maar je doet het niet, potjes en restjes maken je heerlijke  huisje tot restaurant, je geeft jezelf een fooi na  afloop en voelt wat nieuwigheid in je opborrelen.   je ontdekt dat lummelen geen plek is maar je  moet er wel plaats voor maken, het is dan wel  een werkwoord maar toch eerder een rustoord  waar werkschuwe zielen antwoorden kunnen  vinden op niet gestelde vragen, want de oren van  het lijf gaan liever lellebellen in hun  schelpenhangmat,    lummelen neemt leeftijd en ademruimte in, maar  heeft een tijdloos design, vorm en inhoud zijn  twee woorden voor hetzelfde, de stilte is in de  beweging, het is een soort ebben tijdens de  vloed.   weer thuis wacht de rommel, het onkruid, de  volle wanorde, het gebrek aan lummeltijd, het  moeten, het tijdsbestek, de man van de  warmtepomp, hij noteert vast de volgende  afspraak voor over een jaar, je voelt een drang tot  uitpakken, opruimen, wasmachines draaien, je  draait mee met de trommel, rond en rond, je  zingt een wielenliedje, schoon en wel denk je op  de oude voet verder te gaan.   dan kom je erachter dat de oude voet in nieuw  schoeisel is gestoken, de maat wat groter, zodat  er een lummeltje of twee in past, die je op de  voet volgen, je merkt dat hot en her ook zonder  rennen kan en dat er stilte in de storm.

Hedianne
0 0

Burengerucht

burengerucht   er is geen houden meer aan, je word alsmaar naar buiten gezogen terwijl je binnen had willen blijven, je kunt je eigen stem amper meer horen door de halve zinnen, de lachsalvo’s, de ronkende motoren, en als ze even zijn vertrokken, bandensporen achterlatend in je toch al metaalmoe geheugen, begint het onophoudelijke blaffen van de hond die het ook niet kan helpen dat de golflengte nooit overeenkomt, zelfs als het seinen op rood staat en je denkt dat ieder mens toch van dezelfde makelij is en wil deugen als het moet.   ook als je al je kieren hebt dichtgesmeerd en je alle rookmelders hebt vervangen door luchtreinigers, grijpt hun longinhoud je bij de keel, terwijl je vannacht nog droomde dat de rook om je hoofd was verdwenen en je ventilatoren op volle toeren draaien in je bovenkamer.   je bent pas echt de sigaar als je huid te dun is voor de geur van motorolie en je stofzuigergeluiden nu eenmaal niet kunt verdragen ook nadat je oordoppen geprobeerd hebt omdat het 24-uurs brommen van de jacuzzi inmiddels ver voorbij je gehoorgrens is geraakt en je doofheid nu vooral naar binnen gericht is.   je bent met stomheid geslagen terwijl je huis wordt overgenomen zonder aan een schuilplaats te hebben gedacht en je afvraagt of het woord stilte voor ieder mens uiteindelijk hetzelfde betekent of dat jij gewoon in het verkeerde tijdsbeeld bent gestapt en ontsnappen via een capsule of een sleutelgat geen optie meer is.   je dacht hier te kunnen wonen en ook al heb je jezelf inmiddels onbewoonbaar verklaard zijn er altijd die de toegang forceren, en je huis vullen met ongenode gasten, terwijl jij blijft rondspoken in je stoffige zolderkamer, op zoek naar kennismaking.

Hedianne
3 0