mijn gedachten spinnen garen van beton
de fluwelen revolutie van de reetpatisserie
dagen raden bij dageraad
nachten daden bij dadenraad
bij het vallen van de avond
als een vlieg in de minnestrone
een handhaven aan weerskanten van mijn broek
voor de handen een zoeken zoeken te sto-
de o die hoorde dat de zin niet zou stoppen stottert als een geraakte halslagader
een vulkaan die op uitbarsten staat
voor het onploffen wolken voor zich dicht schuift
omwonden
peuteren
keuteren krabben
schrobben schuren
een ongeluk is vaak in
goed gezelschap
een lidteken
met dt
een tak die wil rollen door het gras,
tikt op de ruit
zich strekkend tot ie
fnuikt
van het schuddebuiken
en baden in de vijver van het park
een takje in mijn zij
stond mij daarbij bij
zacht schrijf ik, schuif ik mij in de fluwel analen van
de taal die door mij trekt