De echte Waarheid

Maya
3 feb 2016 · 0 keer gelezen · 0 keer geliket

Ze zat in haar auto en vervloekte het trage verkeer en het feit dat ze niets wist over de man. Ze had de opdracht nog maar een paar minuten geleden gekregen. Ze moest de man een rondleiding geven door de stad. Hij verwachtte haar om één voor tien bij de snoepautomaat in het station. Tijd had ze nog meer dan genoeg, maar ze kwam liever te vroeg dan te laat. Om de tijd te doden, speelde ze wat met het mes in haar mouw. Ze ging nooit weg zonder een wapen. Meestal had ze haar revolver en een mes bij zich. Als de man echt ongevaarlijk was, zoals Jules beweerde, zou ze haar wapens waarschijnlijk niet eens nodig hebben.

Ze vertrouwde Jules, hij had haar immers nog nooit in de steek gelaten en zou haar nooit de dood in jagen. Hij zorgde er altijd voor dat er een betrouwbare back-up ploeg achter haar stond. Ook stond hij altijd klaar om extra informatie op te zoeken en die aan haar door te geven. Jules vertrouwde ze, haar nieuwe baas vertrouwde ze niet. Ze kende zijn naam niet eens. Hij was nu ongeveer een jaar haar baas en deed niet anders dan iedereen opdrachten geven. Zelf nam hij nooit een opdracht aan terwijl haar vorige baas dat wel deed.

Om twee voor tien parkeerde ze haar auto vlak voor de ingang van het station. Ze schrok toen ze het stationsgebouw binnenliep. De man die op haar stond te wachten, kende ze goed, zeer goed zelfs. Ze had niet verwacht hem ooit nog terug te zien, zeker niet na wat er tien jaar geleden gebeurd was. In minder dan een seconde herstelde ze zich en liep schijnbaar zelfverzekerd naar de man toe. Hij leek haar nog niet gezien te hebben.
"Ik ben Media. U had gevraagd om u te begeleiden door de stad?"
De man drukte haar de hand. "Light…euhm…John Light, aangenaam kennis met u te maken. Ik hoop dat het u niet stoort."
"Helemaal niet. Ik kan u direct een aantal mooie plaatsen laten zien als u wilt, mijn auto staat hier vlak bij."
"Graag." Hij schonk haar een glimlach.

Toen ze waren ingestapt, reed Media zo snel ze kon de stad uit. Ze wist heel wat verlaten plekjes waar niemand hen zou kunnen storen. Onbewust taste ze een paar keer naar haar mes. Toen ze aankwamen bij een bos op een verlaten grindweggetje, stopte ze bruusk haar auto. Ze stapte uit en sloeg de deur dicht. Het grind knerpte onder haar voeten. Ze deed een paar passen alvorens zich om te draaien. Haar ogen waren net kogels en haar mes lag in haar hand, klaar om gebruikt te worden.
"Hoe waag je het om hier te komen, Brandon!”
Hij glimlachte: "Je weet mijn naam nog."
"Hoe zou ik die kunnen vergeten na wat je me hebt aangedaan?"
"Media, het..."
"Nee! Van je spijt moet ik niets weten. Ik wil weten wat je hier doet, waarom niemand iets van je verleden weet en waarom je naar mij gevraagd hebt."
Ze deed een stap in zijn richting.
"Ik ben hier omdat ik je wil beschermen.”
"Ik heb geen bescherming nodig!"
"Herinner je je die nacht nog dat je ouders vermoord werden?"
"Natuurlijk. Je hebt ze zelf vermoord!"
"Nee, dat heb ik niet."
"De bewijzen spreken het tegendeel."
"Mijn DNA zat op je ouders omdat ik hen, voor ik wegging, heb bedankt omdat ze zo gastvrij waren. Daarna heb ik hen niet meer aangeraakt. Ik ben er zelf ingeluisd, Media. Het was een bende, ze wisten dat ik goed met je ouders overweg kon en dat ik er alles aan zou doen om jou te beschermen. Ze hebben me naar een hotelkamer gelokt met een smoes. Ik was toen zo naïef dat ik erin trapte. Toen ik daar aankwam, hebben ze mijn mes en revolver afgenomen en me aan een stoel vastgebonden. Ik weet dat de bewijzen voor zich spreken, maar de politie heeft mij in de hotelkamer gevonden en bevrijd de dag erna. Ik heb je ouders niet vermoord, Media. Ik houd te veel van je om je zoiets aan te doen.”
Ze keek hem onderzoekend aan. In zijn ogen las ze pijn. Ze wist dat hij de nacht opnieuw beleefde. Zelf haalde ze ook de beelden terug voor de geest.

*

Ze was naar haar kamer gegaan nadat Brandon vertrokken was. Het was al rond elf uur ’s avonds en ze moest de volgende dag vroeg op voor haar lessen. Ze sliep nog niet lang toen ze wakker werd van en knal en glas dat op de grond viel. Ze ging tegen de muur tussen haar raam en haar kamerdeur staan met een schaar in haar handen, meer bescherming had ze niet. Beneden hoorde ze geschreeuw. Het was haar moeder die iets riep dat op ‘geen kinderen’ leek. Ze hoorde een tweede knal en nog meer geschreeuw van haar moeder. Ze zakte op de grond ineen. Die schreeuw kon maar één ding betekenen, haar vader was dood. Het werd stil toen de schreeuw abrupt werd afgebroken, te stil. Ze bleef ineengedoken zitten met de schaar in haar handen, tranen rolden over haar wangen. Van de rest van die nacht en de dagen erna herinnerde ze zich alleen nog maar flarden. CIA-agenten die haar meenamen, ellenlange gesprekken over wat er gebeurd was, honderden zakdoeken, slapeloze nachten, de melding dat Brandon de dader was…

*

Ze stopte de beelden weer weg.
“Waarom nu? Waarom niet tien jaar geleden?” Ze voelde de woede van toen terug opkomen.
“Je had me niet geloofd en toen ik eindelijk onschuldig werd verklaard, was je al overgeplaatst en had men al je informatie al vernietigd. Het heeft jaren geduurd voor ik je vond.”

Voordat ze kon antwoorden, ging haar mobieltje af. Geïrriteerd nam ze op.
"Jules, wat is er?"
"Is Brandon nog bij je?"
“Ja.”
“Oké, zet me op speaker."
"Al gebeurd."
"Oké, goed luisteren allebei. Jullie zijn in gevaar. Brandon vroeg me om het dossier van je ouders eens in te kijken en het is waar wat hij zegt. Hij heeft ze niet vermoord. Het was je baas, beter gekend als de Black Cat. Hij was lid van een bende, maar alle leden ervan zijn dood. Men vermoedt dat hij er voor iets tussen zit. Ook heeft hij jouw ouders gedood, maar omdat er een tekort aan bewijsmateriaal was, door onder andere het feit dat Brandons wapens en DNA aanwezig waren, konden ze hem niet aanhouden.”
“Ik weet genoeg, Jules. Dankje.” Ze klemde haar kaken op elkaar zodat ze niet zou beginnen te schreeuwen.
Ze stak haar mobieltje in haar zak en draaide zich om.

Met een luide pok boorde haar mes zich in de stam van een boom.
"Ik had het moeten weten! Ik had godverdomme moeten weten dat hij het was! Alle opdrachten die hij mij gaf, allemaal met het doel mij te doden. De enige reden dat ik nog in leven ben is omdat ik Jules’ back-up ploeg achter me heb staan." Ze ijsbeerde op het grindweggetje.
Brandon nam haar arm vast. "Media, het is niet jouw schuld. Jij hebt niets verkeerd gedaan."
"Ik heb je ten onrechte beschuldigd." Ze keek weg.
"Het heeft je sterk gemaakt. Ik heb veel meer dingen fout gedaan." Hij nam haar kin vast en tilde haar gezicht op zodat ze hem aankeek.
"Zoals?"
"Ik heb je verlaten die nacht, ik had het kunnen voorkomen als ik was gebleven." Zijn stem was niet meer dan een gefluister.
"Dat weet je niet, je had evengoed dood kunnen zijn, Brandon." Ze schudde zich los uit zijn greep en haar mes uit de boom haalde.
“Waarom heb je me niet gewoon gebeld of ben je niet gewoon naar me toegekomen?”
“Ik ken je, Media. Je zou nooit naar me geluisterd hebben als je wist dat ik het was.”
“Daarom heb je Jules laten doen alsof het een opdracht was en hem gevraagd het dossier van mijn ouders in te kijken. Hoeveel overtuigingskracht heb je daar voor nodig gehad?”
“Minder dan bij jou.”
Ze gaf hem een stomp en stapte naar haar auto.
"Kom we gaan naar huis. Ik heb nog heel wat te bespreken met je."

Brandon stapte na haar de auto in en legde even zijn hand op haar been. Media had de auto nog niet gestart, dat was niet een van haar gewoontes.
"Wat is er?" Hij streelde zachtjes haar kaak.
"Er klopt iets niet, ik voel het." Ze nam zijn hand vast en haalde hem van haar kaak.
Plots drong het tot haar door. Het getik waarvan ze dacht dat het van de motor kwam, was een heel ander soort getik. Ze duwde hem van haar weg.
"Ga uit de auto! Nu!"
"Maar..."
"Ga!"
Haar dwingende, angstige ogen zorgden ervoor dat hij uitstapte. Media nam haar mobieltje, drukte Jules’ sneltoets in en stapte uit. Op dat moment explodeerde de auto. Media werd met een immense kracht naar voren geslingerd. Ze rolde zich op toen ze grond onder zich voelde en kwam een eind verder tot stilstand. Ze zat op haar hurken, met een hand op de grond geleund en keek naar haar auto. Haar mes hield ze stevig in haar andere hand. Ze voelde dat haar rug helemaal verbrand was. De pijn deed haar goed, maar putte haar lichaam uit. Toch moest ze kost wat kost Brandon zien te vinden. Ze kwam overeind en stapte moeizaam naar de andere kant van de auto. Bij elke stap ging er een pijnscheut door haar lichaam.
Ze vond hem een aantal meter van de auto vandaan.

Hij lag op zijn rug en bewoog niet. Zijn T-shirt was weggebrand en zijn handen zaten onder de blaren. Media ging naast hem liggen, met haar hoofd in zijn oksel. Zo lagen ze vroeger ook altijd en het voelde nog steeds perfect. Heel zacht hoorde ze zijn hartslag. Ze smeekte hem in leven te blijven terwijl bij haar de duisternis intrad. Ze vroeg zich af waarom ze in godsnaam deze baan genomen had en hoe het zou geweest zijn wanneer ze dat niet gedaan had. De duisternis nam haar mee. Ergens ver weg dacht ze nog sirenes te horen, maar ze was te ver heen om het met zekerheid te kunnen zeggen. Het laatste wat ze dacht was dat Black Cat zou boeten voor wat hij hen had aangedaan, al koste het haar het leven.

Geraakt door deze tekst? Maak het hartje rood of deel de woorden met je vrienden.

Zo geef je mee een stem aan de woorden van deze schrijver.

Maya
3 feb 2016 · 0 keer gelezen · 0 keer geliket