Een Baobab-tasje geeft ze met me mee.
Daarin drie zakjes en een briefje.
'Voor jou, Hilde,
omdat je niet meer naar het zuiden kunt,
laat ik je deze heerlijke kruiden
voelen en opsnuiven, en je wegdromen.
Innige knuffel, Tina'
Mijn zus was boos op je,
toen je mij verliet, maar
loslaten kan ze niet.
Lavendel, rozemarijn en tijm
wil ze op je sterfbed schenken.
Je weigert beleefd: ''t Is lief,
maar de geuren zijn te sterk.'
Ik heb de zakjes geopend.
Ze geuren in mijn keuken
onder foto's gemaakt
in de Provence, de reis
die je je nog herinnert.